Hoofdmenu openen

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Nederlands ministerie
(Doorverwezen vanaf MinOCW)

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is een Nederlands ministerie. Het is de opvolger van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (OK&W, 1918-1965) en het nog eerdere Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, en het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen (O&W, 1965-1994). Zoals de naam van het ministerie al aangeeft, heeft het drie grote beleidsterreinen: onderwijs, wetenschap (inclusief het hoger onderwijs) en cultuurbeleid (inclusief media). Daarnaast is het ministerie sinds 2012 verantwoordelijk voor het emancipatiebeleid.

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
OCW
Logo ministerie OCW.svg
De Hoftoren, waar o.a. het ministerie van OCW gehuisvest is.
De Hoftoren, waar o.a. het ministerie van OCW gehuisvest is.
Functiehouders
Minister Ingrid van Engelshoven
Minister voor B/V Onderwijs en Media Arie Slob
Secretaris-generaal Marjan Hammersma
Geschiedenis
Opgericht 9 september 1918
Algemeen
Land Vlag van Nederland Nederland
Adres Rijnstraat 50 (Hoftoren), Den Haag
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Nederland
Politiek
Het ministerie

Inhoud

Doelstelling in eigen woordenBewerken

Volgens het ministerie wil OCW 'dat iedereen goed onderwijs volgt en zich voorbereidt op zelfstandigheid en verantwoordelijkheid'. Daarnaast moeten 'leraren hun werk kunnen doen'. Wat betreft cultuur wil het ministerie dat 'iedereen cultuur kan beleven' met als toevoeging dat ook 'kunstenaars hun werk kunnen doen'. Wat betreft wetenschap zegt het ministerie slechts te willen dat ook 'wetenschappers hun werk kunnen doen'. In de woorden van het ministerie is het samenvattend doel 'werken aan een slim, vaardig en creatief Nederland".[1]

CultuurBewerken

CultuurbeleidBewerken

Tijdens het kabinet-Balkenende IV lag de nadruk op het stimuleren van 'excellentie'. In de kabinetsperiode 2003-2006 richtte Medy van der Laan zich op 'cultuur en economie', beleid dat zij samen met ambtsgenoot Laurens Jan Brinkhorst (D66) van Economische Zaken initieerde. In de kabinetsperiode 1998-2002 richtte Rick van der Ploeg (PvdA) zich op culturele diversiteit, in de kabinetsperiode 1994-1998 lag het accent onder Aad Nuis (D66) op 'cultuur en school', en in de periode 1989-1994 markeerde Hedy d'Ancona (PvdA) haar cultuurbeleid door het Deltaplan voor Cultuurbehoud.

  zie Cultuurbeleid voor meer over dit onderwerp

Voor professionele ondersteuning in de culturele sector en als kennis- en informatiecentra waren er de sectorinstituten (voorheen genreinstituten), zoals het Theater Instituut Nederland en het Muziek Centrum Nederland, die beide eind 2012 zijn opgeheven.

CultuurfondsenBewerken

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft een aantal fondsen opgericht die projectsubsidies uitkeren. Een fonds is een administratief orgaan; als bestuursorganen zijn fondsen instrumenten waarmee de overheid op afstand uitvoering geeft aan beleidsonderdelen. In Nederland zijn er zes cultuurfondsen (met bedragen voor rijkssubsidie anno 2010): Fonds Podiumkunsten (61 miljoen euro), Nederlands Filmfonds (35 miljoen), Mondriaan Fonds (27 miljoen), Fonds voor Cultuurparticipatie (18 miljoen), Nederlands Letterenfonds (10 miljoen), en Stimuleringsfonds Creatieve Industrie (2 miljoen).

CultuurbudgetBewerken

In 2010 besteedt het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zo'n 900 miljoen euro aan cultuur, i.e. 0,8% van de rijksbegroting en 0,4% van de collectieve uitgaven. Circa 550 miljoen euro gaat ervan naar grote musea en orkesten, kunstinstellingen van structureel belang (basisinfrastructuur) en cultuurfondsen.[2]

OnderwijsBewerken

Het ministerie is verantwoordelijk voor het gehele onderwijs: het primair, het voortgezet en het hoger onderwijs inclusief het beroepsonderwijs en volwasseneneducatie. Ook studiefinanciering is een werkterrein.

WetenschapBewerken

Het ministerie is verantwoordelijk voor het Nederlandse onderzoek en het wetenschapsbeleid, exclusief het op innovatie gerichte onderzoek dat onder het Ministerie van Economische Zaken valt.

OrganisatieBewerken

Het ministerie heeft drie directoraten-generaal met onderliggende directies:

Tevens is er een aantal uitvoerende diensten en raden, zoals:

GeschiedenisBewerken

 
De huidige minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: Ingrid van Engelshoven.
  • De voorganger van dit ministerie, het ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (OKW), is in 1918 ingesteld.
  • Tijdens de bezetting in de Tweede Wereldoorlog werd de naam van het departement door de bezetter gewijzigd in Departement van Opvoeding, Weten­schap en Kultuurbescherming (OWK), en was er vanaf november 1940 ook een Departement van Volksvoorlichting en Kunsten.
  • 'Kunsten' ging in 1965 over naar CRM maar werd in 1994 weer als 'Cultuur' toegevoegd.
  • In 1984 verhuisde het ministerie naar een nieuw pand in Zoetermeer.
  • Sinds 1 oktober 2003 is de naam van het ministerie 'Onderwijs, Cultuur en Wetenschap' (dit was 'Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen').
  • Het ministerie is sinds 2003 gevestigd in de Hoftoren in Den Haag. Uitvoeringsinstantie Centrale Financiën Instellingen (CFI) bleef in Zoetermeer gevestigd.
  • 1 januari 2010 werden de Informatiseringsbank (IB-Groep) en Centrale Financiën Instellingen samengevoegd tot Dienst Uitvoering Onderwijs.
  • Sinds het aantreden van het kabinet-Rutte III per 26 oktober 2017 viel ook het agrarisch onderwijs onder het ministerie.

BewindsliedenBewerken

Sinds het aantreden van het kabinet-Rutte III op 26 oktober 2017 zijn de bewindslieden: minister Ingrid van Engelshoven (D66) en minister zonder portefeuille voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media Arie Slob (ChristenUnie).

  Zie ook Lijst van Nederlandse ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Lijst van Nederlandse staatssecretarissen van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Externe linksBewerken

LiteratuurBewerken

  • Knippenberg, H. en W. van der Ham, Een bron van aanhoudende zorg. 75 jaar ministerie van Onderwijs Kunsten en Wetenschappen 1918-1993 (Assen 1993).