Hoofdmenu openen

Sneeuwspringer

soort uit het geslacht Boreus

De sneeuwspringer of sneeuwvlo (Boreus hyemalis) is een insect uit de orde van de Mecoptera, familie van de Boreidae (Sneeuwvlooien).

Sneeuwspringer
Vrouwtje
Vrouwtje
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse:Insecta (Insecten)
Orde:Mecoptera (Schorpioenvliegen)
Familie:Boreidae (Sneeuwvlooien)
Geslacht:Boreus
Soort
Boreus hyemalis
(Linnaeus, 1767)
Detail mannetje
Detail mannetje
Afbeeldingen Sneeuwspringer op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Sneeuwspringer op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

BeschrijvingBewerken

Het diertje wordt zo'n 4 millimeter groot. De grondkleur is zwart met groene metaalglans, pas ontpopte exemplaren zijn echter lichtgekleurd. De "snavel" is bruin. De legboor bij het wijfje is oranjegeel met een bruine punt. Het mannetje heeft gedegenereerde vleugels, die bestaan uit vier naar boven stekende vleugelstompjes. Deze stompjes worden gebruikt tijdens de paring. Het mannetje grijpt daarmee van onderaf het vrouwtje. Ook het vrouwtje heeft gedegenereerde vleugels, maar hier zijn alleen twee schubben over.

Het diertje kan achter elkaar enkele sprongen maken van tot 20 centimeter. Hierdoor heeft het in de verte wat van een sprinkhaan. Het maken van deze sprongen stelt het in staat om stukken losse sneeuw over te steken. De dieren zijn actief bij een voorkeurstemperatuur van zo'n 10°C. Op zonnige dagen is nog activiteit waargenomen bij -1 tot -2°C.

LevenscyclusBewerken

De sneeuwspringer is in de winter actief, van oktober tot maart, en plant zich ook in de winter voort. Enkele dagen na de ontpopping vindt de paring plaats, die enkele dagen kan duren. Het vrouwtje zet ongeveer 10 eitjes af bij mossen. In april kruipen de larven uit. Zij leven vooral onder de grond en voeden zich met rizoïden van mossen. Op hete zomerdagen worden ze tot 20 centimeter diepte gevonden. Hun voorkeurstemperatuur is 33°C. De ontwikkelingscyclus duurt meestal twee jaar, maar in gunstige omstandigheden een jaar. Net als de larve voedt de imago zich met mossen, maar ook met dierlijke resten.

VoorkomenBewerken

De sneeuwspringer komt voor in delen van Europa, met een nadruk op het westen en Roemenië als meest oostelijke vindplaats. In Nederland of België is de soort vrij algemeen.

Externe linkBewerken

  • Kaarten met waarnemingen: