Hoofdmenu openen

Harlekijnkoraalslang

slang uit de familie koraalslangachtigen

De harlekijnkoraalslang[2] (Micrurus fulvius) is een slang uit de familie koraalslangachtigen (Elapidae). De soort werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Carolus Linnaeus in 1766. Oorspronkelijk werd de wetenschappelijke naam Coluber fulvius gebruikt.[3]

Harlekijnkoraalslang
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2007)
Coral snake.jpg
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Reptilia (Reptielen)
Orde:Squamata (Schubreptielen)
Onderorde:Serpentes (Slangen)
Superfamilie:Colubroidea
Familie:Elapidae (Koraalslangachtigen)
Onderfamilie:Elapinae
Geslacht:Micrurus (Koraalslangen)
Soort
Micrurus fulvius
(Linnaeus, 1766)
Afbeeldingen Harlekijnkoraalslang op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Harlekijnkoraalslang op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Inhoud

AlgemeenBewerken

Deze soort komt voor in het noorden van Mexico en het zuiden van de Verenigde Staten, in halfwoestijnen en steppen maar de slang verkiest vochtige plekken. Het voedsel bestaat uit hagedissen, andere slangen en kleine zoogdieren. Het zijn kruipende slangen die echter goed kunnen klimmen, zoals in bomen of hutten.

Uiterlijke kenmerkenBewerken

De harlekijnkoraalslang bereikt een totale lichaamslengte van ongeveer 120 centimeter, de meeste exemplaren blijven echter kleiner. De slang heeft een zwarte kop, met in de nek een gele band. Achter deze nek begint het echte kleurpatroon; brede zwarte en rode banden met daartussen steeds een smalle, gele band. Dit kleurpatroon wordt door verschillende koningsslangen (geslacht Lampropeltis) geïmiteerd omdat koraalslangen zeer giftig zijn. Het imiteren van giftige soorten door niet-giftige soorten wordt wel mimicry genoemd.

GiftigheidBewerken

Zoals bij veel slangen bepaalt niet alleen het soort gif, maar ook de hoeveelheid hoe gevaarlijk een beet is. Omdat de harlekijnkoraalslang het gif direct in de ader kan spuiten, en niet zoals veel andere slangen eerst een kauwbeweging moet maken, zijn deze dieren erg gevaarlijk. Het is geen agressieve soort die alleen bijt als hij in het nauw gedreven wordt. Een typisch kenmerk van de harlekijnkoraalslang is de zwarte snuitpunt in plaats van een rode bij de onschuldige soorten, het beste is echter om alle slangen voor de zekerheid met rust te laten. Hoewel het aan de ene kant beter is na een beet de slang mee te nemen naar het ziekenhuis ter bepaling van de soort, vallen juist bij het vangen of doden van de dieren de meeste slachtoffers.

BronvermeldingBewerken