Donkere ooievaarsbek

soort uit het geslacht geranium

De donkere ooievaarsbek (Geranium phaeum) is een vaste plant uit de ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae). Het is een stinsenplant waarvan de bloeitijd loopt van mei tot in juni.

Donkere ooievaarsbek
Godsheide 20-04-2009 15-19-43.JPG
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Rosiden
Orde:Geraniales
Familie:Geraniaceae (Ooievaarsbekfamilie)
Geslacht:Geranium
Soort
Geranium phaeum
L. (1753)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Donkere ooievaarsbek op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

BeschrijvingBewerken

De min of meer rechtopstaande stengels zijn 30-60 cm lang en in het bovenste deel vertakt. Ze zijn behaard met lange, afstaande haren. De plant groeit in een pol. De rozetbladeren zijn langgesteeld. De verspreid staande stengelbladen hebben grof getande slippen met meestal een aantal paren zwarte vlekken aan beide kanten van de diepere bladinsnijdingen. De bloemen zijn tweeslachtig, ze staan staan met twee bij elkaar in een ijle bloeiwijze aan het eind van een stengel. De top van de bloemsteel buigt tijdens de bloei, de bloem staat daardoor iets voorover. De circa 2 cm grote bloemen zijn zwartachtig paars van kleur. Ze zijn iets teruggeslagen, omgekeerd hartvormig, aan de top uitgerand en hebben vaak een korte eindspits. Elke bloem heeft tien meeldraden, de stempels zijn groengeel. De vrucht is een kluisvrucht, de zaden zijn kaal en glad. De plant is tweezaadlobbig.

VerspreidingBewerken

Donkere ooievaarsbek groeit van oorsprong op de bergweiden van Midden- en Zuid-Europa. In de Lage Landen is ze sinds de achttiende eeuw ingeburgerd. In Nederland en Vlaanderen komt de plant vooral voor in de buurt van de Utrechtse Vecht en aan de Hollandse binnenduinrand, daarbuiten is ze zeer zeldzaam. In de Belgische Ardennen is ze algemener. Als sierplant is donkere ooievaarsbek ingeburgerd op meerdere plaatsen in West-Europa.

GroeiplaatsenBewerken

De soort is te vinden op zonnige tot licht beschaduwde, matig stikstofrijke en vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, matig zure tot zwak basische zand-, klei- en leembodems.

De overblijvende plant groeit in loof- en parkbossen, in bossen bij buitenplaatsen en in hellingbossen, in bosranden en houtwallen, in heggen, struwelen, oude boomgaarden en begraafplaatsen. Verder staat ze ook wel in enigszins ruig grasland en aan waterkanten.

GebruikBewerken

De zwartachtig paarse bloemen worden als rouwsymbool gebruikt. De wortel van de plant wordt in de kruidengeneeskunde als bloedzuiverend middel aangewend en zou een positieve invloed op de bloedsomloop hebben.

PlantengemeenschapBewerken

De donkere ooievaarsbek is een kensoort voor het essen-iepenbos (Fraxino-Ulmetum).

AfbeeldingenBewerken

 
Donkere ooievaarsbek
 
Donkere ooievaarsbek
 
Geranium phaeum album

Externe linkBewerken

  Mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Geranium phaeum op Wikimedia Commons.
Stinsenplant en bijgoed
Kenmerkende stinsenplanten:adderwortel · blauwe anemoon · blauwe druifjes · bosanemoon · boerenkrokus · bonte krokus · bosgeelster · daslook · gele anemoon · gevlekt longkruid · gevlekte aronskelk · gewone vogelmelk · gewoon sneeuwklokje · grote bosaardbei · holwortel · herfsttijloos · Italiaanse aronskelk · Haarlems klokkenspel · knikkende vogelmelk · kievitsbloem · kraailook · lelietje-van-dalen · lenteklokje · mansoor · oosterse sterhyacint · trompetnarcis · vingerhelmbloem · vroege sterhyacint · wilde hyacint · wilde narcis · winterakoniet
Bijkomende soorten:alpenbes · armbloemig look · beemdooievaarsbek · bergbeemdgras · blauwe anemoon · bloedzuring · bosvergeet-mij-nietje · daglelies · donkere ooievaarsbek · dikkemanskruid · elfenbloempje · fluitenkruid · gele dovenetel · gevlekte dovenetel · grote sneeuwroem · gebroken hartje · gulden sleutelbloem · Japans hoefblad · Japanse duizendknoop · maarts viooltje · monnikskap · Kaukasisch sneeuwklokje · keizerskroon · kleine maagdenpalm · kleine sneeuwroem · kruipend zenegroen · lievevrouwebedstro · leverbloempje · oosterse anemoon · overblijvende ossentong · prachtframboos · pastinaak · robertskruid · roomse kervel · salomonszegel · slanke sleutelbloem · sneeuwbes · speenkruid · stinkend nieskruid · struisvaren · stengelloze sleutelbloem · Turkse lelie · tuinkamperfoelie · voorjaarszonnebloem · voorjaarshelmkruid · wilde akelei · wit hoefblad · wrangwortel · zevenblad · zomerklokje