Psalm 42

psalm
Hoogaltaar in de Kerk van de H. Lucia in Ostrach, verbeeldt de dorstige herten

Psalm 42 is een psalm uit het Boek der Psalmen, een van de oudtestamentische Bijbelboeken. De psalm is gemaakt door de Korachieten, een familie van Israëlitische tempelzangers. Psalm 42 is sterk verbonden met psalm 43. Net zoals dit bijvoorbeeld het geval is bij de psalmen 9 en 10.

De eerste regel van deze psalm - in een veelgebruikte berijming: t Hijgend hert, der jacht ontkomen - geniet brede bekendheid. De eerste strofe van deze psalm bezingt hoe de psalmist (zoals een hert, dat smacht naar de waterbron) smacht naar God. In een andere vertaling wordt dit verwoord als: Zoals het hert dorst naar de waterbron, zo dorst mijn ziel, O God, naar U. In de Statenvertaling luidt de eerste regel Gelijk een hert schreeuwt naar de waterstromen, alzo schreeuwt mijn ziel tot U, o God!

De psalm is door verschillende componisten op muziek gezet:

De melodie uit het Geneefs Psalter komt ook terug in het onderdeel Freu' dich sehr uit de Lukas-Passion die wordt toegeschreven aan Johann Sebastian Bach.

Petrus Canisiusvertaling (1939)Bewerken

Zoals een hert smacht naar de stromende wateren
zo smacht mijn ziel naar U, o God!
Mijn ziel dorst naar God, naar den levenden God:
wanneer mag ik opgaan, en Gods aanschijn aanschouwen?
Dag en nacht zijn de tranen mijn brood,
omdat mij almaar gezegd wordt: "Waar blijft toch uw God!"
Ik denk er met diepe weemoed aan terug,
hoe ik optrok in vorstelijke stoet naar Gods huis,
onder gejuich en gejubel en het gejoel van de schare.
Mijn ziel, wat zijt gij bedroefd, en wat kreunt gij in mij?
Vertrouw toch op God: dan zal ik Hem eens mogen danken als mijn Helper en God!
Mijn ziel is bedroefd, daarom denk ik aan U terug,
in het land van Jordaan en Hermon en in het lage gebergte.
Afgrond dreunt tegen afgrond door het gebruis van uw stromen.
Al uw golven en baren slaan over mij heen.
Overdag blijf ik uitzien naar Jahweh om zijn genade,
‘s nachts klinkt mijn lied als een gebed tot den levenden God.
Ik zeg tot mijn God en mijn Rots: "Waarom zijt Gij mij vergeten?
Waarom ga ik in rouw door de druk van mijn vijand?"
De hoon van mijn haters schrijnt als een steek in mijn beenderen,
omdat mij almaar gezegd wordt: "Waar blijft toch uw God!"
Mijn ziel, wat zijt gij bedroefd, en wat kreunt gij in mij?
Vertrouw toch op God: Dan zal ik Hem eens mogen danken Als mijn Helper en God!

Populaire cultuurBewerken

De beeldspraak van het hijgend hert is door de (Nederlandstalige) populaire cultuur omarmd. Zo zijn er cafés met deze naam in Breda en Vijlen. In een tweetal boeken is de beeldspraak in de titel verwerkt, Het hijgend hert den jacht ontkomen. Een wiskundige studie over eenvoudige ecosystemen bestaande uit roof- en prooidieren door de wiskundige Henk Moed (1976) en de roman Het hijgend hert van Gerard Reve.

Ook het onderscheidingsteken voor mariniers die met succes een 'koudweertraining' hebben doorlopen, wordt een 'Hijgend hert' genoemd.[1]

Externe linksBewerken