Hoofdmenu openen

Wikipedia β

Es (geografie)

geografie
VERKAVELING
Veenverkaveling
Typen verkaveling
Blokverkaveling
Esverkaveling
Gewannflur
Miedenverkaveling
Rationele verkaveling
Strokenverkaveling
Processen
Ruilverkaveling
Schaalvergroting
Versnippering

Een es of esch in oude spelling, (ook: eng of enk (het Gooi, Veluwe, Salland, Achterhoek, Twente), akker (Noord-Brabant), veld (Limburg) of kouter (Vlaanderen)) is een hoog gelegen akker, te vinden op de zandgronden van Noord-, Oost-, Midden- en Zuid-Nederland en Vlaanderen.

Internationaal gezien komen essen voor in grote delen van Noord-, West- en Oost-Europa.[1]

Inhoud

OntstaanBewerken

Over het ontstaan van de essen in de lage landen is nog betrekkelijk weinig bekend. De Drentse essen zijn het best onderzocht. De oudste kernen van de es dateren aldaar uit het eerste millennium na de jaartelling. Het ging daarbij om een aantal kleine, vierkante of rechthoekige percelen met een lengte-breedte-verhouding van 80 tot 120 meter en een oppervlakte van 0,75 tot 1,5 hectare. Ze liggen doorgaans op enige afstand van de huidige esdorpen, omdat ze dateren uit een periode waarin de bebouwing nog regelmatig verschoof. De percelen werden individueel gebruikt en waren omheind, wat men een kamp noemde [2] (van het Latijnse voor veld, campus). Hiervan afgeleid kent men het kampenlandschap[3] (landschap met verspreid liggende erven) alsook de streeknaam "de Kempen".

De tweede fase betreft de zogenaamde woerden. Zij werden aangelegd toen de bewoning aan het einde van het eerste millennium fixeerde. We moeten deze percelen van ongeveer een tot twee hectare dan ook bij het huidige erf zoeken. Vermoedelijk werd het perceel voor speciale teelten gebruikt.

De volgende fasen, beginnend in de volle middeleeuwen, hebben geleid tot de klassieke es zoals we die kennen. De blok- of strookvormige percelen werden meer en meer collectief bebouwd en nabeweid, maar waren niet, zoals men wel denkt, collectief eigendom. Door de talloze omheiningen die zich op de oudere delen van de es en om het jongere deel van de es bevonden, moeten we eraan denken, dat de 'open es' een zeer tijdsgebonden beeld uit voornamelijk de laatste eeuwen is.

Afhankelijk van de streek in de lage landen en het historische moment waarop intensivering van het gebruik nodig was, deed de plaggenbemesting zijn intrede. In Noord-Brabant kan dat al in de 13e of 14e eeuw nodig zijn geweest, in Drenthe niet vóór de 17e eeuw. Het bestaan van essen is dus niet noodzakelijk altijd verbonden aan het voorkomen van plaggenbodems of potstalmest, hetgeen verklaart waarom de term esdek voor de ophogingslaag eigenlijk foutief is.

De plaggen werden aanvankelijk nog vaak in de beekdalen gestoken, doch later werd dit op veel plekken verboden. Het steken van plaggen gebeurde daardoor voornamelijk op de veel schralere heidevelden, ook de primaire gronden voor beweiding door schapen en heidekoeien.

De Belgische "Kempen", een streek in de provincie Antwerpen (voor 1830 Brabant) en een klein gedeelte in het noordwestelijk deel van Belgisch Limburg en het zuiden van Noord-Brabant, zijn nauw verwant met het ontstaan van Essen verspreid in de lage landen in de 14e eeuw door toedoen van het turfsteken in de eutrofe gebieden en pelen. Hoewel de volledige toedracht nog steeds niet duidelijk is door toedoen van het immer veranderende landschap en moderne landbouw. De Belgische Kempen net als de meer noordelijke kampenlandschappen met essen zijn typische landschappen die hun ontstaan te danken hebben aan de uitdijende en inslinkende noordelijke ijskap tijdens de laatste ijstijd.

BenamingBewerken

 
De "Bolle Es" van boerderij "Eskes" bij Bredevoort.

Naast de essen komen ook kleinere percelen bouwland voor. In Salland, de Achterhoek en Twente behoorden sommige bouwlandcomplexjes tot maar één boerderij. Deze individuele essen worden ook kampen (campus Lat. voor veld) genoemd. Het woord "es" heeft een vergelijkbare herkomst als het Gotische woord atisk, dat "zaailand" betekende.

Er zijn in Nederland nog maar een paar plaatsen bekend die de oorspronkelijke spelling nog dragen: Roderesch, Zuideresch, Westenesch.

Het bestanddeel -ink in veel Oost-Nederlandse plaats- en achternamen heeft geen relatie met het woord enk; zie onder: patroniem.

EswalBewerken

Essen worden omgeven door een eswal, ook wel wildgraaf of wildwal geheten, die ervoor moest zorgen dat wild of het eigen vee het bouwland niet konden betreden.[4] Ook moest de eswal verstuiving tegengaan, zodat de vruchtbare grond niet zou verdwijnen. De wildwal, ook wel houtwal genoemd, ontstaat door de ophoping van afgesneden hout dat werd gestapeld langszij het veld, en dat dan langzaam wordt verteerd. Eenmaal verteerd, en omdat die strook grond niet wordt bewerkt, vestigt zich daar allerhande vegetatie en nadien bomen. Ook worden walstroken doelbewust meteen met struiken beplant.

Zie ookBewerken

Algemeen: Ecotoop · Landvorm · Landschap · Landschapselement · Nederlandse landschappen
Vlakvormig: Abschnittsmotte · Achterkade · Beekdal · Beemd · Begraafplaats · Bolle akker · Bos · Brink · Brinkdorp · Broek · Del · Dorp · Droogmakerij · Duin · Eiland · Eng · Enk · Es · Esdorp · Fort · Geriefbos · Gors · Griend · Haven · Heuvel · Houtkade · Inlaag · Karreveld · Kerkhof · Kolk · Kraag · Kreek · Kreekrug · Kromakker · Kwelder · Landgoed · Legakker · Lintdorp · Luchthaven · Maat · Made · Mede · Marke · Meer · Meerstal · Meetje · Meet · Moeras · Mijnsteenheuvel · Oeverwal · Pestbosje · Petgat · Pingoruïne · Plas · Poel · Polder · Raatakker · Rak · Redoute · Rivier · Rivierstrand · Rustbosje · Schans · Schol · Schor · Slik · Sluis · Stad · Stelle · Stinswier · Strand · Strandwal · Strang · Stroomrug · Struweel · Stuwmeer · Stuwwal · Terril · Terp · Uiterwaard · Veenkoepel · Veenlens · Veenkolonie · Veenpolder · Veenplas · Veenterp · Ven · Vesting · Viskenij · Visvijver · Vliedberg · Vliegveld · Vloeiveld · Vloeiweide · Waai · Wad · Weel · Weide · Weiland · Wiel · Wierde · Zee
Lijnvormig: Aarden dam · Aquaduct · Autosnelweg · Autoweg · Bandijk · Barrage · Beek · Berceau · Berm · Boezem · Brandsloot · Dam · Diep · Dijk · Doodweg · Dromerdijk · Enkwal · Fietspad · Fietsstrook · Gracht · Grubbe · Haag · Ha-ha · Heg · Holle weg · Houtkant · Houtsingel · Houtwal · Jaagpad · Kaai · Kade · Kanaal · Kerkpad · Krib · Laan · Landscheiding · Landgraaf · Landweer · Lijkweg · Maar · Molengang · Muraltmuur · Opvaart · Ossengang · Pad · Reeweg · Ringdijk · Ringvaart · Rivier · Schipsloot · Schipvaart · Schurveling · Singel · Singelgracht · Slaperdijk · Sloot · Snelweg · Spoorweg · Steenberg · Strandhoofd · Strekdam · Stuwdam · Tiendweg · Trambaan · Trekpad · Trekvaart · Trottoir · Tunnel · Turfvaart · Tuunwal · Uiterdijk · Vaart · Veenkade · Veendijk · Vlechtheg · Voetpad · Wakerdijk · Wandelpad · Weg · Wetering · Wieke · Wijk · Wierdijk · Wildwal · Zeedijk · Zwetsloot
Puntvormig: Banpaal · Bermmonument · Boe · Boerderij · Boerenkuil · Boô · Borg · Brug · Buitenplaats · Burcht · Coupure · Daliegat · Dobbe · Duiker · Eendenkooi · Galg · Gemaal · Grafheuvel · Grenspaal · Hagelkruis · Havezate · Hoeve · Hollestelle · Hoogholtje · Hunebed · Inlaat · Inundatiesluis · Kasteel · Kerkgebouw · Kwakel · Molen · Mottekasteel · Overlaat · Overweg · Pijp · Pomp · Ringwalburcht · Rolpaal · Schaapvolt · Stuw · Til · Turfput · Veenput · Verlaat · Viaduct · Vijver · Voorde · Waterpomp · Waterput · Watertoren