Hoofdmenu openen

Wikipedia β

Protestantisme

Titelpagina Statenvertaling

in Nederland

..Stromingen

De protestantse Reformatie was het zestiende-eeuwse schisma binnen het westerse christendom, dat ingezet werd door Maarten Luther, Johannes Calvijn en andere vroege protestanten. Het startpunt wordt traditioneel in 1517 gesitueerd, toen Maarten Luther volgens het verhaal zijn 95 stellingen ophing aan de deur van de Slotkerk te Wittenberg. Alleen is dit nooit echt gebeurd, hij heeft zijn stellingen gepubliceerd. En dankzij de boekdrukkunst is het daarna snel gegaan met de verspreiding van zijn ideeën. In zijn disputatio klaagt Luther de machtsmisbruiken van de clerus aan binnen de Rooms-Katholieke Kerk.

De contrareformatie die hierop werd ingezet, had slechts beperkt succes en bijna de helft van de Europeanen ging over naar het protestantisme. Dit ging gepaard met een langdurige serie reformatieoorlogen die meer dan een eeuw zouden duren. Dit betekende het definitieve einde van het ideaal van de res publica christiana, de christelijke staat waarin keizer en paus samenwerkten. Hoewel dit met de banale revolutie en de investituurstrijd tussen keizer en paus al langer onder druk stond, maakte het einde van de geloofseenheid in Europa de weg vrij voor de soevereine staat, een belangrijke overgang van de Middeleeuwen en de Moderne Tijd.

GeschiedenisBewerken

 
Ontstaan van de verschillende stromingen in Nederland
 
Ontstaansgeschiedenis van kerken in Nederland
  Zie Protestantisme in Nederland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Volgens sommigen begon de Reformatie al in de vijftiende eeuw onder Johannes Hus. Andere vroege aanzetten tot verandering waren er al voor de vijftiende eeuw, gezien onder andere de opkomst van de Moderne Devotie van Geert Grote. Belangrijke vertegenwoordigers van de Reformatie waren Maarten Luther (Duitsland), Huldrych Zwingli (Zwitserland) en Johannes Calvijn (Frankrijk) en John Knox (Schotland). Ze hadden de bedoeling om de katholieke Kerk van binnenuit te hervormen. Door de paus en andere leiders binnen de katholieke Kerk werd de Reformatie echter afgewezen en bestreden, hierbij gesteund door rooms-katholieke vorsten onder leiding van de jonge keizer Karel V. Hierdoor kwam het tot een breuk tussen de gereformeerden en de rooms-katholieken. Ondanks het verzet groeide de aanhang van de hervormingsgezinden snel, onder meer dankzij de verbreiding van de boekdrukkunst; ook voedde de Reformatie de politieke tegenstellingen tussen Europese vorsten en edelen, met als gevolg verschillende godsdienstoorlogen en opstanden. De invloed strekte zich uit over vele landen en is tot op de dag van vandaag merkbaar in Kerk en samenleving over een groot deel van de wereld. De zestiende-eeuwse Reformatie wordt door protestanten gezien als een grote en diep ingrijpende opwekking in de Kerk.

Luther verzette zich tegen het idee dat de mens zelf zijn redding moet bewerkstelligen. Hij greep terug op de teksten van de apostel Paulus, waarin deze uitlegt dat redding voortkomt uit de genade van God, niet uit werken van de mens. Luther verzette zich daarom sterk tegen de handel in aflaten. Een belangrijk verschil tussen Luther en een verlichte denker als Erasmus was dat Luther de leer van de vrije wil tot het goede afwees, terwijl Erasmus deze juist verdedigde.

Het nieuws over Luthers reformatorische ideeën verspreidde zich door de drukpers snel over de rest van Europa. In Engeland richtte Hendrik VIII de Kerk van Engeland op en werden de kloosters gesloten. Hendrik VIII deed dit echter niet uit sympathie voor Luther, maar omdat hij van de paus geen toestemming kreeg om te scheiden van zijn echtgenote Catharina van Aragon. In Denemarken slaagde Christiaan III er met de hulp van de Hanzesteden in om het Lutheranisme op te leggen aan Denemarken en Noorwegen. In Zweden benoemde koning Gustaaf I Wasa zichzelf tot hoofd van de Zweedse Kerk en dwong zijn onderdanen om de Lutherse hervorming te aanvaarden. Ook Frankrijk, Schotland en Zwitserland waren ontvankelijk voor de nieuwe ideeën. De man die zich zou ontpoppen als de belangrijkste protestantse hervormer van Europa was een Fransman genaamd Johannes Calvijn.

De beweging van Calvijn, die later het calvinisme genoemd zou worden, zorgde voor een tweede reformatorische golf, nadat aanhangers van het lutheranisme van Maarten Luther de eerste vervolgingen door de Rooms-Katholieke Kerk hadden ondervonden.

De Nederduits Gereformeerde Kerk volgde een geloofsleer zoals die in het jaar 1561 door Guido de Bres in de Nederlandse Geloofsbelijdenis was samengevat. Voor het onderwijs in de kerken maakte men gebruik van de door Petrus Datheen vertaalde Heidelbergse Catechismus, opgesteld in 1563.

Als onderdeel van het reformatorische streven ontstond in de 16e eeuw de revolutionaire stroming van de Wederdopers. Zij werden, mede vanwege hun kritische houding ten opzichte van Kerk en overheid, zwaar vervolgd, niet alleen van rooms-katholieke zijde, maar ook door lutheranen en calvinisten. In later tijd kregen zij de naam van Doopsgezinden. Een van hun leiders was de Fries Menno Simons; doopsgezinden werden - naar hem - ook wel Mennonieten genoemd.

Stromingen binnen de ReformatieBewerken

Zie ookBewerken