Hoofdmenu openen

Vroege geschiedenisBewerken

PrehistorieBewerken

Archeologische opgravingen wijzen uit dat rond 10.000 voor Christus de eerste paleolithische jagers zich vestigden in Zuid-Suriname. Waarschijnlijk zijn deze echter niet lang gebleven.

Arowak-cultuurBewerken

Rond 3000 voor Christus ontstonden in het centrale Amazonebekken in de omgeving van Manaus (Brazilië) de eerste vormen van landbouw. De stam die hier woonde werd daardoor steeds talrijker. De taal die hier werd gesproken was het proto-Arowak. Er kwam een migratiestroom op gang, waarbij gezocht werd naar nieuwe goede alluviale landbouwgronden, voornamelijk langs rivieren. Omdat de Amazone stroomafwaarts al werd bewoond door andere Tupi sprekende stammen, trokken deze Arowakken (Kali'na) stroomopwaarts richting de Rio Negro en de Orinoco.

Rond 500 na Christus trokken afstammelingen van deze Arowakken van deze Mabaruma-cultuurfase vanuit het Westen het laagland van de Guyana's binnen en verdreven waarschijnlijk de Surinen, een primitief volk dat leefde van visvangst en schelpdieren. Van deze Surinen is waarschijnlijk de naam Suriname afkomstig. De Arowakken vestigden zich vooral langs de kust, maar trokken ook via de rivieren het binnenland in, tot aan de stroomversnellingen van Wonotobo, waar overblijfselen van deze stammen zijn gevonden. De Arowakken vormden waarschijnlijk een goed ontwikkelde beschaving die vanwege de veel voorkomende overstromingen in de moerassen van het kustgebied kleiterpen opwierpen om hun vruchtbare landbouwgrond en woongebied te beschermen. Ze waren vooral landbouwers, vissers en verzamelaars. Ze cultiveerden de cassave, ananas, kalebas, papaja, tabak, katoen en pijlriet en richtten zo een bloeiende samenleving op.

Andere stammenBewerken

Naast de Arowakken vestigden zich verder onder andere (soms op beperkte schaal) de volgende stammen:

KaraïbentijdperkBewerken

Rond 1200 na Christus werd het gebied binnengevallen door de Koriabo (Karaïben) die onder andere de Arowakken verdreven van hun landbouwgronden en daarmee de landbouwcultuur ineen deden storten. De Arowakken gingen daarna weer over op slash & burn-landbouw in het binnenland. De Koriabo veroverden vooral de kuststreken en rivieroevers. Deze tijd wordt ook wel aangeduid als de Koriabo-cultuurfase, naar de Koriabo kreek in Guyana, waar de eerste overblijfselen van hun periode werden gevonden.

Kolonisatieperiode (1492-1975)Bewerken

 
Kaart van De Laveaux uit de 18e eeuw
venster van de Canon van Zeeland over de verovering van Paramaribo door Abraham Crijnssen
 
Paramaribo in 1737
 
Paramaribo in 1876, vlak voor het begin van de verkavelingen
  Zie Geschiedenis van Nederlands Guiana voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
  Zie ook: Suriname (kolonie) en Suriname (Koninkrijk der Nederlanden)

In de koloniale periode werden vele plantages opgericht waar slaven aan het werk werden gezet om specerijen te verbouwen, die vervolgens in Europa werden verkocht. Behalve restanten van plantages zijn er vele houten monumenten in het centrum van Paramaribo bewaard gebleven. Tezamen zijn deze sinds juli 2002 als de historische binnenstad van Paramaribo ingeschreven op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Zie voor een uitgebreider overzicht onderstaande lijsten:

Sinds 1 juli 2018 zijn de digitale slavenregisters van de voormalige tot slaaf gemaakte Surinaamse voorouders in te zien. Het register kan geraadpleegd worden via het Nationaal Archief in Nederland en dat in Suriname. De registers bevatten ongeveer 80.000 namen van tot slaaf gemaakte Surinaamse voorouders die tussen 1830 en de afschaffing van de slavernij (in 1863) geleefd hebben. Zij staan met naam, geboortedatum, sterfdatum en namen van vaders en moeders in die slavenregisters genoteerd.[1]

OnafhankelijkheidBewerken

  Zie Surinaamse onafhankelijkheid voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Onafhankelijkheid kwam in Suriname eerst ter sprake toen eind jaren 50 van de twintigste eeuw intellectuelen van zich lieten horen. De Partij Nationalistische Republiek sprak zich uit voor een zo spoedig mogelijke onafhankelijkheid. Volgens deze partij moest Nederland actief meewerken om het kolonialisme te beëindigen.

In 1969 kwam een coalitie van VHP en de PNP aan de macht. Deze regering vond onafhankelijkheid geen goed idee, maar wilde wel voorbereidingen treffen. Maar de ontwikkelingen gingen anders. In 1973 kwam de coalitie van VHP en PNP ten val. De NPS kwam in 1973 aan de macht. Premier Henck Arron wilde niet later dan "ultimo 1975" Suriname onafhankelijk verklaren. De VHP en VHP-voorman Jagernath Lachmon waren toen in Nederland. Zij vonden Arrons verklaring alleen geschikt voor "binnenlandse consumptie".

Toen in 1974 in Nederland het kabinet Den Uyl aantrad, kwam de Surinaamse onafhankelijkheid in een stroomversnelling. De regering-Den Uyl vond het hebben van koloniën niet langer kunnen en stuurde aan op een versnelde onafhankelijkheid van Suriname. Op 25 november 1975 was het zover. Op die dag streek men de Nederlandse vlag voor het laatst en werd Suriname een onafhankelijke republiek. Later die dag werd Johan Ferrier, de laatste gouverneur, beëdigd tot president.

Overige onderwerpenBewerken

  • 1975-1980, de eerste onafhankelijkheidsperiode
  • Staatsgreep op 25 februari 1980
  • De Revolutie - militair bewind 1980-1987 olv. 'Legerleider' Bouterse.
  • De indianen (vanaf 1975 naamswijziging naar inheemse bevolking)
  • Binnenlandse Oorlog
  • Democratiseringsproces
  • Cocaïnebelangen
  • De moord op politie-inspecteur Herman Gooding
  • Armoede als nieuw fenomeen; hosselen, zeven-even, voedselpakketten, non-gouvernementale hulp
  • De 'zaak-Bouterse'
  • Surinamers in Nederland
  • Nederlanders in Suriname
  • Wijdenboschbrug

LiteratuurBewerken

Zie ookBewerken

Externe linksBewerken