Oud-Griekse wiskunde

De oud-Griekse wiskunde, zoals deze term in dit artikel wordt gebruikt, is de in de Oudgriekse taal geschreven wiskunde, zoals deze zich vanaf de 7de eeuw voor Christus tot de 4e eeuw na Christus langs de oostelijke kusten van de Middellandse Zee ontwikkelde. Griekse wiskundigen woonden in tal van steden, die zich bevonden in het gehele oostelijke Middellandse Zeegebied, van het huidige Zuid-Italië tot in Noord-Afrika, maar zij werden door cultuur en taal verenigd. De oud-Griekse wiskunde uit de periode na Alexander de Grote wordt ook wel Hellenistische wiskunde genoemd.

Een illustratie bij het bewijs van Euclides van de stelling van Pythagoras.

Het woord "mathematica" zelf is afgeleid van het Oudgriekse μάθημα (mathema), wat "onderwerp van instructie" betekent.[1]

De studie van de wiskunde voor haar eigen belang en het gebruik van algemene wiskundige theorieën en bewijzen is het belangrijkste verschil tussen de oud-Griekse wiskunde en die van voorgaande beschavingen.

ReferentiesBewerken

  1. (en) Heath T.L., A Manual of Greek Mathematics (Een handleiding van de Griekse wiskunde), blz. 5