Hoofdmenu openen

De regering-De Brouckère regeerde over België van 31 oktober 1852 tot 30 maart 1855 en was homogeen-liberaal samengesteld. De regeringsleider was tevens minister van buitenlandse zaken.

VerloopBewerken

Bij de verkiezingen van 1852 leden de liberalen een nederlaag, hoewel ze hun parlementaire meerderheid nog niet verloren hadden. De Regering-Rogier I nam op 9 juli 1852 ontslag, waarna koning Leopold I eerst aan de voormalige liberale premierJoseph Lebeau en vervolgens aan de liberale voorzitter van de Kamer van Volksvertegenwoordigers Pierre-Théodore Verhaegen vroeg om een nieuwe regering te vormen. Beiden weigerden echter.

Koning Leopold I kon de uittredende premier Charles Rogier ervan overtuigen om aan te blijven, maar nadat Pierre-Théodore Verhaegen door de Kamer niet meer herkozen werd als voorzitter, omdat de gematigde liberalen met de katholieke oppositie meestemden, nam de Regering-Rogier I op 25 september 1852 opnieuw ontslag. Vervolgens gaf koning Leopold aan de gematigde liberaal Henri de Brouckère de opdracht om een gematigd liberale regering te vormen en op 29 september 1852 was die met zijn opdracht klaar.

Omdat de Regering-De Brouckère een vrij unionistisch beleid voerde en de wet op het secundair onderwijs van 1850 aanpaste, kreeg de regering niet echt de steun van de meer radicale liberalen in het parlement. Het beleid van de regering sloeg ook niet echt aan en bij de verkiezingen van juni 1854 verloren de liberalen hun parlementaire meerderheid aan de katholieken.

De regering had nu geen parlementaire meerderheid meer. Na een stemmingsnederlagen in het parlement nam Henri de Brouckère op 30 maart 1855 uiteindelijk zijn ontslag als voorzitter van de ministerraad.

SamenstellingBewerken

Minister Naam Partij
Buitenlandse Zaken Henri de Brouckère liberalen
Binnenlandse Zaken Ferdinand Piercot Liberalen
Justitie Charles Faider extra-parlementair
Financiën Charles Liedts Liberalen
Openbare Werken Emile Van Hoorebeke Liberalen
Oorlog Victor Anoul Liberalen

Zie ookBewerken