Mandritsa

dorp in Bulgarije

Mandritsa (Bulgaars: Мандрица; Albanees: Mandricë) is een dorp in het zuiden van Bulgarije. Het dorp is gelegen in de gemeente Ivaïlovgrad in de oblast Chaskovo en staat bekend als ‘het enige Albanees dorp in Bulgarije’.

Mandritsa
Мандрица
Plaats in Bulgarije Vlag van Bulgarije
Mandritsa (Bulgarije)
Mandritsa
Situering
Oblast Haskovo-coat-of-arms.svg Chaskovo
Gemeente BUL Ивайловград COA.png Ivaïlovgrad
Coördinaten 41° 24′ NB, 26° 8′ OL
Algemeen
Oppervlakte 27,148 km²
Inwoners (31 december 2019) 56
Hoogte 93 m
Overig
Postcode 6585
Netnummer 03665
Kenteken X
Foto's
Een vervallen huis in Mandritsa
Een vervallen huis in Mandritsa
Portaal  Portaalicoon   Bulgarije

GeografieBewerken

Het dorp ligt 50–99 m boven zeeniveau, op de rechteroever van de Bjala reka in het Rodopegebergte, 15 km ten zuiden van Ivaïlovgrad en 2 km ten oosten van de rivier de Loeda reka (Grieks: Ερυθροπόταμος), die de grens met Griekenland vormt. Het dorp ligt hemelsbreed 77 km ten zuidoosten van Chaskovo en 273 km ten zuidoosten van Sofia.

GeschiedenisBewerken

Ottomaanse periodeBewerken

Het dorp werd in 1636 gesticht door oosters-orthodoxe Albanese melkveehouders die werkzaam waren voor het Ottomaans leger. Ze mochten een stuk land uitkiezen en werden vrijgesteld van belastingen. Het grootste deel van de lokale Albaneesprekenden arriveerde in de 18e eeuw vanuit Korçë en Kolonjë (Albanië) en in de 19e eeuw vanuit de regio Souli in Epirus (Griekenland). De lokale bevolking hield vast aan hun nationale klederdracht, totdat in de 19e eeuw ‘fustanella’ werd vervangen door Thracische rijbroeken.

In de 19e eeuw was Mandritsa een groot dorp, waar vooral Grieks-identificeerde Albanezen woonden (Didymoteicho). In 1873 was het een dorp met 250 huishoudens en 1.080 inwoners, nagenoeg uitsluitend etnische Albanezen.

BalkanoorlogBewerken

Mandritsa werd op 15 oktober 1912 overgenomen door Bulgarije tijdens de Eerste Balkanoorlog. Gedurende de Tweede Balkanoorlog werd het dorp weer bezet door de Ottomanen. Vanwege het Verdrag van Constantinopel werd het grondgebied uiteindelijk weer afgestaan aan Bulgarije. Een groot aantal inwoners vluchtte terug naar andere gebieden in het Ottomaanse Rijk, waar ze zes maanden als vluchteling bleven voordat ze in 1914 via Constantinopel en Rhodos naar Griekenland vertrokken.

Van de 480 families in de eerste jaren van twintigste eeuw bleven er slechts 40 in Bulgarije wonen, terwijl 100 zich vestigden in het dorp Hambarköy (Grieks: Αμπάρκιοϊ; Bulgaars: Хамбаркьой) nabij Kilkis, dat ter ere van hen tot ‘Mandres’ werd omgedoopt (Μάνδρες). Een aantal andere families vertrokken naar diverse dorpen in Grieks Macedonië en West-Thracië. In 1929 volgde een nieuwe emigratiegolf naar Griekenland. Tot de Tweede Wereldoorlog hielden de Albanese inwoners van Mandritsa en Mandres de onderlinge relatie sterk.

Huidige periodeBewerken

In de 21ste eeuw is Mandritsa een leeglopend dorp met ongeveer 50 inwoners, waarvan een klein deel nog steeds een Toskisch dialect van het Albanees spreekt.

Mandritsa heeft twee kerken: de kleine kerk van St. Nedelja, gebouwd in 1708, een van de oudste kerken in de oostelijke Rhodopes, en de dorpskerk St. Demetrius, gebouwd in 1835, die gedeeltelijk is verwoest.

BevolkingBewerken

Op 31 december 2019 telde het dorp 56 inwoners, een drastische afname vergeleken met meer dan 1.000 inwoners in het begin van de 20ste eeuw.[1]

Van de 52 inwoners in 2011, reageerden er slechts 5 op de optionele volkstelling. 4 van de 5 respondenten identificeerden zichzelf als etnische Bulgaren, terwijl 1 respondent een andere afkomst opgaf.

Etnische samenstelling van de respondenten (2011)[2]
Bulgaren
  
80,0%
Turken
  
0,0%
Roma
  
0,0%
Anders/Onbekend
  
20,0%

TaalBewerken

Het Toskisch-Albanees dat door de Albanezen in Mandritsa (Bulgarije) en Mandres (Griekenland) werd gesproken, wijkt sterk af van het Albanees dat elders op het Balkanschiereiland wordt gesproken. Het gendersysteem (mannelijk en vrouwelijk) dat in alle varianten van het Albanees aanwezig is, is bijvoorbeeld uit het Albanese dialect van het Mandres verdwenen als gevolg van invloed van de Turkse taal gedurende de Ottomaanse periode.

In de jaren tachtig van de twintigste eeuw werd het Albanees in Mandritsa en Mandres alleen gesproken door de oudere generatie. In de 21ste eeuw zijn er naar schatting minder dan een handjevol sprekers overgebleven, vooral als gevolg van culturele assimilatie met de etnische Bulgaren en Grieken in de naburige regio’s.

Cijfers in het standaard Albanees en het Mandritsa Toskisch[3]
Een Twee Drie Vier Vijf Zes Zeven Acht Negen Tien
Standaard Albanees një dy tre katër pesë gjashtë shtatë tetë nëntë dhjetë
Mandritsa Toskisch ni g'u tri kátrë pésë g'áštë štátë tétë në'ntë zjétë