Liturgie

protocol voor eredienst
Deel van een serie artikelen over het
christendom
Christendom
Pijlers
Christelijke feesten

Portaal  Portaalicoon  Christendom

Liturgie is het geheel van voorgeschreven gebeden, ceremoniën en handelingen die een eredienst uitmaken. Zo spreekt men over de katholieke liturgie, de oosterse liturgie, etc.

GeschiedenisBewerken

Oude GriekenlandBewerken

Het woord is afgeleid van het Oudgriekse woord λειτουργία (leitourgia), dat "volksdienst" betekent. In de Griekse stadstaten werd dit woord gebruikt voor een publiek goed dat een rijke burger uit eigen middelen financierde, ofwel vrijwillig of omdat het door de wet werd verplicht. Voorbeelden hiervan waren het bekostigen van zangers bij een opvoering en het uitrusten van een oorlogsschip. In Athene wees de stadsraad liturgieën toe aan de rijken en er was ook een wet waarmee een man die een liturgie opgedragen kreeg terwijl een nog rijkere man nog geen liturgie had vervuld, de eerste hem mocht uitdagen om ofwel de liturgie uit te voeren of goederen met hem uit te wisselen.

Liturgie in de BijbelBewerken

In de Griekse vertaling van het Oude Testament, de Septuaginta, wordt het woord 'leitourgein' of 'leitourgia' voor het overgrote deel als term voor de cultische diensten, bijzonder die van de priester en de leviet in het heiligdom. Ook het dienen en vereren van andere goden dan JHWH kan met 'leitourgein' worden weergegeven. In de Septuagint heeft 'leitourgia' de politieke en vulgaire kleur verloren die het in het klassieke Grieks wel had.

In het Nieuwe Testament wordt aangesloten bij het gebruik van 'leitourgein' of 'leitourgia' zoals dat voorkomt in de Septuaginta. Al komen ze slechts vijftien keer voor in het Nieuwe Testament. In de meeste gevallen wordt met 'de liturgie' niet de samenkomst van de gemeente bedoelt, maar wordt het woord 'liturgie' gebruikt voor de tempeldienst, het ambt van de overheid of van Christus' priesterdienst.

Vanuit het Nieuwe Testament is bekend dat de christelijke gemeente samen kwam om:

  • Te lezen uit de Schriften (het Oude Testament) (1 Thess. 5,27)
  • De prediking te horen (1 Timotheus 4, 13).
  • De sacramenten te ontvangen
  • Te danken (zie Handelingen 2,42 en 4,24)
  • Te loven (in zang) (zie Kolossenzen 3,16 en Efeze 5 vers 19).
  • Te offeren, namelijk geld in te zamelen (collecten) (zie 1 Korinthe 16,2 en 2 Korinthe 8,9)

De eerste gemeenten namen bewust afstand van de tempelliturgie, omdat zij in Christus hun vervulling hadden gevonden. Vandaar dat de eerste gemeenten ook geen priesters of levieten kenden, maar oudsten en dienaren.

Vroege christendomBewerken

De eredienst uit de Vroege Kerk doet sterk denken aan de dienst in de synagoge. Er zijn sterke aanwijzingen dat de oudchristelijke liturgie op belangrijke punten invloed heeft ondergaan van de synagogale diensten.

In de vroege Kerk werden het oudtestamentische priesterschap betrokken op de nieuwtestamentische ambten in de gemeente. Daarnaast ontstond er naast de agape (een gezamenlijk liefdesmaal) en in aansluiting hierop ook de sacramentele eucharistieviering (mis). Het woord 'leiourgia' wordt steeds meer toegepast op de handelingen van de ambtsdragers.

De liturgische handelingen en symbolen hebben naar plaats en tijd een verschillende vormgeving gekregen. Zo kristalliseerden zich diverse ritussen uit, zoals de Byzantijnse, de Koptische ritus en de Syrische ritus. In het Westen ontstond uit de apostolische liturgieën van Rome en Noord-Italië de invloedrijke Romeinse ritus, die na het Concilie van Trente (1545-1563) voor de gehele wereld overgenomen zou worden.

Gedurende het kerkelijk jaar zijn de liturgische gewaden specifiek gekleurd volgens de liturgische kleuren.

MiddeleeuwenBewerken

In de Middeleeuwen ontstonden de zogenaamde 'pronausdiensten'. Dit waren diensten met een preek in de volkstaal, maar zonder misviering. Deze diensten werden besloten met een soort catechetisch onderwijs. In dit catechetisch onderwijs klonk het 'Onze Vader', de Tien Geboden en de Apostolische Geloofsbelijdenis.

Deze pronausdiensten zijn van grote invloed geweest op de liturgische ontwikkeling binnen de kerken van de Reformatie.

Concilie van TrenteBewerken

In de Middeleeuwen stonden in het Westen lange tijd verschillende tradities naast elkaar. Zo waren er Gallische, Keltische, Milanese en Romeinse typen van liturgie, die elk hun eigen accenten legden. Pas het concilie van Trente bracht in liturgisch opzicht een grotere eenheid. Vanaf dat moment werd de liturgie uit Rome niet alleen toonaangevend, maar ook de enige voorgeschreven liturgie.[1]

ReformatieBewerken

Uit de misviering ontwikkelde zich na de Reformatie binnen de protestantse kerk een eigen manier van vieren. Binnen de reformatie ontstonden verschillende stromingen, zoals Luthers, Calvinistisch en Anglicaans. Binnen deze stromingen werden eigen accenten gelegd, maar overal kreeg de lezing van de Schriften en de prediking van de Schrift meer ruimte dan men voor de Reformatie gewend was.

De liturgie werd vrijwel ingeperkt tot lezing(en) uit de Bijbel met uitleg (preek). Later werden door de reformatorische kerken uitgebreidere liturgievormen ontwikkeld. Waar de nadruk binnen de mis zowel op de Dienst van het Woord (Liturgia Verbi) als op de Dienst van het Altaar (Liturgia Eucharistica) ligt, ligt deze binnen de protestantse kerkdienst enkel op het gelezen en gepredikte Woord. Een beschrijving van de liturgie in een protestantse kerk kan men vinden op het lemma over de kerkdienst.

De liturgie in een evangelische of charismatische gemeente wordt gekenmerkt door een informele sfeer en worden veelal andere of modernere muziekinstrumenten gebruikt dan in traditionelere kerken.

Volgens de christelijke gereformeerde predikant Dingeman Quant liggen de wortels van het Consistoriegebed in de tijd van de Reformatie, speciaal in de vluchtelingengemeenten uit die tijd. Het gebruik ontstond om dat het in die tijd geen uitzondering was dat kerkdiensten verstoord werden door politie of vertegenwoordigers van de kerk die men verlaten had. Hierdoor had men de behoefte om voor de dienst te bidden om een goed verloop.[2]

Negentiende en twintigste eeuwBewerken

In 1911 verscheen Onze Eeredienst van de gereformeerde Abraham Kuyper en Liturgie van J.H. Gerritsen. In 1923 publiceerde de Groningse hoogleraar en Nederlands Hervormde predikant Gerardus van der Leeuw Waarom liturgie? Beginsel en praktijk. Deze publicaties zijn van groot belang geweest voor de ontwikkeling van de liturgie in Nederland. Daarnaast is van belang dat in 1920 de liturgische kring wordt opgericht.

Gerardus van der Leeuw stelt dat de liturgie een 'ambtelijk vastgestelde vorm van het verkeer tussen God en Kerk' is. De grondvorm van dit verkeer is volgens hem de 'vleeswording van het Woord'. Van der Leeuw pleit voor een sacramentele eredienst, maar wijst de rooms-katholieke sacramentsbeschouwing af.

De hervormde Oepke Noordmans reageert op deze liturgische ontwikkelingen. Zo geeft hij in 1939 zijn boek Liturgie uit. Volgens Noordmans moeten we bij liturgie niet zozeer denken aan de (aardse) tempel of eredienst, maar aan het heilswerk van Jezus in de hemel dat verkondigd moet worden en aan het apostolaat van de apostel Paulus. Dit betekent dat hij pleit voor een sobere eredienst waarin de verkondiging van het Woord centraal staat, tegelijk betekent dit dat hij zich afzet tegen een eredienst die gekenmerkt wordt door het offer (de mis) en door het mysterie. Het gaat volgens Noordmans in de kerkdienst immers om de bemiddeling van het heil en niet om de voortzetting daarvan.

Gereformeerde synode van Middelburg 1933Bewerken

De synode van de gereformeerde kerken vergaderde in 1933 in Middelburg. Deze stelde een orde van dienst vast die lange tijd van grote invloed is geweest op veel gereformeerde kerken. De orde zag er als volgt uit:

In de middagdienst moest het voorlezen van de Tien Geboden vervangen worden door de belijdenis van het geloof.

Voorbeeld van hedendaagse liturgieBewerken

Veel traditioneel gereformeerde kerken houden een orde van dienst aan die sterk lijkt op bovenstaande orde van dienst uit Middelburg. Een doorsnee protestantse dienst heeft ongeveer de volgende orde van dienst:

  • Consistoriegebed
  • Aansteken van de kaarsen
  • Gebed van toenadering / Drempelgebed
  • Intochtspsalm (Introïtuspsalm)
  • Kyrie en Gloria
  • Zondagsgebed (Collecta)
  • Schriftlezingen
  • Antwoordpsalm of lied
  • Prediking
  • Geloofsbelijdenis
  • Gebeden
  • Toebereiding van de tafel
  • Gebed over de gaven
  • Tafelgebed
  • Onze Vader
  • Communie
  • Dankzegging
  • Wegzending en zegen

Externe linkBewerken

  1. De weg van de liturgie : tradities, achtergronden, praktijk. Meinema, Zoetermeer (1998), 44. ISBN 90-211-3679-1.
  2. (nl) D. Quant, Digibron.nl, HANDDRUK EN CONSISTORIEGEBED. Digibron.nl (20000901). Geraadpleegd op 2020-07-06.