Geografische coördinaten

word gebruikt om de precieze locatie van plaatsen aan te geven

Geografische coördinaten zijn coördinaten waarmee een locatie op aarde[1] numeriek wordt vastgelegd.

Kaart van de aarde met parallelcirkels (horizontaal) en meridianen (verticaal), Eckert VI-projectie
Bord met coördinaten bij gate 81 van de luchthaven van Mumbai. Deze borden worden gebruikt om traagheidsnavigatiesystemen aan boord van vliegtuigen te kalibreren.

NaamgevingBewerken

Er wordt gewerkt met coördinaten waarvan de isolijnen (parallellen en meridianen) evenwijdig met de evenaar en loodrecht op de evenaar staan. Ze worden respectievelijk breedtegraad (noorder- of zuiderbreedte) en lengtegraad (ooster- of westerlengte) genoemd, en worden traditioneel in die volgorde vermeld.

MethodeBewerken

Vanouds werd in de zeevaart de positie bepaald door de hoogte van hemellichamen op te nemen. Die hoogte werd gemeten in booggraden (°), onderverdeeld in 60 minuten (') en 60 seconden ("), dus ddd°mm'ss,s". De positie wordt daarom ook aangegeven in graden, minuten en (decimale) seconden. Men werkt ook wel met decimaal onderverdeelde minuten (ddd°mm,mmm') of decimaal onderverdeelde graden (ddd,dddd°).

Als coördinatenstelsel dient een stelsel meridianen (halve cirkels met begin- en eindpunt in de geografische polen) geïdentificeerd door de lengtegraad, en breedte- of parallelcirkels, dat zijn denkbeeldige cirkels die evenwijdig met de evenaar lopen, geïdentificeerd door de breedtegraad.

De lengtegraad (ooster- of westerlengte) van een plaats is de hoek tussen de meridiaan van die plaats en de nulmeridiaan (sinds 1884 de meridiaan van Greenwich); de breedtegraad (noorder- of zuiderbreedte) is de afstand in graden tot de evenaar, gemeten langs een meridiaan.

De polen worden geheel geïdentificeerd door de breedtegraad en hebben dus geen eenduidige lengtegraad. Elk ander punt heeft maar één stel geografische coördinaten. Er zijn diverse manieren om ze weer te geven op een kaart, in functie van de kaartprojectie of de wiskundige methode om het (evenals een globe driedimensionale) gebogen oppervlak van de geoïde over te brengen op een vlakke kaart, dat resulteert in een cartografische coördinaat.

Afstand en tijdBewerken

Om op zee de lengte te bepalen, werd de hoogte van de zon op het middaguur vergeleken met de tijd op een chronometer die bij vertrek gelijk was gezet aan de tijd van Greenwich (of een ander punt). Een afwijking van een uur (een 24e deel van een dag) resulteerde in een fout van 15 graden (een 24e deel van een cirkel). Een afwijking van 1 minuut (op de chronometer) resulteerde dus in een misbepaling van 15 boogminuten. Hieruit blijkt dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen enerzijds minuut en seconde op de klok en anderzijds minuut en seconde op de geografische coördinaten. Ook blijkt dat een zeer geringe afwijking van de chronometer, bijvoorbeeld 1 seconde, in de tropen reeds resulteert in een fout in de plaatsbepaling van een paar honderd meter.

Afstanden berekenenBewerken

Tegenwoordig wordt ook veel met geprojecteerde coördinaten gewerkt. Deze bestaan uit een rechthoekig rooster van kilometers. Er zijn nationale geprojecteerde coördinaten, zoals de Nederlandse Rijksdriehoeksmeting, regionale, en wereldwijde, zoals UTM. Om de geografische coördinaten om te rekenen moet men er rekening mee houden dat de aarde een ellipsoïde is.

Latitudinale afstandenBewerken

De latitudinale afstand in meters voor 1° neemt enigszins toe in functie van de latitude φ en kan als volgt berekend worden:

 

Longitudinale afstandenBewerken

De longitudinale afstand voor 1° neemt heel sterk af in functie van de latitude φ doordat alle meridianen samenlopen aan de noord- en zuidpool. De afwijkingen nemen heel sterk toe voor de hogere latitudes.

Veronderstel de aarde als een bol:

 

Beschouw de aarde als een ellipsoïde:

 
 

Referentie: WGS 84 geodetisch datum

  = 6 367 449 m (gemiddelde aardstraal)
  = latitude
  = gereduceerde latitude
  = 0,996 647 19 (verhouding poolstraal / equatoriale aardstraal)
  = 6 378 137 m (equatoriale aardstraal)
Afstanden voor 1° in functie van de latitude
Latitude (°) Latitudinale
afstand voor 1° (km)
Longitudinale
afstand voor 1°
bij een bol (km)
Longitudinale
afstand voor 1°
bij een ellipsoïde (km)
Locatie
52°NB 111,267 68,420 68,678 Delft - Gouda - Nieuwegein - Veenendaal - Arnhem[2]
51°NB 1 111,248 69,938 70,198 Diksmuide - Gent - Dendermonde - Mechelen - Aarschot - Diest - Lummen
50°NB 1 111,229 71,435 71,696 2 Gedinne - Saint-Hubert - Bastenaken
49°NB 111,210 72,910 73,172 Parijs - Verdun - Metz
0°NB 110,574 111,1333 111,320 3 Equator

Noten:

  1. 49°50'NB en 51°10'NB is de basis van de Lambert 2008-projectie. Het latitudinale verschil voor 1° tussen deze breedtegraden is minder dan 20 m.
  2. Bemerk dat er ca. 1500 m longitudinaal verschil is voor 1° tussen 50°NB en 51°NB.
  3. De zeemijl is 1852 m zodat deze overeenkomt met een breedtegraad. Aangezien 1852 × 60 = 111 120 m is een zeemijl aan de evenaar net iets meer dan 1° en op de polen juist minder.

Zie ookBewerken