Bloembekleedsel

De kelk- (calyx) en kroonbladen (corolla) van een bloem vormen samen de bloembekleedselen (periant of perianthium), waarbij er een duidelijk onderscheid is tussen kelk- en kroonbladen. Zijn ze niet van elkaar te onderscheiden, dan wordt het een bloemdek genoemd. Het zijn de steriele delen van de bloem. Ze staan ingeplant op de bloembodem.

Diagram van een bloem; het periant (bloemdek) bestaat uit kelk- en kroonbladen

De bloembekleedselen beschermen de fertiele delen van de bloem in het knopstadium. Ook kunnen ze tijdens de bloei bestuivers voor de bestuiving aantrekken.

Jung gebruikte de term periant in 1678 alleen voor de kelk, evenals Ray in 1682 en Linnaeus in 1751. Mirbel gebruikte de term in 1815 in de huidige betekenis.

Er worden verschillende periantvormen onderscheiden:

  • Heterochlamydeïsch: kelk- + kroonbladen aanwezig
  • Homochlamydeïsch: alleen kelkbladen of alleen kroonbladen aanwezig, zoals bij tulp en iep.
  • Haplochlamydeïsch (of monochlamydeïsch): één krans aanwezig, zoals bij de iep.
  • Diplochlamydeïsch: twee kransen aanwezig, zoals bij de tulp.
  • Achlamydeïsch: periant afwezig. Bloemen zijn naakt, zoals bij de wilg en es.

Zijn de kelkbladen met elkaar vergroeid, dan wordt dit synsepalie genoemd; zijn de kroonbladen met elkaar vergroeid, dan heet dit sympetalie.

CoronaBewerken

De corona (paraperigonium, paraperigoon of paracorolla) is een extra structuur bij sommige planten (bijv. Narcissus, Passiflora (passiebloem), sommige Hippeastrum en Liliaceae). Bij sommige anjers wordt de corona of bijkroon gevormd door een tongvormige, soms gelobde uitgroei (ligula) van de kroonbladen. Maar de corona kan ook worden gevormd door verbreding aan de basis van vergroeide meeldraden (bijvoorbeeld bij narcissen). Een corona kan ook gevormd worden door de stralenkrans die zich in de bloemkroon van de passiebloemfamilie bevindt en gewoonlijk bestaat uit talrijke draadvormige uitlopers (staminodiën, steriele meeldraden).

Het pappus van Asteraceae, beschouwd als een gemodificeerde kelk, wordt ook wel een corona genoemd als deze de vorm heeft van een kroon.

Zie ookBewerken

Levensvorm, groeivorm:boom · bladverliezend · chamaefyt · dwergstruik · eenjarige plant · epifyt · fanerofyt · geofyt · grasachtige plant · groeivorm · groenblijvend · halfstruik · hapaxant · heester · helofyt · hemikryptofyt · houtige plant · hydrofyt · klimplant · kruidachtig · levensduur · levensvorm · liaan · loofboom · loofverliezend · meerjarige plant · monocarpisch · naaldboom · overblijvend kruid · overblijvende plant · pol · rozet · struik · succulent · teloomtheorie · therofyt · tweejarige plant · vaste plant · waterplant
Wortel:bijwortel · centrale cilinder · diktegroei · endodermis · exodermis · luchtwortel · medulla · merg · penwortel · pericambium · pericykel · rhizodermis · rizoïde ·secundaire diktegroei · centrale cilinder · topmeristeem · wortel · wortelhaar · wortelmutsje · zijwortel
Stengel, stam:bast · cambium · centrale cilinder · cladodium · cladofyl · concaulescentie · cortex · diktegroei · fyllocladium · knoop · lenticel · metatopie · stekel · stele · spil · stengel · tak · topmeristeem · schors · stam · uitloper · vertakking · wortelstok
Blad:ader · blad · bladgroen · bladgroenkorrel · bladkussen · bladmoes · bladnerf · bladschede · bladschijf · chloroplast · bladstand · bladsteel · bladvoet · catafyl · cladoprofyllum · chlorenchym · fyllodium · fyllotaxis · hoofdnerf · kokertje · ligula · nerf · nervatuur · prefoliatie · ptyxis · steunblaadje · tongetje · tuitje · vernatie · zaadlob · zijnerf
Bloemgameetspore:actinomorf · androecium · androfoor · androgynofoor · anthofoor · anthere · anthotaxis · bijkelk · bloemstengel · bloeiwijze · bloemgestel · bloem · bloembodem · bloembekleedsel · bloemdek · bloemdekblad · bloemkroon · bloemstengel · bractee · calyx · carpel · carpofoor · caulis · connectivum · corolla · discus · epicalyx · estivatie · filament · funiculus · gametofyt · gynoecium · gynofoor · helmbindsel · helmdraad · helmhokje · helmhokje · hoogteblad · hypanthium · hypsofyl · inflorescentie · integument · kegel · kelk · kelkblad · knopligging · kroon · kroonblad · macrospore · meeldraad · meeldraaddrager · microspore · navelstreng · nucellus · omwindsel · ovarium · ovulum · periant · perigoon · petaal · placenta · pollenbuis · receptaculum · schijf · schutblad · sepaal · sporangium · spore · sporofyl · sporophyllum · sporofyt · stamper · stamperdrager · stempel · stengel · stigma · stijl · stylopodium · strobilus · tepaal · theca · vruchtbeginsel · vruchtblad · zaadbeginsel · zaadknop · zaadknopkern · zaadlijst · zygomorf
Vruchtzaadkieming:carpel · cotyl · cryptocotylair · embryo · endosperm · epigeïsch · fanerocotylair · hypogeïsch · integument · kieming · kiemopening · kiemwit · mierenbroodje · perisperm · pluimpje · schijnvrucht · vaatmerk · vrucht · vruchtbeginsel · vruchtblad · zaad · zaadhuid · zaadlijst · zaadlob · zygote
Morfologie & anatomie:apoplast · blad · bladgroenkorrel · bladstand · bloeiwijze · bloem · bloemkroon · boomkruin · celwand · chloroplast · collenchym · cortex · cuticula · eicel · epidermis · felleem · fellogeen · felloderm · fenologie · floëem · fytografie · gameet · gametofyt · groeivorm · haar · houtvat · huidmondje · hypodermis · intercellulair · kelk · klierhaar · kurk · kurkcambium · kurkschors · levensduur · levensvorm · merg · meristeem · middenlamel · palissadeparenchym · parenchym · periderm · plantaardige cel · plastide · schors · sclereïde · sclerenchym · spermatozoïde · sponsparenchym · sporofyt · stam · steencel · stengel · stippel · symplast · tak · thallus · topmeristeem · trachee · tracheïde · tylose · vaatbundel · vacuole · vrucht · wortel · xyleem · zaad · zaadcel · zeefvat · zygote