Hoofdmenu openen
Vierassige bijwagen HTM 769 (bouwjaar 1929) van de Haagse tram in het Haags Openbaar Vervoer Museum.
Bijwagen van de tram van Wenen, getrokken door een gelede motorwagen
Tram met bijwagen in Braunschweig.

Een bijwagen of aanhangrijtuig is een tram (of bus) die niet gemotoriseerd is en zich daardoor niet zelf kan voortbewegen. Een bijwagen moet dus altijd door een motorwagen of locomotief worden voortgetrokken.Ook kan de bijwagen tussen 2 motorwagens worden geplaatst.Er kunnen passagiers of goederen mee worden vervoerd.

Inhoud

GeschiedenisBewerken

Met de komst van de elektrische tram eind 19e eeuw, begin 20e eeuw, werden de bestaande paardentramwagens veelal verder gebruikt als bijwagens achter de nieuwe elektrische motorwagens. Ook stoomtrams hadden bijwagens, maar daar werden zij door een stoomloc getrokken. Toen de trambedrijven groter werden en de oude paardetramrijtuigen aan vervanging toe waren, werden ook op grote schaal voor dit doel gebouwde bijwagens aangeschaft. Van sommige series bijwagens werden er zelfs meer gebouwd dan van de bijbehorende motorwagens. Ook kwam het voor dat een motorwagen meerdere bijwagens trok. Sommige bedrijven hadden ook open bijwagens voor het vervoer op mooie zomerdagen.

NederlandBewerken

Met de komst van de gelede tram verdwenen de aparte bijwagens. In Nederland werden de laatste bijwagens in Amsterdam en in Rotterdam buiten dienst gesteld in 1983.

In Den Haag werden de laatste echte bijwagens buiten dienst gesteld in 1965. Vanaf 1974 heeft een serie gemotoriseerde PCC-bijwagens (serie 2100; motorrijtuig zonder bestuurderscabine) dienstgedaan.

In 2010 keerde echter het fenomeen bijwagen voor korte tijd terug in Nederland in de vorm van uit Wenen afkomstige gelede bijwagens, die werden gebruikt op de sneltram Utrecht - Nieuwegein, waar ze tot en met 2014 op spitstramlijn 260 tussen twee gelede motorwagens werden ingezet.

BelgieBewerken

Bijwagens worden in België sinds de jaren tachtig niet meer gebruikt.

DuitslandBewerken

In Bremen, Bremerhaven en München hebben ook gelede bijwagens dienstgedaan. In Bielefeld zijn bijwagens aangeschaft die tussen twee motorwagens dienstdoen en in Kassel zijn recent lagevloerbijwagens aangeschaft afkomstig uit Rostock die achter gelede wagens worden gehangen. Ook in Braunschweig doen nog enkele bijwagens dienst.

BussenBewerken

Er zijn ook bussen met bijwagens (aanhangwagens) geweest, bij onder meer de RET op buslijn 52 tussen 1953 en 1962 en bij de RTM. In Zwitserland hebben ze bij meerdere bedrijven gereden. Tegenwoordig rijden in Osnabruck bijwagens achter 12 meter bussen op lijn 22 naar de Universiteit die echter alleen bij groot passagiersaanbod worden opengesteld.

Andere betekenisBewerken

Het woord "bijwagen" wordt ook wel gebruikt als term in de politiek waarbij een kleinere regeringspartij door een grotere regeringspartij wordt overvleugeld en vrijwel alles moet slikken wat deze besluit.[1]