Royal Charleroi Sporting Club

voetbalclub uit België

Royal Charleroi Sporting Club, of kortweg Sporting Charleroi, is een Belgische voetbalclub uit Charleroi. De club speelt vanaf seizoen 2012–2013 opnieuw in Eerste klasse na 1 jaar in Tweede Klasse te hebben vertoefd. Daarvoor had het 26 jaar (van 1985 tot 2011) ononderbroken in de hoogste afdeling gespeeld. De club is aangesloten bij de KBVB met stamnummer 22. De bijnaam De Zebra's komt van de truitjes met zwart/witte strepen en dook voor het eerst op in 1926.

Sporting Charleroi
Naam Royal Charleroi Sporting Club
Bijnaam De Zebra's
Stamnummer 22
Opgericht 1904
Plaats Charleroi
Stadion Stade du Pays de Charleroi
Capaciteit 15.000
Voorzitter Vlag van België Fabien Debecq
Manager Vlag van Iran Mehdi Bayat
Trainer Vlag van België Edward Still
(Hoofd)sponsor Lotto
Competitie Eerste klasse A
Thuis
Uit
Geldig voor 2020/21
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

GeschiedenisBewerken

BeginjarenBewerken

In 1904 richtte Firmin Bridoux, Bernus en Deguelde Charleroi Sporting Club op. De club legde zich vooral toe op voetbal en schermen. De eerste leden van de sportclub waren de drie oprichters en hun vrienden. Charleroi SC werd in 1904 ingeschreven bij de Belgische voetbalbond, maar ontving pas op 24 november 1907 de officiële inschrijving. Vanaf dan mocht het team aantreden in voetbalcompetities. Charleroi SC vertoefde vervolgens enkele jaren in het Belgisch provinciaal voetbal. Tijdens de beginjaren bleek de club op sportief vlak niet veel vooruitgang te boeken. Gedurende Wereldoorlog I werd beslist om het team grondig aan te passen. In de enkele officieuze wedstrijden die toen georganiseerd werden, kon Charleroi SC wel uitblinken. Na de Wereldoorlog startte Charleroi SC met een nieuwe lei. De club werd kampioen in Tweede Provinciale, maar kon in de eindronde geen ticket voor promotie afdwingen. Ook de volgende seizoenen greep de club net naast de promotie.

Het financiële aspect van de club werd steeds belangrijker. Om in de toekomst successen te kunnen behalen, besloten enkele kapitaalkrachtige heren om een coöperatie te starten. Onder meer Joseph Tirou en Arthur Regniers behoorden bij de oprichters. Tirou werd tevens de eerste voorzitter van de club. Onder impuls van de nieuwe coöperatie werd er ook voor het eerst een groot stadion gebouwd. In Rue Spinois kwam er een stadion dat plaats bood aan zo'n 10.000 supporters. Het werd op kerstmis 1923 geopend. Een jaar later slaagde Charleroi SC er in om een reeks te stijgen. De club had enkele maanden voordien ook voor de eerste maal de derby tegen Olympic Charleroi gespeeld.

Gedurende de jaren '20 groeide Charleroi SC uit tot een liftploeg. De club wisselde voortdurend tussen Eerste en Tweede Provinciale. Eind jaren '20 kon de club voor het eerst enkele seizoenen overleven in Eerste Provinciale. Sterker nog, in 1929 werd Charleroi SC zelfs kampioen en mocht de club voor de eerste maal naar Tweede Klasse. Het werd een speciaal jaar voor Charleroi SC, want wegens het 25-jarig bestaan van de club werd de naam veranderd in Royal Charleroi SC.

Tijdens de jaren 30 groeide Charleroi uit tot een van de smaakmakers in Eerste Provinciale, hoewel de club regelmatig terugzakte naar Tweede Provinciale. Vooral de derby's tegen stadsgenoot Olympic Charleroi brachten veel volk op de been. Toen beide clubs uit Charleroi in 1936 op de eerste plaats eindigden, moest een testwedstrijd bepalen wie kampioen werd. Olympic trok aan het langste eind en zag hoe een jaar later Sporting Charleroi dan toch kampioen speelde.

De eerste BekerfinaleBewerken

Net toen de club aan een sportieve opmars bezig was, brak Wereldoorlog II uit. Enkele nationale voetbalcompetities werden geannuleerd en in sommige regio's vervangen door regionale competities. In 1947 eindigde Charleroi als eerste in Tweede Klasse, net voor vicekampioen Stade Leuven. De club steeg voor de eerste keer naar Eerste Klasse. In het eerste seizoen kreeg Charleroi het moeilijk en flirtte het met de degradatie. Een jaar later werd de club knap vierde, na RSC Anderlecht, Standard Luik en Berchem Sport. René Thirifays zette de kroon op het werk en werd dat jaar topschutter met 24 doelpunten. In zowel 1951/52 als 1952/53 ontsnapten de Zebra's op nippertje aan de degradatie. Maar in 1956/57 was het dan toch zo ver. De club eindigde als laatste met 17 punten uit 30 wedstrijden. Na net geen tien seizoenen in Tweede Klasse maakte Charleroi terug zijn opwachting in de hoogste afdeling. De club was in 1966 vicekampioen geworden, na kampioen KSV Waregem, en had zo de promotie afgedwongen. De kersverse promovendus had het in eerste instantie moeilijk om te overleven in Eerste Klasse, maar werd in 1969 verrassend vicekampioen na Standard. Aanvoerder toen was Jean-Paul Spaute, die later nog voorzitter zou worden van de club. Lang duurde het succes echter niet want tijdens het seizoen 1970/71 werd Charleroi voorlaatste. Opmerkelijk is wel dat de Zebra's een jaar eerder nog Europees hadden gespeeld. In de op een na laatste editie van de Jaarbeursstedenbeker had Charleroi de tweede ronde bereikt. Een andere Belgische club, Anderlecht, had in diezelfde editie de finale gehaald en verloren. In 1974 keerde Charleroi terug naar Eerste Klasse.

Vanaf dan nestelde de club zich voornamelijk in de middenmoot van het klassement. Een uitschieter was ongetwijfeld de finale van de Beker van België in 1978. Het team dat toen bestond uit namen als Chris Dekker, Jacques Van Welle, Charly Jacobs en Enver Hadžiabdić bereikte de finale, waarin het verloor van KSK Beveren. Het team van trainer Felix Week greep zo net naast een eerste trofee en Europees voetbal. Twee jaar later moesten de Carolo's wegens slechte resultaten weer onverbiddelijk naar Tweede Klasse. Vanaf dan zou Jean-Paul Spaute het voorzitterschap van de club op zich nemen en zijn Charleroi terug naar de hoogste regionen leiden.

Weer naar eerste klasseBewerken

In 1985 eiste Charleroi via de eindronde in Tweede Klasse dan toch weer een plaats in de hoogste afdeling op. Die terugkeer had het te danken aan trainer André Colasse, gewezen speler van Sporting Charleroi. Pas terug in Eerste Klasse en het team trok al meteen enkele talentvolle spelers aan. Zo werd Jacky Mathijssen de nieuwe doelman en maakte ook de jonge Philippe Albert zijn debuut. De club groeide uit tot een stabiele middenmoter. Het was pas midden jaren 90, onder het gezag van coach Robert Waseige, dat Charleroi zich ontpopte tot een waardige subtopper. Zo haalde de Zebra's in 1993 voor de tweede keer in de geschiedenis van de club de finale van de Beker van België. Maar net als in 1978 verloor Charleroi. Deze keer bleek het Standard van Arie Haan te sterk. Opnieuw geen Europees voetbal, maar daar kwam in 1994 verandering in. Waseige loodste zijn team naar de vierde plaats en veroverde zo een ticktet voor de UEFA Cup. Het team bestond in die periode uit enkele bekende namen als Dante Brogno, Nebojša Malbaša, Marco Casto en ouderdomsdeken Raymond Mommens. Georges Leekens werd nadien de vervanger van Waseige, maar raakte met Charleroi niet verder dan de eerste ronde van de UEFA Cup.

Euro 2000Bewerken

Toen eind jaren 90 bekend raakte dat België en Nederland samen het Europees Kampioenschap zouden organiseren, kreeg het stadion van Charleroi een fikse oplapbeurt. Het Stade de Mambourg zoals het in die dagen heette, werd op 24 mei 1999 omgedoopt tot het Stade du Pays de Charleroi. Tijdens de groepsfase van Euro 2000 werd het stadion gebruikt voor wedstrijden van onder meer Engeland, Duitsland en Roemenië. Het stadion stond tijdens het EK enorm in de belangstelling. Toen Engeland het in de eerste ronde tegen Duitsland opnam, vreesde menig voetbalsupporter dat er rellen in en rond het stadion zouden uitbreken. Voordien was er trouwens nog geklaagd over de veiligheid van het stadion, want de tribunes waren volgens een veiligheidsonderzoek te steil en dus moeilijk bereikbaar door de verscheidene ordediensten.

Begin 21e eeuwBewerken

Na het EK streek Enzo Scifo neer in Charleroi. De gewezen Rode Duivel werd er eerst speler en nadien ook trainer. Hij was onder leiding van de nieuwe voorzitter, Abbas Bayat, naar Charleroi gehaald. Maar Scifo hield het al snel voor bekeken en zag hoe ook de seizoenen nadien de club onderaan in het klassement verzeild geraakte. Tussendoor veranderde de club opnieuw van naam: Royal Sporting Club du Pays de Charleroi. Het bestuur haalde verscheidene oud-spelers en -trainers terug, in de hoop om de club terug naar de subtop te brengen. Maar pas toen ex-doelman Jacky Mathijssen trainer werd, keerde het tij. Hij behaalde in drie jaar tijd twee keer de vijfde plaats en maakte van Charleroi een te duchten tegenstander. Vooral in eigen huis was Charleroi een moeilijk te bekampen ploeg geworden. Mathijssen kreeg uiteindelijk een transfer naar Club Brugge te pakken en werd vervolgens door Abbas Bayat aan de deur gezet. Joseph Akpala, die in 2008 topschutter was geworden, volgde zijn trainer naar Brugge.

Vanaf dan ging de club er sportief gezien op achteruit. Voorzitter Abbas Bayat en manager Mogi Bayat haalden voortdurend de media. Vaak leefden ze in onmin met de KBVB en staken ze hun ongezouten mening nooit onder stoelen of banken. De werkomstandigheden binnen de club werden door sommige spelers en leden van de trainerstaf aangeklaagd, maar er veranderde weinig.[1] Zo stapte trainer Stéphane Demol in 2009 plots op. Zijn ontslag had hij aan het bestuur meegedeeld via een sms. Door het faillissement van Excelsior Moeskroen ontsnapten de buren van Charleroi op het einde van het seizoen aan de degradatie.

DegradatieBewerken

Het seizoen 2010/11 begon voor Charleroi barslecht. De club bengelde opnieuw onderaan het klassement en trainer Jacky Mathijssen werd aan de deur gezet. Maar ook zijn opvolgers konden het tij niet meteen keren. Bovendien rommelde het ook in de bestuurskamer. Voorzitter Abbas Bayat ontsloeg de manager, zijn neef Mogi Bayat. Enkele maanden later werd er in de Profliga gestemd over de competitieformule voor 2011/12. Twaalf clubs, waaronder Charleroi, stemden voor een terugkeer naar 18 clubs in Eerste Klasse. De stemming zorgde voor een kloof tussen de vier grote clubs (Genk, Gent, Anderlecht en Club Brugge) en de overige clubs uit Eerste Klasse. Charleroi werd op hetzelfde ogenblik laatste in de competitie en werd verplicht om "play-downs" (play-off om degradatie) tegen KAS Eupen te spelen. Charleroi verloor de play-downs en degradeerde terug naar Tweede Klasse. En hoewel Charleroi niet slecht aan de competitie begon, mocht trainer Jos Daerden reeds in september opstappen. Tibor Balog nam het roer over, won de tweede periodetitel maar mocht in februari ook beschikken. De Nederlander Dennis van Wijk werd aangenomen en hij loodste Charleroi naar de titel. Reeds op 14 april waren de Zebra's opnieuw zeker van eerste klasse.

Terugkeer naar eerste klasseBewerken

Op 9 februari 2013 versloeg Charleroi Lierse SK met 1-0 dankzij een doelpunt van Giuseppe Rossini. Dankzij deze overwinning verzekerde de club zich van behoud in eerste klasse. Het volgende seizoen was net als het vorige ook een rustig seizoen. De club kende weinig problemen en draaide goed mee in de middenmoot. Het was intussen duidelijk dat Charleroi sterk uit de degradatie was gekomen sinds zijn terugkeer. Het daaropvolgende seizoen deed de club het zelfs nog beter en werd play off 1 gehaald. Uiteindelijk werd men vijfde en pakte de club nog eens sinds lang een Europees ticket. Charleroi werd na twee voorrondes wel uitgeschakeld het volgende seizoen. Verder speelde men tijdens het seizoen 2015/16 lange tijd mee voor opnieuw een plaats in play off 1, maar dat werd deze keer niet gehaald. In seizoen 2016/17 lukte dat weer wel. Uiteindelijk werd Charleroi vijfde, maar zonder Europees ticket.

ErelijstBewerken

Belgisch landskampioen

tweede (1): 1968-69

Beker van België

tweede (2): 1978, 1993

Tweede klasse

kampioen (2): 1946-47, 2011/12
tweede (1): 1965-66

Derde klasse

kampioen (2): 1928-1929, 1936-1937
tweede (1): 1926-27

Individuele trofeeën

Topscorer (3)
René Thirifays (1948/49), Joseph Akpala (2007/08), Jérémy Perbet (2015/16)
Gouden schoen (1)
Pär Zetterberg (1993)

ResultatenBewerken

Seizoen Klasse Reeks Punten Opmerkingen
  I II P.I P.II      
Als Charleroi SC (Charleroi Sporting Club)
1905-24     ? ? Provinciale Afd. ?
1924/25   11     Bevordering A 19
1925/26     ?   Provinciale Afd. ?
  I II III P.I Vanaf 1926/27 zijn er 3 nationale niveaus
1926/27     2   Bevordering C 35
1927/28     6   Bevordering B 33
Als R. Charleroi SC (Royal Charleroi Sporting Club)
1928/29     1   Bevordering B 44
1929/30   10     Eerste Afdeling 24
1930/31   9     Eerste Afdeling 26
1931/32   14     Eerste Afdeling B 16
1932/33     2   Bevordering C 35
1933/34     8   Bevordering C 25
1934/35     4   Bevordering C 28
1935/36     2   Bevordering B 48 Eerste met evenveel punten als Olympic Charleroi. De testwedstrijd om de titel verloor Charleroi SC met 2-1.
1936/37     1   Bevordering A 42
1937/38   7     Eerste Afdeling A 27
1938/39   5     Eerste Afdeling A 30
1939/40         Door Wereldoorlog II werd geen volledige competitie afgewerkt.
1940/41         Door Wereldoorlog II werd geen volledige competitie afgewerkt.
1941/42   5     Eerste Afdeling B 28
1942/43   4     Eerste Afdeling B 40
1943/44   5     Eerste Afdeling A 36
1944/45         Door Wereldoorlog II werd geen volledige competitie afgewerkt.
1945/46   3     Eerste Afdeling A 44
1946/47   1     Eerste Afdeling B 53 Kampioen in Eerste Afdeling B.
1947/48 14       Ere Afdeling 26
1948/49 4       Ere Afdeling 36
1949/50 11       Ere Afdeling 23
1950/51 11       Ere Afdeling 27
1951/52 14       Ere Afdeling 22
  I II III IV Vanaf 1952/53 zijn er 4 nationale niveaus
1952/53 14       Eerste Klasse 24
1953/54 10       Eerste Klasse 28
1954/55 8       Eerste Klasse 30
1955/56 7       Eerste Klasse 31
1956/57 16       Eerste Klasse 17
1957/58   4     Tweede Klasse 35
1958/59   8     Tweede Klasse 32
1959/60   9     Tweede Klasse 29
1960/61   6     Tweede Klasse 35
1961/62   6     Tweede Klasse 33
1962/63   6     Tweede Klasse 33
1963/64   7     Tweede Klasse 31
1964/65   12     Tweede Klasse 28
1965/66   2     Tweede Klasse 37
1966/67 14       Eerste Klasse 25
1967/68 8       Eerste Klasse 27
1968/69 2       Eerste Klasse 40 Charleroi SC wordt vicekampioen, het beste resultaat ooit van de club.
1969/70 9       Eerste Klasse 29
1970/71 15       Eerste Klasse 23
1971/72   3     Tweede Klasse 40
1972/73   3     Tweede Klasse 36
1973/74   14     Tweede Klasse 26 Charleroi SC werd voorlaatste, maar omdat er extra plaatsen vrijkwamen in Eerste Klasse mocht Charleroi toch promoveren.
1974/75 14       Eerste Klasse 33
1975/76 16       Eerste Klasse 27
1976/77 16       Eerste Klasse 25
1977/78 12       Eerste Klasse 29
1978/79 9       Eerste Klasse 33
1979/80 17       Eerste Klasse 22
1980/81   6     Tweede Klasse 32
1981/82   11     Tweede Klasse 25
1982/83   10     Tweede Klasse 29
1983/84   9     Tweede Klasse 30
1984/85   4     Tweede Klasse 35 Charleroi SC haalde het in de eindronde van FC Winterslag, STVV en RC Mechelen.
1985/86 12       Eerste Klasse 28
1986/87 7       Eerste Klasse 35
1987/88 8       Eerste Klasse 32
1988/89 11       Eerste Klasse 29
1989/90 14       Eerste Klasse 27
1990/91 8       Eerste Klasse 33
1991/92 13       Eerste Klasse 27
1992/93 7       Eerste Klasse 40
1993/94 4       Eerste Klasse 41
1994/95 13       Eerste Klasse 31
1995/96 7       Eerste Klasse 50
1996/97 13       Eerste Klasse 37
1997/98 13       Eerste Klasse 39
1998/99 14       Eerste Klasse 32
1999/00 16       Eerste Klasse 31
2000/01 9       Eerste Klasse 47
2001/02 12       Eerste Klasse 39
Als RSP de Charleroi (Royale Sporting du Pays de Charleroi)
2002/03 16       Eerste Klasse 27
2003/04 15       Eerste Klasse 33
2004/05 5       Eerste Klasse 64
2005/06 11       Eerste Klasse 45
2006/07 5       Eerste Klasse 60
2007/08 8       Eerste Klasse 46
2008/09 12       Eerste Klasse 43
2009/10 13       Eerste Klasse 23 In play-off II B eindigde Charleroi op de 4e plaats met 4 punten.
2010/11 16       Eerste Klasse 19 Charleroi werd laatste en verloor in play-off III van KAS Eupen.
2011/12   1     Tweede Klasse 74
2012/13 11       Eerste Klasse 34 In play-off II B eindigde Charleroi op de 3e plaats met 7 punten.
2013/14 10       Eerste Klasse 34 In play-off II B eindigde Charleroi op de 2e plaats met 13 punten.
2014/15 5       Eerste Klasse 36 Na barragewedstrijden tegen PO 2-winnaar KV Mechelen plaatste Charleroi zich voor de Europa League.
2015/16 8       Eerste Klasse 39 Charleroi verloor in de barragewedstrijden om Europees voetbal van KRC Genk.
  1A 1B 1Am 2Am 3Am Vanaf 2016/17 zijn er 2 nationale niveaus
2016/17 5         Eerste Klasse A 35
2017/18 6         Eerste Klasse A 34
2018/19 9         Eerste Klasse A 42
2019/20 3         Eerste Klasse A 54 competitie beëindigd na 29 speeldagen wegens de coronacrisis; toen stond Charleroi op de 3e plaats met 54 punten.
2020/21 13         Eerste Klasse A 42

Charleroi in EuropaBewerken

#Q = #kwalificatieronde, #R = #ronde, Groep = groepsfase, T/U = Thuis/Uit, W = Wedstrijd, PUC = punten UEFA coëfficiënten .

Uitslagen vanuit gezichtspunt Charleroi

Seizoen Competitie Ronde Land Club Totaalscore 1e W 2e W PUC
1969/70 Jaarbeursstedenbeker 1R   NK Zagreb 5-2 2-1 (T) 3-1 (U) 6.0
2R   FC Rouen 3-3 u 3-1 (T) 0-2 (U)
1994/95 UEFA Cup 1R   Rapid Boekarest 2-3 0-2 (U) 2-1 (T) 2.0
1995 Intertoto Cup Groep 10   Beitar Jeruzalem 1-0 1-0 (U) 0.0
Groep 10   Bursaspor 0-2 0-2 (T)
Groep 10   1.FC Košice 2-3 2-3 (U)
Groep 10 (3e)   Wimbledon FC 3-0 3-0 (T)
1996 Intertoto Cup Groep 4   Silkeborg IF 2-4 2-4 (T) 0.0
Groep 4   Conwy United FC 0-0 0-0 (U)
Groep 4   Zagłębie Lubin 0-0 0-0 (T)
Groep 4 (3e)   SV Ried 3-1 3-1 (U)
2005 Intertoto Cup 2R   Tampere United 0-1 0-1 (U) 0-0 (T) 0.0
2015/16 Europa League 2Q   Beitar Jeruzalem 9-2 5-1 (T) 4-1 (U) 2.0
3Q   Zorja Loehansk 0-5 0-2 (T) 0-3 (U)
2020/21 Europa League 3Q   FK Partizan 2-1 2-1 nv (T) 2.0
PO   Lech Poznań 1-2 1-2 (T)

Totaal aantal punten voor UEFA coëfficiënten: 12.0

Zie ookBewerken

Seizoen 2021/22Bewerken

SpelerskernBewerken

No. Naam Nationaliteit Geb.datum Vorige club
Keepers
1 Bingourou Kamara   Senegal 21/10/1996   RC Strasbourg
13 Didier Desprez   Frankrijk 13/09/1999   Paris FC
16 Hervé Koffi   Burkina Faso 16/10/1996   Lille OSC
40 Matteo Chiacig   België 22/08/2003   eigen jeugd
Verdedigers
3 Stefan Knezevic   Zwitserland 30/10/1996   FC Luzern
4 Jules Van Cleemput   België 11/04/1997   KV Mechelen
5 Loïc Bessilé   Togo 19/02/1999   Bordeaux
12 Joris Kayembe   België 08/08/1994   FC Nantes
19 Ben Karamoko   Ivoorkust 17/05/1995   Sarpsborg 08 FF
21 Stelios Andreou   Cyprus 24/07/2002   Olympiakos Nicosia
23 Steeven Willems   Frankrijk 31/08/1990   Lille OSC
25 Valentine Ozornwafor   Nigeria 01/06/1999   Galatasaray
29 Reda Akbib   België 29/01/2001   eigen jeugd
31 Martin Wasinski   België 07/04/2004   eigen jeugd
32 Mehdi Boukamir   België 26/01/2004   eigen jeugd
Middenvelders
6 Adem Zorgane   Algerije 06/01/000   Paradou AC
7 Karim Zedadka   Frankrijk 09/06/2000   Napoli
18 Daan Heymans   België 15/06/1999   Venezia FC
26 Marco Ilaimaharitra   Madagaskar 26/07/1995   FC Sochaux
39 Kilian Lokembo Lokaso   België 06/06/2002   eigen jeugd
44 Ryota Morioka   Japan 12/04/1991   Anderlecht
Aanvallers
8 Ali Gholizadeh   Iran 10/03/1996   Saipa FC
9 Vakoun Issouf Bayo   Ivoorkust 10/01/1997   KAA Gent
10 Youssouph Badji   Senegal 20/12/2001   Club Brugge
14 Nauris Petkevičius   Litouwen 19/02/2000   FC Hegelmann
15 Anthony Descotte   België 03/08/2003   eigen jeugd
28 Ken Nkuba   België 21/01/2002   eigen jeugd
38 Jackson Tchatchoua   België 23/06/2001   eigen jeugd
70 Anass Zaroury   België 07/11/2000   Lommel SK

StafBewerken

Naam Nationaliteit Functie Sinds Vorige club
Technische staf
Edward Still   België Hoofdtrainer 01/07/2021   Shanghai Port FC
Samba Diawara   Mali Assistent-trainer 05/01/2018   Union Sint-Gillis
Frank Defays   België Assistent-trainer 01/07/2019   Racing FC Union
Cédric Berthelin   Frankrijk Keeperstrainer 01/07/2019   KV Kortrijk
Frédéric Renotte   België Fysiektrainer 01/07/2021   Ivoire Academie
Damien Januel   Frankrijk Video-analist 01/04/2019   Red Star FC
Nicolas Still   België Video-analist 01/07/2021   Antwerp FC

TransferrecordsBewerken

Top 10 duurste verkopenBewerken

Naam speler Naar club Prijs (milj. EUR) Jaar
1   Victor Osimhen   Lille OSC 22,4 2019
2   Shamar Nicholson   Spartak Moskou 9,0 2021
3   Maxime Busi   Parma Calcio 6,9 2020
4   Núrio Fortuna   AA Gent 6,0 2021
  Cristian Benavente   Pyramids FC 2019
5   Kaveh Rezaei   Club Brugge 5,0 2018
  Dodi Lukebakio   Watford FC 2017
6   Neeskens Kebano   Racing Genk 4,0 2015
7   Joseph Akpala   Club Brugge 3,0 2008
8   Dorian Dessoleil   Antwerp FC 2,5 2021
  Damien Marcq   AA Gent 2017
9   Adlène Guédioura   Wolverhampton FC 2,3 2011
10   David Pollet   RSC Anderlecht 2,25 2013
  Christian Negouai   RSC Anderlecht 2001
  • Bron: transfermarkt.nl - laatst bijgewerkt: 17/01/2022

Top 5 duurste aankopenBewerken

Naam speler Naar club Prijs (milj. EUR) Jaar
1   Victor Osimhen   VfL Wolfsburg 3,5 2019
2   Dodi Lukebakio   RSC Anderlecht 2,6 2017
3   Adem Zorgane   Paradou AC 2,0 2021
4   Ryota Morioka   RSC Anderlecht 1,5 2019
  Shamar Nicholson   NK Domžale 2019
5   Jules Van Cleemput   KV Mechelen 1,0 2021
  • Bron: transfermarkt.nl - laatst bijgewerkt: 17/01/2022

Bekende ex-spelersBewerken

RecordsBewerken

Grootse thuisoverwinning

20 december 2014 : Charleroi SC - SK Lierse (6-0)

Grootste uitoverwinning

19 december 2021 : KAS Eupen - Charleroi SC (0-4)

Grootste thuisnederlaag

12 mei 2001 : Charleroi SC - Sint-Truiden VV (1-7)

Grootste uitnederlaag

25 januari 1976 : KSV Waregem - Charleroi SC (9-1)

Spelers met de meest gespeelde wedstrijdenBewerken

Naam Nationaliteit Periode Wedstrijden
1 Mahamoudou Keré   Burkina Faso 1998-2010 325
2 Frank Defays   België 1999-2009 308
2 Raymond Mommens   België 1986-1997 309
3 Dante Brogno   België 1986-2001 303
Francisco Martos   Spanje 2011-2019
4 Roch Gérard   België 1989-2000 239
5 Nicolas Penneteau   Frankrijk 2014-2021 230
6 Dorian Dessoleil   België 2012-2021 203
7 Bertrand Laquait   Frankrijk 2002-2009 202
8 Michel Rasquin   België 1990-1997 201
9 Christophe Diandy   Senegal 2012-2021 197
10 Raymond Mommens   België 1986-1997 196

Spelers met de meeste doelpuntenBewerken

Naam Nationaliteit Periode Doelpunten
1 Dante Brogno   België 1986-2001 104
2 Nebosja Malbasa   Servië 1991-1995 46
3 Kaveh Rezaei   Iran 2017-2021 41
4 Jérémy Perbet   Frankrijk 2007-2021 40
5 Jean-Jacques Missé-Missé   Kameroen 1993-1996 39
6 David Pollet   Frankrijk 2013-2018 34
7 Shamar Nicholson   Jamaica 2019-2021 31
8 Cristian Benavente   Peru 2016-2021 29
9 Mamadou Fall   Senegal 2013-2021 28
Sergio Rojas   Argentinië 1999-2002
10 Joseph Akpala   Nigeria 2005-2008 27

Overall topschutters per seizoenBewerken

Seizoen Speler Goals Seizoen Speler Goals Seizoen Speler Goals
... ... ... 2002/03   Eduardo 14 2015/16   Jérémy Perbet 25
1990/91   Marc Wuyts 7 2003/04   Gregory Dufer 10 2016/17   David Pollet 8
1991/92 4 2004/05   Toni Brogno 11 2017/18   Kaveh Rezaei 16
1992/93   Nebojša Malbaša 23 2005/06   François Sterchele 11 2018/19   Victor Osimhen 20
1993/94 21 2006/07   Izzet Akgül
  Jérémy Perbet
9 2019/20   Kaveh Rezaei 14
1994/95   Jean-Jacques Missé-Missé 13 2007/08   Joseph Akpala 19 2020/21   Mamadou Fall
  Shamar Nicholson
10
1995/96 11 2008/09   Habib Habibou 10
1996/97   Toni Brogno 9 2009/10   Cyril Théréau 13
1997/98 13 2010/11   Hernán Losada 6
1998/99 9 2011/12   Harlem Gnohéré 18
1999/00 14 2012/13   Giuseppe Rossini 7
2000/01 11 2013/14   David Pollet 11
2001/02   Darko Pivaljevic 9 2014/15   Neeskens Kebano 13

AanvoerdersBewerken

Eerste doelmanBewerken

Seizoen Speler Seizoen Speler Seizoen Speler
... ... 2002/03   Ištvan Dudaš 2015/16   Nicolas Penneteau
1990/91   Ranko Stojic 2003/04   Bertrand Laquait 2016/17
1991/92 2004/05 2017/18
1992/93   István Gulyás 2005/06 2018/19
1993/94   Peter Kerremans 2006/07   Patrice Luzi 2019/20
1994/95   István Gulyás 2007/08   Bertrand Laquait 2020/21
1995/96   Franky Frans 2008/09
1996/97   Zsolt Petry 2009/10   Sébastien Chabbert
1997/98   Franky Frans 2010/11   Cyprien Baguette
1998/99 2011/12   Stéphane Coqu
1999/00   Jean-François Lecomte 2012/13   Parfait Mandanda
2000/01   Ištvan Dudaš 2013/14
2001/02 2014/15   Nicolas Penneteau

TrainersBewerken

VoorzittersBewerken

  • 1904-1906:   Louis Bernus
  • 1906-1908:   Henri Hens
  • 1908-1910:   Louis Bernus
  • 1910-1925:   Firmin Bridoux
  • 1925-1945:   Edouard Falony
  • 1944-1947:   Jean Everard
  • 1947-1951:   Louis Close
  • 1951-1957:   Alfred Brichard
  • 1957-1958:   Louis Close
  • 1958-1969:   Hector Malvaux
  • 1969-1974:   André Kolp
  • 1974-1978:   Pierre Burlet
  • 1978-1982:   Philippe Cuvelier
  • 1982–1999:   Jean-Paul Spaute
  • 2000–2012:   Abbas Bayat
  • 2012–heden:   Fabien Debecq

ReferentiesBewerken

Externe linksBewerken