Hoofdmenu openen

Efteling Stoomtrein Maatschappij

rondrit in Loon op Zand, Nederland
Locomotief 'Aagje' met trein van de Efteling Stoomtrein Maatschappij rijdt over de brug over de Siervijver.
De ringlijn van de Efteling Stoomtrein door de Efteling.
Het smalspoor van de Efteling Stoomtrein in een bosrijk gedeelte van het park
De Efteling Stoomtrein onderweg door het bos.
De Efteling Stoomtrein met loc 'Aagje', gezien vanuit de Gondoletta.
Locomotief 'Aagje' met trein van de Efteling Stoomtrein Maatschappij arriveert in het Station Marerijk. Foto: Erik Swierstra.

De Stoomtrein is sinds 1969 een van de attracties in Attractiepark de Efteling te Kaatsheuvel.

Het Kinderspoor werd al in 1954 in gebruik genomen, maar de eerste stoomtrein reed op 31 maart 1969 door het park. Nog meer (model)treinen verschenen achter de Stoomcarrousel in 1971 in de driedimensionale miniatuurwereld die lijkt op een prent van Anton Pieck.

De Efteling was al sinds 1959 bezig geweest met het idee voor de aanleg van een spoortraject in het park. Firma’s als 'Spoorijzer’ te Delft, 'Krekel’ te Apeldoorn en 'Neve’ te Vreeswijk konden het park echter niet bieden wat zij zocht. Uiteindelijk werd in 1968 de locomotief 'Aagje' gekocht. De stoomlocomotief, die stamt uit 1911, was toen nog in gebruik in de Arnhemse Steenfabriek IJsseloord. De Efteling Stoomtrein werd in gebruik genomen bij het begin van het nieuwe seizoen met Pasen in maart 1969.

Spoorlijn en StationsBewerken

De spoorwijdte van de smalspoorlijn is 600 mm. Het eerste spoor werd in 1968 aangelegd. Hiervoor werden zware Cockerill-rails uit 1914 gebruikt, die van een Belgische aannemer konden worden overgenomen. De lijn liep in een U-vorm om het park heen en had een lengte van één kilometer en twee stations. De lengte van het spoor is, na een aantal verlengingen in de loop der jaren, nu ruim drie kilometer. De lijn vormt nu een ringlijn die met de klok mee wordt bereden. Hij loopt nu om vrijwel het hele park heen, behalve het noordelijke en meest westelijke deel. Langs de lijn zijn er thans twee stations waar reizigers kunnen in- en uitstappen: Station Marerijk (Station West) aan de Sint Nicolaasplaets en in De Oost.

Aanvankelijk was de baan aan beide eindpunten voorzien van een keerdriehoek, zodat de locomotief altijd 'met schoorsteen voor' kon rijden. De eerste verlenging van de lijn was in 1974, toen het westelijke Station, bij het Sprookjesbos, werd verplaatst van de oorspronkelijke locatie naar de Sint Nicolaasplaets, waar nu nog het vertrekpunt van de trein is. Ook werd er halverwege de lijn een wisselplaats aangelegd, zodat de twee treinen die nu gingen rijden elkaar onderweg konden kruisen. Vanaf het begin van het seizoen 1974 was de lijn geschikt om er twee treinen te laten rijden.

In 1981 werd de lijn aan de zuidoostkant over 500 meter verlegd om ruimte te maken voor de bouw van de Python, de trein rijdt hier nu omheen. Aan dit lijngedeelte ligt nu het Station De Oost.

Al vanaf 1972 was er de wens om een ringlijn te vormen. Daarvoor kwam in 1984 de laatste verlenging van 500 meter tot stand. De cirkel werd gesloten door tussen west en oost een verbinding te leggen, vanaf de Sint Nicolaasplaets, langs de speelweide en met een 75 meter lange brug over de Siervijver, om aan te sluiten op de bestaande lijn ten oosten van de Gondolettavijver. Het oude Station Noord werd buiten dienst gesteld, hier staat nu de Kleuterhof. Er waren nu Stations bij de Python (Ruigrijk, thans De Oost) en Piraña (Zuid). Het Station Zuid werd later gesloten. De rit over het nu bijna drie kilometer lange traject wordt in ruim vijftien minuten afgelegd.

In 1999 werd de spoorbaan compleet gerenoveerd. Tevens werd ter hoogte van 'Droomvlucht' een nieuwe remise in gebruik genomen. Dit nieuwe gebouw bevat tevens het 'Sprookjesstation'. De oude remise die achter het winkeltje op het Herautenplein lag is afgebroken. Op deze plek werden struiken aangeplant.

In het Sprookjesstation nabij Marerijk wordt niet gestopt, maar kunnen de passagiers figuren zoals een Holle Bolle Gijs, de Gelaarsde Kat, een kabouter en een heks zien. Voor het grootste deel zijn de passagiers op het perron Laven.

In 2009 werd het bestaande horecapunt Likkebaerd aangepakt en grondig verbouwd tot een gethematiseerd Stationsgebouw met horecavoorziening. Station de Oost opende haar deuren vanaf het begin van de Winter Efteling 2009.

MaterieelBewerken

De Efteling Stoomtrein telt vijf locomotieven:[1]

  • 'Aagje' (bouwjaar 1911, in de Efteling sinds 1968)
  • 'Moortje' (bouwjaar 1908, in de Efteling sinds 1974)
  • 'Neefje' (bouwjaar 1914, in de Efteling sinds 1980, buiten dienst sinds 1991)
  • 'Trijntje' (bouwjaar 1991)
  • 'Dieseltje I' (bouwjaar 1953, buiten dienst 1995)
  • 'Dieseltje II' (bouwjaar circa 1995; deze rijdt vroeg in de ochtend, als de stoomlocomotieven nog op temperatuur moeten komen)

Alle stoomlocomotieven hebben een door Anton Pieck ontworpen tender gekregen, hoewel deze bij dit loctype niet gebruikelijk was. De stoomlocs worden gestookt op kolen.

Locomotief 'Aagje'Bewerken

 
De Efteling Stoomtrein met locomotief 'Aagje' op een overweg.

Stoomloc 'Aagje' is een in 1911 door Orenstein & Koppel (fabieksnummer 4930) gebouwde locomotief, die dienst deed bij steenfabriek IJsseloord in Arnhem. In 1968 werd het locje door de Efteling overgenomen. Voordat hij bij de Efteling kwam werd de locomotief opgeknapt door Kees Neve. Uiteindelijk kreeg de locomotief een donkergroene kleur. Het locje is aangepast aan de ideeën van Anton Pieck, de ontwerper van de Efteling. Zo heeft het bijvoorbeeld een losse tender gekregen, omdat het publiek die nu eenmaal verwacht bij een stoomloc. Voor de tender werden wielen gebruikt van oude mijnkarren. De loc kreeg in 1979 ook een nieuwe ketel. Later zijn er ook andere details aan toegevoegd. Zo zit er tegenwoordig ter hoogte van de schoorsteen een frontsein.

Het laatste defilé voor koningin Juliana bij Paleis Soestdijk werd in 1980 gehouden, zij werd dat jaar opgevolgd door koningin Beatrix. De stoomtrein van de Efteling reed voor die gelegenheid door de tuin voor Paleis Soestdijk, waar speciaal een spoor was aangelegd. Locomotief 'Aagje' trok zijn koninklijke gasten tijdens een ritje over een zestig centimeter breed spoor.

Locomotief 'Moortje'Bewerken

 
Locomotief 'Moortje.

Als gevolg van het succes van de stoomtrein zocht de directie naar uitbreiding van de capaciteit. Deze werd gevonden door aanschaf van een tweede locomotief en het bijbouwen van een tweede stel rijtuigen. Locomotief 'Aagje' kreeg in 1974 versterking van 'Moortje'. Deze locomotief was ook door Orenstein & Koppel gebouwd en wel in 1908 (fabrieksnummer 2697). Zij werd overgenomen van een sloper in Brussel en was niet meer dan een hoop oud ijzer. Na een grote herstelling, inclusief een nieuwe ketel en een nieuwe tender, kon de loc in 1974 in dienst gesteld worden. Vanwege de zwarte kleur werd de loc 'Moortje' gedoopt.

Locomotief 'Neefje'Bewerken

 
Locomotief 'Neefje' van de Efteling Stoomtrein Maatschappij opgesteld als statisch monument voor Station Marerijk. Foto: Erik Swierstra.

Omdat er naast de twee aanwezige locomotieven behoefte bestond aan een reserveloc werd uitgezien naar een derde loc. Bij Kees Neve in Zeeland (N.B.) stond een in 1914 door Henschel & Sohn (fabrieksnummer 13067) gebouwde vuurloze locomotief. Deze was afkomstig van de Koninklijke Nederlandsche Gist- en Spiritusfabriek te Delft.

In 1980 kwam deze loc in de Efteling als 'Neefje' in dienst, de derde locomotief na 'Aagje' en 'Moortje'. 'Neefje' was vernoemd naar Kees Neve, van de Stichting Stoomcentrum Zeeland, die alle drie locomotieven reviseerde en gebruiksklaar maakte voor de Efteling. Daarnaast is de naam 'Neefje' een verwijzing naar 'Aagje' en 'Moortje' (broer en zus), aangezien zij welbeschouwd een 'Neefje' is van beide locomotieven. 'Neefje' was aanvankelijk een vuurloze locomotief en dat betekende dat zij geen vuurkist had. Dit was voor de Efteling niet bruikbaar, zodat de locomotief door Neve werd omgebouwd met een nieuwe ketel en nieuw machinistenhuis. Door de ombouw en het toevoegen van een stoomketel werd de loc veel zwaarder. De lagers en assen konden dit gewicht niet aan. Daarom werd de machine na de komst van 'Trijntje' in 1992 niet meer gebruikt. De locomotief stond tot 2001 opgeborgen in de remise, waarna deze op de Sint Nicolaasplaets werd geplaatst als statisch monument.

Locomotief 'Trijntje'Bewerken

In plaats van 'Neefje' is loc 'Trijntje' in dienst gekomen. Deze loc is in 1991 nieuw gebouwd door Alan Keef, leverancier van smalspoormaterieel te Ross-on-Wye in Engeland, onder fabrieksnummer 38.[2]

Locomotief 'Dieseltje'Bewerken

Verder heeft de Efteling een diesellocomotief, die wordt gebruikt om 's ochtends een controlerondje te rijden en afval van het traject te verwijderen. De eerste was een Diema-locje, gebouwd in 1953 door de Diepholzer Maschinenfabrik met het fabrieksnummer 1600. Dit locomotiefje droeg de naam 'Dieseltje' en kwam bij de Efteling in 1975 terecht als hulploc. Na 20 jaar dienst werd de eerste diesellocomotief vervangen en ingeruild bij Alan Keef te Ross-on-Wye in Engeland. Dit bedrijf bouwde in 1995 speciaal voor de Efteling een nieuwe diesellocomotief onder fabrieksnummer 40. De oude diesellocomotief werd doorverkocht aan een amateurspoorlijn in Engeland.

RijtuigenBewerken

Aanvankelijk waren er vier gesloten rijtuigen die in 1969 in eigen beheer waren gebouwd. Omdat deze vier rijtuigen te weinig capaciteit hadden werden er zes open rijtuigen bijgebouwd. Met de komst van 'Moortje' in de Efteling werden er in 1974 nog eens acht open rijtuigen gebouwd, zodat er nu totaal achttien rijtuigen zijn, die ieder aan 18 passagiers plaats bieden. Met deze achttien rijtuigen worden twee treinstammen gevormd van 9 rijtuigen, die bestaan uit zeven open en achterin twee gesloten rijtuigen. Aan de achterkant van het laatste gesloten rijtuig hangt een sprookjesachtige schatkist met een stroomgenerator erin. Deze wordt in de wintermaanden gebruikt om elektriciteit op te wekken voor de verlichting op de rijtuigen en locomotieven. Op beide treinstammen hangt aan het laatste rijtuig ook een rood sluitsein.

LiteratuurBewerken

  • Stoomtreinen in De Efteling, Sporen in sprookjesland; door R.G. Klomp, in Op de Rails, 1983-2, pagina 35. ISSN 0030-3321

ReferentiesBewerken

Externe linksBewerken