Hoofdmenu openen

Dryopteris guanchica

Soort varen uit het geslacht Dryopteris (Niervaren)

Naamgeving en etymologieBewerken

  • Spaans: Helecho macho, Penco

De soortaanduiding guanchica is afkomstig van het Latijnse 'guanchicus' en verwijst naar de oorspronkelijke inwoners van de Canarische Eilanden, de guanchen.

KenmerkenBewerken

Dryopteris guanchica is een overblijvende varen met een schuine of rechtopstaande rizoom. De bladsteel is meestal zo lang als bladschijf, paarsbruin gekleurd en bezet met donkere, lancetvormige schubben. De bladen zijn tot 150 cm lang, staan in dichte bundels bij elkaar en zijn breed driehoekig, licht- tot blauwgroen gekleurd, drievoudig geveerd, met langwerpige deelblaadjes. De bladslipjes zijn driehoekig tot ovaal, grof getand, en met een spitse top. De onderste bladslipjes zijn ongelijk van grootte, het naar de top gerichte bladslipje veel groter dan het naar de basis gerichte.

De sporendoosjes liggen in niervormige hoopjes in twee rijen langs de middennerf aan de onderzijde van het blad. De sporenhoopjes worden afgedekt door platte, transparante, niervormige dekvliesjes. De varen produceert sporen van mei tot oktober.

D. guanchica is een allotetraploïde plant, 2n = 164.

HabitatBewerken

Dryopteris guanchica is een terrestrische varen die vooral voorkomt in zeer donkere schaduwrijke, vochtige, subtropische bossen op zure, strooiselrijke bodems op kwartsiet- of basaltgesteente, zoals in de altijdgroenblijvende Laurisilva of laurierbossen.

Verspreiding en voorkomenBewerken