Gereformeerde Gemeenten in Nederland

kerkgenootschap in Nederland

De Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) vormen een kerkgenootschap van bevindelijk gereformeerd karakter, dat ontstaan is in 1953 na een scheuring in de Gereformeerde Gemeenten. Het kerkverband bestaat uit 48 Nederlandse gemeenten, 4 gemeenten in Noord-Amerika (deze staan bekend als Reformed Congregations in North America), en een gemeente in Pretoria (Zuid-Afrika). Per 1 januari 2022 telde het kerkverband 23.695 leden.[2]

Gereformeerde Gemeenten in Nederland
Indeling
Hoofdstroming protestantisme
Richting gereformeerd, calvinistisch
Voortgekomen uit Ger. Gem. in 1953
Afsplitsingen Ger. Gem. in Ned. (buiten verband) in 1980
Aard
Locatie Nederland, Noord-Amerika en Zuid-Afrika
Aantal leden 23.695 (op 1 januari 2022)
Karakter bevindelijk gereformeerd
Oprichter(s) dr. Cornelis Steenblok
Leider dr. Jan Weststrate (preses van de Generale Synode van 2023) en C. Dubbeld (scriba-questor) (zij vertegenwoordigen op basis van DKO art. 29 waar nodig de synode in rechte na de laatst gehouden vergadering).[1]
Hoofdkwartier Kerkelijk Bureau, Burg. Lodderstraat 41, Opheusden
Overzicht
Officiële website https://www.gergeminned.nl/
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Protestantisme

Titelpagina Statenvertaling

in Nederland

..Stromingen
Kerkinterieur Gereformeerde Gemeente in Ned. te Barneveld
Gereformeerde Gemeente in Nederland De Beek-Uddel
Ds. F. Mallan was jarenlang hét gezicht van Gereformeerde Gemeenten in Nederland
Ontstaan van de verschillende stromingen in Nederland
Ontstaansgeschiedenis van kerken in Nederland

Geschiedenis bewerken

De directe aanleiding van de scheuring in 1953 vormde de afzetting van dr. Cornelis Steenblok als docent aan de Theologische School van de Gereformeerde Gemeenten te Rotterdam. Hij werd na zijn overkomst uit de Gereformeerde Kerken in Nederland in 1944 vrijwel direct docent aan de Theologische School in Rotterdam. Ds. Kersten zag in hem als academisch gevormd predikant een aanwinst voor de Gereformeerde Gemeenten. Ds. R. Kok en ds. A. Verhagen waren minder ingenomen met de aanstelling van Steenblok en ook ds. Fraanje zag aanvankelijk de aanstelling van dr. Steenblok niet zitten. Toen ds. Kok echter door ds. Kersten beschuldigd werd van remonstrantisme veranderde Fraanje van mening. Op gezag van Fraanje werd Steenblok alsnog docent. Na het overlijden van ds. Kersten werd hij als docent ontslagen omdat zijn onderwijs "te eenzijdig zou zijn."

Ongerustheid over de leer van ds. R. Kok uit Veenendaal bewerken

 
Kerkgebouw te Opheusden

In 1949 ontstond binnen het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten ongerustheid over een boekje van ds. R. Kok Het aanbod van Gods genade. Eerder had ds. Kok bezwaren geuit op de theologische denkstructuur van dr. Steenblok. Bepaalde stellingen die hijzelf innam moest hij later herroepen. Toen er bezwaren kwamen op zijn prediking besloot ds. Kok het gewraakte boekje uit te geven. Ds. Kok kon met zijn publicatie de onrust niet wegnemen. Volgens de bezwaarden werd in dit boekje "afgeweken van de aloude leer der waarheid" en in het bijzonder "de doodstaat van de mens werd erin geloochend." Nadat verschillende classisvergaderingen zich erover gebogen hadden, werd op de Generale Synode van 1950 het boekje van ds. Kok veroordeeld op grond van de volgende punten:

  1. Vereenzelviging van aanbieding en belofte der zaligheid aan allen, met alle gevolgen daarvan.
  2. Verwarde voorstelling inzake het gebruik van Wet en Evangelie in de uitwendige roeping en daardoor verwaarlozing van de leer der drie stukken: ellende, verlossing en dankbaarheid; alsook van het plaatsmakend werk, de toeleidende wegen en de bevindelijke gangen.
  3. Verwarde verbondsbeschouwing, voor zover die naar voren komt. In feite is deze bij hem, dat alle gedoopten de toezegging gedaan wordt, zodat ze allen in het genadeverbond zijn. Met een wettische eis wordt bij hem aangezet, om te geloven, in plaats dat door de eis, als element van de wet, als kenbron van ellende, ontdekt wordt aan de staat van zijn ellende.

Ds. Kok bleef vast houden aan de stelling "dat de beloften van het genadeverbond gelijk staan aan de aanbieding van het evangelie" en gaf aan "zijn stellingen te willen bevestigen, omdat hij meent dat God het zo in Zijn Woord zegt." Geen enkele overreding weet hem ervan af te brengen. Op de Generale Synode van 11 januari 1950 onder leiding van ds. D.L. Aangeenbrug, die in 1942 was overgekomen vanuit de Christelijke Gereformeerde Kerken, werd het bezwaar behandeld van de Particuliere Synode West tegen het boekje van ds. Kok. Hierin zou te weinig naar voren komen dat er een onderscheid bestaat tussen de beloften van het genadeverbond alleen voor de uitverkorenen, en de aanbieding van het Evangelie die tot allen komt die het Woord horen. Ds. Kok werd geschorst voor de duur van een half jaar, maar deze besloot zich hierop met zijn gemeente in Veenendaal los te maken van het kerkverband. In 1956 werd hij met het grootste gedeelte van zijn gemeente opgenomen in het kerkverband van de Christelijke Gereformeerde Kerken.

Afzetting dr. C. Steenblok als docent Theologische School bewerken

Echter na het vertrek van ds. Kok waren de verschillen niet weggenomen. Dit leidde tot een scheuring in het kerkverband op de synodale vergadering in Utrecht op 3 en 4 juni 1953. Op de voortgezette synode van 13 april 1950 diende ds. A. Vergunst (1926-1981) een aanklacht in tegen dr. C. Steenblok "omtrent diens wijze van doceren", vanwege diens mening "dat de geschriften van de Erskines en Boston met een remonstrantse draad doortrokken zijn", Steenblok zou zelfs gezegd hebben: "Door de Erskines loopt een draad van algemene verzoening." Ook in de voorstelling "dat er alleen een aanbod van genade is aan bewuste zondaren en niet aan allen die onder het Woord leven" kon Vergunst zich niet vinden. Dr. Steenblok loochende volgens hem het algemeen welmenende aanbod van genade.

Volgens ds. F. Mallan was dr. Steenblok het inderdaad "wat betreft het bevindelijke element bij de Erskines ten volle met hen eens, maar wat betreft hun visie op het aanbod van genade kon hij het niet eens met hen zijn. De Erskines zouden het Amyraldisme hebben overgenomen. Dat was een richting die de remonstrantse en contra-remonstrantse leer wilde verbinden." Ds. Mallan sprak met veel achting over dr. Steenblok: "Hij had een stipt leven. Ik liep met hem over straat. Er liepen een paar meisjes achter ons, die Gods Naam misbruikten. Hij keerde zich om en vermaande ze ernstig. Hij schaamde zich voor geen mens: in de trein niet, in de tram niet, in de bus niet, hij kwam er altijd voor uit. Dat gaf mij achting voor die man. Mijn achting is altijd nog gestegen voor hem. Ik ben bij zijn sterfbed geweest. Daar lag geen doctor, maar een arme zondaar."[3]

Op de Synode van 1953 bracht ds. J. van den Berg (Utrecht) plotseling het onderwijs van dr. Steenblok ter sprake en deze kreeg hierop nauwelijks nog de gelegenheid om zich te verdedigen. Volgens M. Golverdingen werden op deze synode "ernstige beleidsfouten gemaakt." De synode onthief Steenblok van zijn functie als docent "wegens diens eenzijdigheid in het geven van onderwijs." Hierop verlieten de predikanten Aangeenbrug, Mallan, Van der Ketterij, Steenblok, de ouderlingen Vermeulen, Bas (Alblasserdam) en Hage en anderen de vergadering. De volgende dag werd van synodale zijde het curatorium ontbonden en werden de predikanten Aangeenbrug, Mallan en ouderling Bas niet meer gekozen. Dit alles zou van tevoren reeds afgesproken zijn, zodat ds. Mallan sprak van "een complot". "Wij hebben ons niet afgescheiden." "Er bleef niets anders over dan de synode te verlaten." Na het overlijden van de predikanten G.H. Kersten en J. Fraanje zou het "achteruit gegaan zijn" in het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten wat betreft predikanten en ambtsdragers. Er was een sterke weerstand tegen dr. Steenblok. In plaats van hem werden tot docent benoemd de predikanten L. Rijksen en J.W. Kersten.

Aan de bezwaarden werd een ultimatum gesteld die bestond uit

  1. Terugneming van de onbetamelijke woorden die zijn gesproken
  2. Erkenning van het onkerkrechtelijke van het verlaten van de vergadering
  3. Het betuigen van leedwezen over het optreden
  4. Het erkennen en aanvaarden van de genomen besluiten.

Toen hierop werd geantwoord dat aan die eisen niet kon worden voldaan, sprak ds. A. Verhagen: "Dan hebt u zich hierdoor buiten het verband van de Gereformeerde Gemeenten gesteld."

Vorming kerkverband bewerken

In de beginperiode had het kerkverband vijf predikanten, D. L. Aangeenbrug, M. van de Ketterij, F. Mallan, dr. C. Steenblok en C. van de Woestijne. In 1956 kwamen ook de predikanten T. Dorresteijn en H. Ligtenberg naar de Gereformeerde Gemeenten in Nederland over. Na het overlijden van dr. Steenblok in 1966 tot aan zijn eigen overlijden in 2010 had de predikant F. Mallan de leidende rol in het kerkverband. Hij was sinds de oprichting van het kerkverband hieraan als predikant verbonden en was lange tijd hoofdredacteur van het kerkelijk blad van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, De Wachter Sions. Dit blad verschijnt vanaf 28 augustus 1953.

Scheuring 1980 bewerken

In 1980 ontstond binnen de Gereformeerde Gemeenten in Nederland opnieuw een geschil waardoor de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (buiten verband) ontstonden met circa 3000 leden. Drie predikanten A. van den Berg, J. de Groot en A. Wink kwamen buiten het kerkverband te staan. De aanleiding van deze scheuring was dat ds. van den Berg werd geschorst. Hij zou stellen dat van wedergeboorte pas sprake kan zijn bij de bewuste geloofskennis van Christus. De Groot en Wink steunden hem en gingen met hem mee. Ze namen zeven gemeenten mee: Gouda, Veenendaal, Rijssen, Nieuwerkerk, Dinteloord, IJsselmuiden en Middelburg. De predikanten M. van Beek, F. Mallan en A. van Straalen bleven achter. Laatstgenoemde vertrok naar Noord-Amerika en na het overlijden van ds. M. van Beek werden gedurende een periode de meer dan vijftig Nederlandse gemeenten slechts door één predikant (ds. F. Mallan) gediend. In 2008 en 2009 keerden de meeste buitenverbandgemeenten geheel of gedeeltelijk terug naar de Gereformeerde Gemeenten in Nederland.[4]

Specifieke kenmerken van het kerkverband bewerken

Evenals andere orthodox gereformeerde kerkverbanden houden de Gereformeerde Gemeenten in Nederland vast aan het gezag van de Bijbel zijnde het door God geïnspireerde Woord, en de leer zoals samengevat door de algemeen christelijk en gereformeerde belijdenis geschriften de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse Leerregels [Drie Formulieren van Enigheid]. De uitleg van de Bijbel gaat volgens de beginselen van de gereformeerde hermeneutiek. Maatschappelijk-ethische thema's op basis van de beginselen van de christelijke ethiek.

Karakter van de prediking bewerken

Wat betreft de inhoud van de prediking typeerde ds. Mallan: "Men noemt ons lijdelijk. Gelukkig, dat er in de Bijbel staat dat God gevonden is van hen die naar Hem niet hebben gevraagd. Tot degenen die niet naar Hem hebben gezocht, heeft Hij gezegd: Ziet hier ben Ik. Ziet hier ben Ik. Zeker, we moeten vragen om bekering en in die weg is er wel van een zoeken sprake, maar van een oprecht zoeken niet, want dat moet door God gewerkt worden. Daar moeten we dan toch aan vasthouden. Hierin is het verschil is gelegen." De prediking van ds. Steenblok is volgens ds. Mallan van blijvende betekenis: "We vinden daarin niet alleen een zuivere bevindelijke gang, maar in de toepassing worden ook de onbekeerden op een liefderijke wijze aangesproken, en hen de weg en de mogelijkheid der bekering aangewezen."

Visie op het aanbod van genade, de doop, verbond en beloften bewerken

Met de komst van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland werd de term voorwaardelijk aanbod van genade geïntroduceerd. Men wil hiermee voorkomen dat de remonstrantse leer van de algemene verzoening voet aan de grond krijgt: "God heeft alle mensen lief. De Heere Jezus is voor alle mensen gestorven. Het ligt aan onze keuze of we behouden worden." De polarisatie tussen de Gereformeerde Gemeenten en de Gereformeerde Gemeenten in Nederland is de laatste jaren wel veel minder. Tussen beide genootschappen hebben samensprekingen plaatsgevonden, maar omdat nog wel sprake is van een duidelijk eigen profiel ligt eenwording op korte termijn nog niet voor de hand. De Gereformeerde Gemeenten in Nederland hebben bezwaren tegen de officiële formulering van de Gereformeerde Gemeenten van tweeërlei beloften. Dit kerkverband heeft dit onderscheid in 2020 gehandhaafd. Deze gedachte wordt verwoord en nader toegelicht in het boek De Schotse Verbondsleer van ds. C. Harinck.

Niet alleen de Gereformeerde Gemeenten in Nederland wijzen dit onderscheid af maar ook door hervormd-gereformeerden en door de christelijk-gereformeerden wordt dit onderscheid als niet juist bestempeld. "Hoe komt ds. Harinck er toe om deze beloften te onderscheiden in verbondsbeloften voor de uitverkorenen en evangeliebeloften voor alle hoorders?" "Wat verschilt de belofte van het evangelie dan van de belofte van het verbond?" Ook al is men het binnen het kerkverband met de z.g. 'drie-verbondenleer' niet eens, met hervormd-gereformeerd en christelijk-gereformeerd onderschrijft men evenmin de stelling dat er 'tweeërlei beloften' zijn. "Ds. Kersten en dr. Steenblok leerden heel duidelijk dat de zaligmakende beloften (zij hebben geen onderscheid gemaakt tussen verbonds-en evangeliebeloften) alleen zijn voor het ware volk van God. Laten we daaraan vasthouden."[5]

In 2021 gaf de synode van het kerkverband een brochure uit met betrekking op de thema's Verbond en Doop. Hierin wordt uitgelegd "dat er sprake is van twee verbonden met betrekking tot de eeuwige bestemming van de mens: het werkverbond en het genadeverbond." Benadrukt wordt "welke voorrechten en plichten het meebrengt om op de erve van het genadeverbond te zijn geboren en te leven. Ook benadrukt het de noodzaak om wezenlijk deel te krijgen aan het genadeverbond door de wedergeboorte." "De beloften van het genadeverbond zijn alleen voor de uitverkorenen." "Belofte en toepassing zijn één." De rijkdom van de kinderdoop wordt niet verzwegen. "Kinderen worden ingelijfd in de christelijke gemeente. De Heilige Geest zondert hen af van de wereld. De doop zet hen apart, en brengt hen onder Gods Woord, net zoals de besnijdenis in het Oude Testament het volk Israël." "Dit voorrecht schenkt echter de genade niet. „Dat staat ook in het Doopformulier: „… tenzij wij van nieuws geboren worden."[6]

De Gereformeerde Gemeenten in Nederland erkennen "dat er een onderschatting is en een overschatting van de waarde en betekenis der sacramenten." Men belijdt met het doopsformulier "dat wij met onze kinderen in zonden ontvangen en geboren, en daarom kinderen des toorns zijn, zodat wij in het rijk Gods niet kunnen komen, tenzij wij van nieuws geboren worden." "Wat nu voor Israël gold, geldt voor ons ook. De doop is in de plaats der besnijdenis gekomen, en die besnijdenis wees Israël ook zeer duidelijk op de noodzakelijkheid van de besnijdenis van het hart. Rom. 2 : 28, 29." "Alleen wedergeboorte brengt ons in het wezen van het verbond. De bediening van de Heilige doop behoort tot de uiterlijke bediening van het genadeverbond." Men erkent dat de bediening van het verbond breder is dan het wezen van het verbond: al de kinderen die leven binnen de kring van die verbondsopenbaring of bediening worden gedoopt. Volgens ds. F. Mallan was het de bedoeling van dr. Steenblok te waarschuwen voor het feit: "dat men de betekende zaak van de Heilige doop wil doen gelden voor alle gedoopten." [Verwarring tussen toezegging en toepassing van de verbondsbelofte.] "Alleen de uitverkorenen krijgen deel aan die verlossing." Men is van mening dat het doopsformulier, is opgesteld naar het wezen van het verbond en de belofte, genade en zaligheid alleen toewijst aan hen die wezenlijk begrepen zijn in het verbond. Hoewel het teken des verbonds aan alle kinderen die gedoopt worden wordt toegediend, zo gelden de beloften des verbonds alleen de uitverkorenen. Men keert zich tegen de stelling: "dat alle kinderen van gelovige ouders, die ten doop gehouden worden, in het verbond begrepen zijn en daarin blijven als ze zich er niet uitzondigen en als zij de eis van bekering en geloof maar inwilligen." "De bediening van de Heilige doop behoort tot de uiterlijke bediening van het genadeverbond." "In de doop wordt de waarheid verzegeld van het werkverbond met zijn eis en vloek." De onherborene wordt in de doop er op gewezen, dat hij onder de vloek Gods ligt, zonder God en buiten Christus. Hij wordt vermaand om in de rechte weg het wegnemen van die vloek in Christus te zoeken." Men erkent met de Heidelbergse Catechismus het antwoord op de vraag: "Zal men ook de jonge kinderen dopen?" "Ja, want mitsdien zij, alzowel als de volwassenen in het verbond Gods en in Zijn gemeente begrepen zijn, en dat hun door Christus' bloed de verlossing van de zonden en de Heilige Geest, Die het geloof werkt, niet minder dan de volwassenen toegezegd wordt, zo moeten zij ook door de doop als door het teken des verbonds der Christelijke Kerk ingelijfd en van de kinderen der ongelovigen onderscheiden worden. "De kinderen leven binnen de kring van de verbondsbediening. Daarom mogen ze van de doop niet uitgesloten worden." (..) "De doop wederbaart ons niet. Gedoopten gaan verloren en ongedoopten worden behouden. Voor ons allen zal het nodig zijn deel te krijgen aan de betekende zaak van de doop. Mocht de noodzakelijkheid daarvan maar recht gevoeld worden en mocht zo de verantwoordelijkheid, die het gedoopt zijn voor ons met zich medebrengt, maar recht op ons drukken."[7]

Traditioneel bewerken

Evenals de synodale Gereformeerde Gemeenten behield het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland een traditioneel gereformeerd karakter. Liturgisch wordt in de eredienst vastgehouden aan de Statenvertaling van de Bijbel en de psalmenberijming van 1773. Er zijn enkele gemeenten (in de provincie Zeeland) waar de Psalmen van Datheen gezongen worden. Overal worden de psalmen niet-ritmisch gezongen.

Binnen het kerkelijke leven was altijd enige gereserveerdheid voor verenigingsleven, jeugdwerk en zangkoren. Tegenwoordig zijn er wel meer dan vroeger op verschillende plaatsen initiatieven voor de jeugd. Aan kerkelijke zending doet men wel. Men steunt voornamelijk de Mbuma zending uitgaande van de Free Presbyterian Church of Schotland.

De wereldgelijkvormigheid binnen andere kerken is een punt van zorg voor de Gereformeerde Gemeenten in Nederland. De synode van 2021 besloot dit thema nader te doordenken. Het afwijzen van vaccinatie en verzekeringen komt in de Gereformeerde Gemeenten in Nederland relatief vaker voor dan in de andere orthodox gereformeerde kerkgenootschappen. Evenals de gewoonte dat een bruidsjurk van trouwende leden een gedekte (niet-witte) kleur moet hebben en de bruid geen sluier draagt.[8]

Standpunt vrouw en ambt bewerken

Evenals andere orthodox-gereformeerde kerkverbanden wijzen de Gereformeerde Gemeenten in Nederland het kerkelijk ambt voor vrouwen af. Dit op grond van met name de brieven van de apostel Paulus aan de Korintiërs. [9] In 2023 deed de Synode van de GGIN een uitspraak over de geldigheid van de doop die door een vrouwelijke ambtsdrager is uitgevoerd. De Synode sprak uit "dat de doop door een vrouwelijke predikant niet als een wettige doop kan worden erkend." Als bekend is dat de doop door een vrouw is verricht krijgen kerkenraden de mogelijkheid advies te vragen aan de classis. Het is geen vanzelfsprekend dat er wordt overgedoopt omdat men in de gereformeerde traditie altijd terughoudend is geweest met overdopen. Feitelijk is het een continuering van een standpunt dat het kerkverband in 1953 al had ingenomen.[10]

Kerkelijke eenheid en samenwerking bewerken

De Gereformeerde Gemeenten in Nederland zijn onderdeel van de bevindelijk-gereformeerde bevolkingsgroep. Men ontmoet elkaar op allerlei vlakken en er is veel onderlinge samenwerking rondom de Staatkundig Gereformeerde Partij, de Gereformeerde Bijbelstichting, het Reformatorisch Dagblad en het reformatorische onderwijssysteem.

Christelijke Gereformeerde Kerken bewerken

Wat betreft kerkelijke eenheid met de Christelijke Gereformeerde Kerken geldt hetzelfde bezwaar als beschreven staat bij de Gereformeerde Gemeenten. De samensprekingen zijn stuk gelopen op de discussie over de twee of drie verbonden. Het is opmerkelijk dat men wel waardering heeft voor de oudere generatie christelijk-gereformeerde predikanten zoals ds. J.A. Riekel, ds. N. de Jong etc, die zich nooit tegen de drie-verbondenleer van ds. Jongeleen hebben uitgesproken. Ds. J. Roos schreef op 26 augustus in de Wachter Sions naar aanleiding van het boek van ds. H. van der Ham De minste der broederen, [uit het leven van ds. N. de Jong, ds. M. Baan, ds. P. Sneep, ds. F. Bakker en dhr. A. van Rossem.]

"We denken dat de meesten van onze lezers wel van ds. F. Bakker hebben gehoord. Althans, onze belijdeniscatechisanten die een werkstuk over het gebed schreven, hadden dikwijls zijn boekje Gebedsgestalten in hun literatuurlijst. Het zijn twaalf samenvattingen van Bijbellezingen over het gebed. Inmiddels is de vijfentwintigste druk verschenen, en is het boekje reeds in zeven talen overgezet. Ds. F. Bakker behoorde met de predikanten N. de Jong, M. Baan, P. Sneep, en dhr. A. van Rossem tot het kerkverband van de Christelijke Gereformeerde Kerken. Van elke voorganger zijn, naast een levensschets, ook verschillende meditaties opgenomen. De schrijver, ds. H. van der Ham is predikant van hetzelfde kerkverband als waartoe deze voorgangers behoorden. Hij schrijft nuchter en zonder hagiografische trekken, zodat niet de voorganger maar de Heere in het middelpunt staat. Ds. Van der Ham schrijft daarom in zijn 'Woord vooraf' dat 'het gaat om het werk Gods.' Het doet weldadig aan als de levensbeschrijvingen en meditaties eenvoudig zijn weergegeven."

— Ds. J. Roos, De Wachter Sions 26 augustus 2010

"Onze geliefde overleden ambtsbroeder, ds. Mallan zei dikwijls dat er in zijn jonge tijd verschillende godvrezende leraars in dit kerkverband waren. Veelzeggend is het wat we van ds. N. de Jong lazen, namelijk: Hij zag alleen toekomst voor de Christelijke Gereformeerde Kerken in het blijven bij de Schriftuurlijke en daarom ook bevindelijke prediking.' Deze prediking kenmerkte overigens ook de prediking van de overige leraars. Zelfs professor L.H. van der Meiden die student F. Bakker lesgaf, leerde: Wie Gods Woord recht preekt, preekt bevindelijk leven.' Wel waarschuwde deze professor dat het bevindelijke leven nooit los gemaakt mag worden van de Schrift. We stemmen hiermee in, want we weten dat er veel bevinding is die de toets van Gods Woord niet kan doorstaan. Zal dit het doel geweest zijn van de schrijver die schipperspredikant is, om met dit boek aan te geven dat de huidige leraars in dezelfde vaargeul behoren te varen? Ds. Bakker hield de gemeente voor: Ellende, verlossing, dankbaarheid. Deze stukken moeten gekend worden, zal men getroost kunnen leven en sterven. Deze drie stukken vormen het ABC van het ware geloof.' De ruimte laat het niet toe om over elke voorganger en zijn werk een korte beschrijving te geven, maar dit willen we wel schrijven dat de levensschets over en de meditaties van ds. F. Bakker ons veel te zeggen hebben. Hoe groot is het als het kerkverband van de Christelijke Gereformeerde Kerken zulke leraars, ofwel 'De minste der broederen' mogen hebben, want dan zijn zij in de vaargeul der vaderen. Elk kerkverband dat dit ABC van het ware geloof, namelijk 'ellende, verlossing en dankbaarheid' niet in het vaandel heeft, mist het Schriftuurlijk bevindelijke karakter in de prediking, en is oorzaak dat men 'de erve der vaderen' niet bewaard heeft (1 Kon. 21:3)."[11]

— Ds. J. Roos, De Wachter Sions 26 augustus 2010

Het bovenstaande is een aanwijzing dat in veel zaken hetzelfde wordt bedoeld, maar men toch niet nader tot elkaar komt. De nieuwe lijn van de Christelijke Gereformeerde Kerk en de theologie van J.G. Woelderink wijst men evenals Bewaar het Pand en de Gereformeerde Gemeenten wel af. Tijdens het symposium ter gelegenheid van het veertigjarig ambtsjubileum van ds. J. J. van Eckeveld in 2016 gaf ds. J. Roos aan "dat er alleen sprake is van ware eenheid als alle predikanten gehoor geven aan „de Goddelijke oproep: „Gij zult voor Mijn aangezicht staan. En zo gij het kostelijke van het snode uittrekt, zult gij als Mijn mond zijn” (Jeremia 15:19). Als alle predikanten het evenwicht bewaren tussen wet en Evangelie, en leren hoe dit zielsbevindelijk wordt beleefd, dan is er ook een oprecht verlangen om samen te werken. We staan graag vrijheid in het woordgebruik toe als er geestelijke herkenning is, en het doet ons goed als we dit ook buiten ons kerkelijk leven zien.”[12]

Gereformeerde Gemeenten bewerken

Naar aanleiding van het onderzoek naar de scheuring van 1953 door dr. M. Golverdingen komt kerkelijke eenheid met de synodale Gereformeerde Gemeenten regelmatig ter sprake. Aan beide zijde is ingenomenheid getoond met dit onderzoek. Het gesprek tussen beide kerkverbanden loopt nog steeds en is over het algemeen 'broederlijk' van aard. Naar aanleiding van het boekje Om vriend en broed’ren spreek ik nu van ds. G. Hoogerland heeft het deputaatschap contact met kerken van de GGIN overleg gehad met de Gereformeerde Gemeenten. "Het gaat erom dat we hetzelfde spreken en gevoelen”, merkte ds. O. M. van der Tang (Alblasserdam als voorzitter van het deputaatschap, op. "Als er verschillende opvattingen zijn over de plaats van beloften en de inhoud van de prediking, is er geen basis voor vereniging.” Een van de afgevaardigden merkte op dat er volgens hem "ook onderscheid bestaat in leer en leven" en "dat wij waakzaam moeten zijn dat het ook bij ons niet verwatert.”[6]

Samenwerking op gebied van maatschappelijk-ethische thema's bewerken

Hoewel de Gereformeerde Gemeenten in Nederland samenwerking vooral beperken tot het behoudende deel van de bevindelijk-gereformeerden, hebben enkele predikanten de Nashvilleverklaring ondertekend, die ook ondersteund wordt door voorgangers en prominente leken uit de reformatorische en evangelische gezindte. De Nashvilleverklaring verdedigt Bijbelse waarden ten aanzien van seksualiteit, benadrukt het belang van huwelijkstrouw en wijst homoseksuele relaties af, evenals polygamie, overspel en de ideologie achter genderneutraliteit.[13]

Standpunt inzake discussie schepping en/of evolutie bewerken

Binnen het kerkverband wordt afstand genomen van nieuwe theologische opvattingen inzake het debat 'schepping en/of evolutie'. De theorie 'theïstische evolutie', waarvoor prof. dr. G. van den Brink in zijn boek De aarde bracht voort heeft gepleit, wijst men resoluut van de hand. Deze theorie houdt onder meer in 'dat de aarde niet in zes dagen geschapen kan zijn, dat de mens van dieren afstamt, en dat Adam niet onmiddellijk door God uit het stof der aarde geschapen werd'. Verder omvat de theorie, 'dat Adam niet de eerste mens kan zijn geweest, maar een door God uitgekozen verbondshoofd te midden van velen; dat lijden en dood al bestonden voor de val; en dat we het klassieke idee van de zondeval moeten vervangen door een geleidelijk proces'. Dhr. L. van der Tang, een opiniemaker binnen het kerkverband wijst op ten minste drie oorzaken waarom volgens hem velen binnen de orthodox-gereformeerde gezindte deze denkbeelden willen omarmen. De wetenschap als afgod: vanwege het feit dat God in veel levens op een afstand is komen te staan, verwereldlijking: door het accepteren van de evolutietheorie kunnen orthodox-christenen weer meedoen in de moderne samenleving, en het postmoderne denken waarin velen op het gevoel met de mening van de meerderheid meevaren. Van der Tang ziet ook een afnemend geestelijk leven, waardoor er minder persoonlijke doorleving is van de geloofsleer waar het bij oorsprongsvragen om draait.[14]

Organisaties bewerken

Het kerkelijk bureau van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland is gevestigd in Opheusden.

Zending en evangelisatie bewerken

Het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland hebben altijd de Mbuma-zending ondersteund die nu uitgaat van de Schotse Free Presbyterian Church (FPC) in Zimbabwe. In 2017 heeft men het initiatief genomen tot een zelfstandig zendingsproject in Zuid-Afrika. De aanzet tot dit project is gedaan door ds. J. A. Weststrate, destijds predikant van de gemeente van Pretoria in Zuid-Afrika. Het zending, evangelisatie en ontwikkelingswerk wordt verricht onder de plaatselijke bevolking.[15]

In juni 2017 besloot de synode van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland een kerkelijk kader voor de zendings- en evangelisatiewerkzaamheden van ds. Weststrate te vormen. Hierop werd Stichting Bethlehem opgericht. In juni 2020 deelde de Stichting per persbericht mee dat een tweetal evangelisten konden worden benoemd, drs. J.G. Lindhoud uit Barneveld en J. Bolier uit Elspeet.[16]

Publicaties bewerken

Het kerkgenootschap geeft het weekblad De Wachter Sions uit.

Aantal leden bewerken

In 1954 telde het nieuwe verband ruim 8.800 leden, sindsdien – gedurende diverse decennia – was er een gestage groei. Sinds 2016 daalt het ledenaantal. De grootste gemeenten van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland vindt men te Alblasserdam, Barneveld, Opheusden, Ederveen, Gouda en De Beek-Uddel. De kerkgebouwen in Barneveld en Opheusden zijn de grootste van Nederland (gemeten naar het aantal zitplaatsen) met respectievelijk 2.550 en 2.850 zitplaatsen. Een gemeente bevindt zich in Zuid-Afrika.

Lijst van Gereformeerde Gemeenten in Nederland
Gemeente Aantal leden Predikant
2010 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2020 2021 2022
Aalburg 229 233 229 226 223 212 203 189 180 180 vacant
Aalsmeer 34 34 32 28 28 26 vacant
Alblasserdam 1.258 1.318 1.340 1.337 1.331 1.342 1.368 1.422 1.459 1.451 vacant
Arnemuiden 409 421 425 444 448 450 461 461 457 452 vacant
Barneveld 3.211 3.430 3.508 3.608 3.636 3.679 3.758 3.846 3.883 3.904 ds. Jochem Roos
Berkenwoude 118 102 107 91 100 105 108 110 105 102 vacant
Breukelen 100 89 83 81 79 82 93 85 84 78 vacant
Bruinisse 693 682 682 672 635 623 618 588 586 591 vacant
De BeekUddel 1.127 1.105 1.094 1.119 1.118 1.115 1.131 1.131 1.125 1.137 ds. Herman Krijgsman
Dordrecht 139 117 108 110 116 110 109 105 104 106 vacant
Ederveen 934 951 929 949 946 913 923 927 934 943 vacant
Elspeet 540 523 519 519 516 504 513 537 535 538 vacant
Elst 261 297 296 306 299 306 302 288 277 277 vacant
Geldermalsen 382 396 396 358 370 357 354 366 367 363 vacant
Goes 210 232 234 238 230 232 234 235 236 232 vacant
Gouda (Gerbrandyweg) 870 857 843 845 834 843 839 845 845 866 vacant
Gouda (Stationsplein) 740 818 838 833 827 821 811 775 771 803 ds. Jan Weststrate
Goudswaard 51 44 43 41 40 37 36 40 39 40 vacant
's-Gravendeel 226 225 224 223 216 212 211 210 184 178 vacant
Groot-Ammers 195 178 164 175 191 191 197 198 193 194 vacant
Hendrik-Ido-Ambacht 370 361 361 375 378 387 384 370 363 351 vacant
Harderwijk 63 51 41 opgeheven - - - - - -
Hedel 78 84 86 86 93 94 95 101 99 100 vacant
IJsselmuiden 171 203 206 215 220 225 228 241 248 252 vacant
Katwijk 223 200 187 174 158 140 137 127 118 105 vacant
Krimpen aan den IJssel 316 272 263 258 270 265 268 279 272 283 vacant
Kruiningen 464 490 488 500 508 501 492 496 495 504 vacant
Leerdam 635 643 634 640 644 638 612 618 634 652 ds. Arie van Voorden
Melissant 111 113 112 110 113 108 105 100 100 94 vacant
Middelburg 83 73 70 73 71 69 69 58 61 62 vacant
Nieuwaal 218 217 219 208 204 197 193 188 168 vacant
Nieuwerkerk 166 152 152 150 184 182 178 166 171 170 vacant
Nieuwerkerk aan den IJssel 176 180 174 174 172 151 155 148 146 138 vacant
Ochten 516 578 594 700 695 711 740 836 903 923 vacant
Opheusden 3.205 3.263 3.302 3.250 3.233 3.224 3.216 2.691 2.439 2.194 vacant
Oud-Vossemeer 168 163 160 162 161 167 175 184 194 194 vacant
Pretoria (Transvaal) 185 188 190 199 198 198 195 174 176 vacant
Rhenen 426 450 444 424 496 554 558 645 690 765 vacant
Rijssen 175 397 439 449 458 455 448 454 455 456 vacant
Scherpenzeel 325 373 358 372 369 378 385 389 394 392 vacant
Sint-Annaland 216 228 228 218 218 220 221 214 197 202 vacant
Sint-Maartensdijk 124 113 114 74 67 70 68 78 75 76 vacant
Sprang-Capelle 49 39 38 35 35 34 34 19 19 23 vacant
Terneuzen 849 807 801 759 742 723 705 675 653 634 vacant
Urk 464 459 440 435 446 441 416 464 460 467 ds. Dirk van de Kieft
Utrecht (De Bilt) 134 133 129 133 129 126 112 108 108 121 vacant
Veenendaal 730 947 928 933 924 924 886 833 822 821 vacant
Vlaardingen 184 172 169 167 160 157 147 125 120 107 vacant
Vriezenveen 483 481 492 492 492 489 494 484 478 477 ds. Adri Geuze
Waardenburg 295 311 313 309 317 314 315 309 319 329 vacant
23.327 24.195 24.225 24.286 24.349 24.318 24.339 23.985[17] 23.787 23.695[2]

De ontwikkeling van het ledenaantal van de Nederlandse gemeenten (incl. Pretoria vanaf 2012) door de jaren heen is hieronder weergegeven:

  • 1954 - 8.817
  • 1956 - 11.518
  • 1980 - 19.124[18]
  • 1981 - 16.137[18]
  • 1982 - 16.214
  • 1989 - 17.935[19]
  • 1995 - 19.828
  • 2000 - 20.644
  • 2001 - 20.854
  • 2007 - 21.844
  • 2008 - 21.968
  • 2009 - 22.377
  • 2010 - 23.327
  • 2019 - 24.339
  • 2020 - 23.985 (voor het eerst krimp, na 65 jaar groei)

Bekende personen bewerken

Personen uit de geschiedenis van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland bewerken

  • Dirk Leendert Aangeenbrug (1891-1894), Lerend ouderling Christelijke Gereformeerde Kerk (1934-1941), predikant Gereformeerde Gemeenten (1942-1953) predikant Gereformeerde Gemeenten in Nederland (1953-1965)
  • Cornelis Steenblok (1894-1966), Studie Theologische School Kampen (1921-1925), predikant Gereformeerde Kerken in Nederland (1927-1942), predikant Gereformeerde Gemeenten (1942-1953) predikant Gereformeerde Gemeenten in Nederland (1953-1966)
  • Jan Pannekoek (1916-1971), Predikant
  • M. van Beek (1921-1983), Predikant Opheusden (1963-1966); Alblasserdam (1966-1983)
  • Rinus Terlouw (1922-1992), Voetballer
  • Frans Mallan (1925-2010), Predikant
  • Herman Ligtenberg (1887-1965), Predikant
  • Willem Verhoeks (1930-1994), Predikant
  • Bert Scholten (Den Haag, 4 juni 1939 - Gouda, 29 november 2020), studeerde in 1964 nagenoeg af aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Scholten was op een breed terrein werkzaam als theoloog, journalist, opiniemaker, directeur Gereformeerde Bijbelstichting, medewerker van het blad De Wachter Sions, docent predikantsopleiding GGIN waar hij vakken doceerde als Bijbelse archeologie, Kerkgeschiedenis, Kerkrecht, Grieks, Hebreeuws.[20] Ook was hij ambtsdrager van de gemeente te Nieuwerkerk aan den IJssel. Als directeur van de Gereformeerde Bijbelstichting kwam het onder zijn leiding tot een gecorrigeerde uitgave van de Statenvertaling met kanttekeningen. In het blad Standvastig beantwoordde hij talloze vragen over exegese en Bijbelvertaling. Scholten voerde deze taak met niet nalatende inzet uit totdat zijn gezondheid het niet langer toeliet. Scholten is te typeren als "een van de geleerdste van de reformatorische christenen van zijn generatie en wellicht daarom ook het meest bescheiden." Van huis uit behoorde Scholten tot de Gereformeerde Kerken in Nederland maar hij veranderde van koers toen hij op een Hemelvaartsdag dr. C. Steenblok in het kerkje van Nieuwerkerk aan den IJssel hoorde preken. Dr. Steenblok sprak toen over de tekstwoorden Hoséa 14:4: Immers zal een wees bij U ontfermd worden. Scholten zei later: "Deze tekst en dienst zijn voor mij onvergetelijk geworden."
  • Wim Kolijn (Driewegen 1944-Terneuzen 2015), partijvoorzitter SGP, fractievoorzitter SGP Zeeland, gemeenteraadslid SGP Terneuzen
  • George van Heukelom (Delft, 9 augustus 1949-Nieuwerkerk, 14 april 2023) politicus (voormalig gedeputeerde van Zeeland, Staatkundig Gereformeerde Partij)

Predikanten Gereformeerde Gemeenten in Nederland bewerken

  • Jochem Roos (1954), Chilliwack B.C. Canada (1987) Opheusden (1994), Barneveld (2004)
  • Adri Geuze, predikant Gouda-Gerbrandyweg (2007), Chilliwack B.C. Canada (2011), Gouda-Gerbrandyweg (2018) Vriezenveen (2022)
  • Arie van Voorden, predikant De Beek-Uddel (2002), Opheusden (2010), Leerdam (2018)
  • dr. Jan Weststrate (tevens voorzitter van de synode (de hoogste vergadering) van 2023, hij vertegenwoordigd met scriba C. Dubbeld de synode in rechte na de laatst gehouden vergadering), predikant Terneuzen (2009), Pretoria Zuid-Afrika (2014), Elspeet (2018) Gouda-Stationsplein (2021).
  • Dirk van de Kieft, predikant Urk (2018)
  • Herman Krijgsman, predikant Arnemuiden (2009) De Beek-Uddel (2022)
  • Otto van der Tang, predikant Alblasserdam (2016), Chilliwack B.C Canada (2022)
  • Abraham Schultink, predikant Barneveld (1998), Bruinisse (2003), Gouda-Stationsplein (2010), Rhenen (2015), emeritus (2020)

Overige bekende personen door publicaties en/of activiteiten binnen en buiten eigen kring bewerken

  • C. van Rijswijk (Wijk en Aalburg, 8 oktober 1939), onderwijzer in Barneveld en kinderboekenschrijver waarvan een groot deel over kerkgeschiedenis en Bijbelse geschiedenis. Dhr. van Rijswijk is ook voormalig medewerker van De Wachter Sions en de GezinsGids.
  • Laurens van der Tang, opiniemaker binnen het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland
  • Bart van den Dikkenberg, wetenschapsjournalist Reformatorisch Dagblad
  • Chris Stoffer (Harderwijk, 1974). Sinds 11 april 2018 is hij lid van de Tweede Kamer voor de SGP, vanaf 2023 is hij politiek leider en fractievoorzitter van de SGP in de Tweede Kamer.

Literatuur bewerken

Historisch bewerken

  • Kersten, G.H., J. van Zweden, Kort historisch overzicht van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland en Noord-Amerika (1947)
  • Fama, Joh., Het leven en de arbeid van ds. M. Heikoop, voorwoord ds. G.H. Kersten (1947)
  • Verboom, J.H.R. en L.M.P. Scholten, Leven en leer van dr. C. Steenblok. In leven predikant der Gereformeerde Gemeente te Gouda (1967)
  • Scholten, L.M.P. Na vijftien jaar (1969)
  • Hofman, H.A., Ledeboerianen en Kruisgezinden, Een kerkhistorische studie over het ontstaan van de Gereformeerde Gemeenten, periode 1834-1927 (1977)
  • Verdouw, N., Gij hebt mijn omzwervingen geteld, Levensschets ds. J. Pannekoek (1980)
  • Bel, A. (redactie), De vereniging van 1907, de vereniging van de Ledeboeriaanse gemeenten en de Gereformeerde Gemeenten onder het Kruis (1984)
  • Zwaag, W. van der, Om de schat van Christus' bruid. Vaderlandse kerkgeschiedenis sinds Reveil en Afscheiding (1984)
  • Janse, C.S.L., Bewaar het pand, de spanning tussen assimilatie en persistentie bij de emancipatie van de bevindelijk gereformeerden (1985)
  • Kersten, G.H., Bedroefden om der bijeenkomst wil, verzamelde artikelen van ds. G.H. Kersten over de Gereformeerde Gemeenten en levensschetsen van voorgangers van de Gereformeerde Gemeenten (Utrecht, 1985)
  • Bel, A., Leven en werk van ds. G. van Reenen (1864-1935) (1987)
  • Cock, H. de, Verzamelde Geschriften 2 delen Voorwoord D. Deddens en W. van 't Spijker - Deze uitgave werd financieel gesteund door de Theologische Hogeschool van de Gereformeerde Kerken in Nederland, De Theologische Hogeschool van de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt), de Theologische Hogeschool van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland, de Theologische School van de Gereformeerde Gemeenten en Noord Amerika (1986)
  • Voorden A. van. J.D. Eerbeek, R. van der Meijden en M. Meijering, Herdenk de trouw, kerkelijk leven in Opheusden 1888-1988 (1988)
  • Bel, A., Leven en werk ds. H. Ligtenberg (1887-1965) (1989)
  • Bel A. e.a., Predikanten en Oefenaars, Biografisch Woordenboek van de Kleine Kerkgeschiedenis (1988-1999)
  • Fransen, E., Enige brieven van een kruisgezant, Opnieuw uitgegeven en van een inleiding voorzien door drs. A. Ros (1993)\
  • Florijn, H., De Ledeboerianen. Een onderzoek naar de plaats, invloed en denkbeelden van hun voorgangers tot 1907, Dissertatie Utrecht, promotor prof. dr. O.J. de Jong (1992)
  • Zwemer, J. In conflict met de cultuur. De bevindelijk gereformeerden en de Nederlandse samenleving in het midden van de twintigste eeuw (1992)
  • In conflict met de waarheid?, Reactie op het boek In conflict met de cultuur in: De Wachter Sions 14 januari 1993
  • Natzijl, H., J. Mastenbroek, A. Bel, In Beeld gebracht. Twee eeuwen kerkelijk leven, Houten (1997)
  • Voorden. A. van., G.G. van Bockhove en R.A. van der Garde, Leven en werk van ds. T. Dorresteijn (2001)
  • Rouwendal, P.L. Het aanbod van genade (2002)
  • Voorden, A. van, Wie zijn zij en vanwaar zijn zij gekomen? - Uit het gezelschapsleven in Opheusden (2003)
  • Maren, A. van en C. van Rijswijk, In de Kerkstraat 1928-2003 75 jaar Gereformeerde Gemeente in Nederland te Alblasserdam en haar voorgeschiedenis (2005)
  • Rouwendal, P.L. Dr. C. Steenblok, Kampen (2010)
  • Mastenbroek, J. Israëls Wachter sluimert niet, herinneringen van ds. F. Mallan (1925-2020) (2012)
  • Boot, M. Het gaat Uw trouw en waarheid aan, de geschiedenis van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (2 delen) (2015)
  • Golverdingen, M. Geschiedenis van een scheuring. De Gereformeerde Gemeenten 1950-1957 (2016)
  • Mastenbroek, J. Met heil bezocht, herinneringen van dr. C. Steenblok en Gods volk in Poortvliet (2017)
  • Bolier, A. Kersten in kleur (2018)
  • Bolier, A. Kersten in quotes (2020)
  • Baarssen, D. 'De receptie van Comries rechtvaardigingsleer in de Gereformeerde Gemeenten in Nederland' in: Sporen van Comries rechtvaardigingsleer (2021) pp. 303-323

Leerstellig bewerken

  • Bas, H. Ons isolement bewaard
  • Steenblok, C. Waarheid tegen dwaling gehandhaafd
  • Steenblok, C. en H. Bas, Afbakening
  • Steenblok, C. Om de oude waarheid, of het leergeschil aangetoond bevattende de bewijstukken van het leergeschil en tevens de verdediging van de rechtzinnige leer (z.j.)
  • Scholten, L.M.P. Leven en leer van dr. Steenblok (1967)
  • Steenblok, C. De bestaansgrond der gemeenten (1974)
  • Mallan, F., L.M.P. Scholten (red.) Uit ons uitgegaan (1978)
  • Steenblok, C. De Gereformeerde Dogmatiek in vraag en antwoord, (1990)
  • Aangeenbrug, D.L. De Heidelbergse Catechismus (1989)
  • Roos, J. (e.a). De waarheid hogelijk geboden (Veenendaal, 1994) Verslagen van inleidingen gehouden op de thema-avonden van de VBSO 1993/1994 over de Gereformeerde Gemeenten tussen 1930 en 1950. Het gaat in dit boek over de wortels van het kerkverband en latere verwikkelingen. Met name rond de figuren van ds. R. Kok, drs. A. Vergunst, ds. A. Verhagen en anderen. Andere kernwoorden van het boek zijn: drieverbondenleer, amyraldisme, dr. J. G. Woelderink, prof. dr. A. A. van Ruler, drs. K. Exalto, ds. H. Rijksen, ds. J. W. Kersten, ds. A. Moerkerken, ds. M. J. van Gelder.
  • Beek, M. van De Heidelbergse Catechismus (1998)
  • Verhoeks, W. Het vaste fundament, Verklaring van de Heidelbergse Catechismus
  • Mallan, F. Het troostboek van de Christen (2007)
  • Vermeer, Justus De leer der waarheid, die naar de Godzaligheid is. Ambtsdragers uit de Gereformeerde Gemeenten in Nederland hebben de 85 oorspronkelijke oefeningen van Justus Vermeer over de Heidelbergse Catechismus in de loop der jaren ingekort en samengevoegd tot 52 leespreken. "Getracht is om het wezenlijke van de preken niet aan te tasten"
  • Verbond en Doop, Boekje met uitleg over de verbondsleer (2021)
  • Roos, J. Uit de pastorie 10 delen (2007-2020)
  • Roos, J. De Nederigen vertroost, 52 preken over de Heidelbergse Catechismus in 2 delen (2023)

Overige literatuur bewerken

  • Scholten, L.M.P., L.J. van Belzen, en J. de Koning. Statenvertaling in de 21ste eeuw, de Herziene Statenvertaling op de keper beschouwd (2011)
  • Scholten, L.M.P. Onderzoekt de Schriften 122 annotaties voor Bereeers. Bevat bijdragen uit het blad Standvastig
  • Scholten, L.M.P. Onze levenswandel Bevat bijdragen uit column 'Ter Zijde' uit het blad De Wachter Sions
  • Scholten, L.M.P. Onderweg opgetekend Bevat bijdragen uit column 'Ter Zijde' uit het blad De Wachter Sions
  • Dikkenberg, B. van den De werken van Zijn handen, Een kritisch commentaar op de theïstische evolutie (2023) EAN 9789087189648

Externe link bewerken

Zie de categorie Gereformeerde Gemeenten in Nederland van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.