Hoofdmenu openen

Buurtspoorwegen van de provincie Henegouwen

spoorlijn in België

De groep Buurtspoorwegen van de provincie Henegouwen in België was een onderdeel van de Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen. Het is het grootste en drukste provinciaal tramnetwerk geweest van België. De NMVB was georganiseerd in regionale groepen die een grote zelfstandigheid en eigen beleid hadden. De Henegouwse groep was verdeeld in vier subgroepen die zeer zelfstandig waren. Door de ontwikkeling van een elkaar gekoppelde elektrische tramnetten met doorgaande diensten zijn de subgroepen Borinage, Centre en Charleroi de tramlijnen gezamenlijk gaan exploiteren en hebben ze een gemeenschappelijke lijnnummering ingevoerd voor heel de streek. De subgroep van Doornik die maar een niet-elektrische verbindingslijn met de rest van Henegouwen had, is grotendeels zelfstandig gebleven.

Oorspronkelijk waren bijna alle lijnen in de provincie geëxploiteerd door pachters die hun eigen lijnen, stelplaats en organisatie hadden. De NMVB heeft bij de overname van de concessies de pachterorganisatie meestal niet veranderd.

Groep DoornikBewerken

 
Buurtspoorwegen van het westen van de provincie Henegouwen, stand 1940 voor de lijnen en de spoorwegen

Tramnet van DoornikBewerken

 
Spoorwegen en tramlijnen in en rond Doornik in 1936

Elektrisch: (lijnnummers uit het spoorboek[1] of stadslijn nummers)
( ) = Gemeenschappelijk met andere lijnen.

  • 1 Doornik (spoorstation, Pont de Fer, Rond Point, Faubourg de Maire) – Froyennes (Sénateur, Fontaine St-Eloi, dorp, Mont-garni) – Blandain (Maison Blanche) – TempleuveNéchin (La Festingue) – Toufflers (Frankrijk). Vandaar aansluiting op het Franse ELRT (Lille/Roubaix/Tourcoing) tramnet
  • 3 Doornik (Zuid Kerkhof, kathedraal, spoorstation, viaduct) – La TombeKain (Trinité). Vandaar aansluiting op lijn 402 naar Frasnes-lez-Buissenal.
  • 4 Doornik (spoorstation, Pont de Fer, Rond Point, Grande Place, Tir National) – OrcqMarquainLamainHertain (grens Frankrijk)
  • 5/6 Doornik (Tir National, Grande Place, kathedraal, spoorstation) – Rumillies (Feuille Verte, Terminus)

Niet elektrisch:

 
Spoorwegen en tramlijnen rond Péruwelz. Tramlijn 420 eindigt aan de zuidkant van het spoorstation en geeft aansluiting op de paardentram tot 1914.

Geraardsbergen - StambrugesBewerken

Groep Borinage & BergenBewerken

Elektrische lijnen in de BorinageBewerken

 
Maximale uitbreiding van het elektrisch tramnet in de Borinage.
 
Spoorwegen en tramlijnen in de Borinage in 1933

De lijnnummering zoals in gebruik in 1954:

(Tramlijnen 6 en 8 nemen een andere route tussen Boussu-Bois en Dour)
Het trajectdeel Bergen – Boussu was tot 29 april 1929 geen NMVB-tramlijn, maar was een elektrische tramlijn die uitgebaat was door de Belgische staatsspoorwegen. Hoewel het een metersporige tramlijn was, waren er geen aansluitingen met de buurtspoorlijnen en reed men met eigen materieel.[3]

  • 2 Bergen – CuesmesFrameriesEugiesWasmes – Hornu – Boussu-Bois – Dour (Tussen Boussu-Bois en Dour een deel van de route tramlijnen 6 en 8)
  • 11 Ringlijn in wijzerzin: (Bergen – **route lijn 2** – Frameries) – Pâturages – Wasmes – Hornu – Saint-GhislainTertre – Station Tertre – Baudour – Station Baudour – DouvrainGhlin – Bergen. (In tegenwijzerzin: lijn 12)
  • 3 Pâturages – Monsville – Quaregnon – Quaregnon-Wasmuel – Douvrain
  • 15 Bergen – NimyMaisièresCasteau (dorp, stelplaats). In Casteau is er aansluiting op de niet-elektrische lijn 15A naar Bracquegnies (zie Centre hoofdstuk) en met de lijn 392 (zie Edingen - Zinnik - Baudour - Casteau hoofdstuk) naar Neufvilles en verder. (Tijdens de oorlogen hebben er expres trams naar Brussel gereden)
  • 16 Bergen – (Station, Grand Place, Place de Flandres, Carrefour St.Fiacre, La Sablonnière) – Obourg station. Dit is een zijlijn die in "La Sablonnière" aftakt van de hoofdlijn 82.

Er zijn twee doorgaande lijnen naar Charleroi: (Deze worden in het Centre hoofdstuk behandeld)

  • 82 Bergen (route lijn 16 tot La Sablonnière) – La Clé du Bois – Havré (kasteel, plaats, station) – BoussoitMaurageBracquegniesLa LouvièreCourcellesMarchienne-au-PontCharleroi. De exploitatiegrens van de Borinage groep was bij Maurage. Zie het Centre hoofdstuk voor meer gegevens over het traject lijn 80: Maurage – Charleroi. Deze lijn is de langste tramlijn in Henegouwen maar heeft veel meer omwegen dan de meer gestrekte lijn 90 die dezelfde eindpunten heeft.
  • 90 Bergen (Station, Grand Place, Place de Flandres, Carrefour St.Fiacre) – Saint-SymphorienVillers-Saint-GhislainBrayWaudrezBinche – Charleroi. De exploitatiegrens van de Borinage groep was bij Binche. Zie het Centre hoofdstuk voor meer gegevens over het traject Binche – Charleroi. De verbinding tussen Saint-Symphorien en Bray is pas in 1923 niet-elektrisch geopend (de verbinding is dan via Péronnes, de latere lijn 38). Op 15 februari 1931 is de rechtstreekse elektrische verbinding Bray - Binche geopende en ontstaat een van de langste elektrische tramlijnen in België.

Alle lijnen vertrokken in Bergen vanaf het station. Er was een ringlijn rond de stad met eenrichtingsverkeer (tegenwijzerzin) en een route door het hart van de stad (eenrichtingsverkeer naar het station). Andere gebruikte lijnnummers en routes:

  • 1: Bergen – **lijn 2** – Frameries – **lijn 11** – Saint-Ghislain
  • 4: Wasmes – Saint-Ghislain (deeltraject lijn 11)
  • 5: Baudour – **lijn 3** – Pâturages – **lijn 11** – Saint-Ghislain
  • 9: Bergen – Dour (deeltraject lijn 7)
  • 10: Bergen – Ghlin (deeltraject lijn 11)
  • 13: Bergen - Nimy (deeltraject lijn 15)
  • 14: Bergen - Maisières (deeltraject lijn 15)
  • N: Pâturages - Frameries (deeltraject lijn 11)

De lijnen Bergen - Frameries - Eugies - Wasmes - Pâturages - Saint-Ghislain - Quaregnon waren tot 1921 met wisselspanning geëlektrificeerd met een dubbele trolleybovenleiding.

Niet-elektrische lijnen in de BorinageBewerken

 
Maximale uitbreiding van het tramnet in de Borinage.
 
Doorgaande tram aan de Franse grens bij Blanc-Misseron
  • De lijn van de Franse grens Blanc-Misseron tot Quiévrain station is aangelegd in 1890 en geëlektrificeerd in februari 1914. Dit maakte deel van het metersporig tramnet rond Valenciennes en kende doorgaande diensten. Het grenstraject is gesloten in september 1939.
  • 412 (Quiévrain – Baisieux) – AngreAngreau - Roisin. (Quiévrain – Baisieux is gemeenschappelijk met de elektrische tramlijn 7). De verbinding van Quiévrain met Dour en de rest van het tramnet is pas in 1949 aangelegd.

De lijnen 411, 412 en 411 (van de groep Doornik) zijn deeltrajecten uit van het nooit afgebouwde kapitaal 162, De Noord-Zuid lijn Mainvault - Grantglise - Pommerœul - Quiévrain - Roisin.

Edingen - Zinnik - Baudour - CasteauBewerken

Groep CentreBewerken

Niet elektrischBewerken

 
Maximale uitbreiding van de "Centre" tramnet in Henegouwen.

Binche – La Louvière en zijlijnenBewerken

Lijnen rond AnderluesBewerken

  • 30 Anderlues (jonction, Gare, monument) – CarnièresMorlanwelz (dorp) – Mariemont kasteelLa HestreLa Louvière (Jolimont, Houssu, station) – **lijn 80** – Bracquegnies (St.Anne). Voor de route zie  route La Louvière - Anderlues Tramlijn 31 rijdt dezelfde route en gaat door tot Charleroi op de route van lijn 90. Het St.Anne eindpunt in Bracquegnies was tevens het beginpunt van de niet-elektrische tramlijn 15A naar Casteau.
  • 91 Anderlues (jonction) – LobbesThuin (ville Basse). Tramlijn 92 rijdt dezelfde route en gaat door tot Charleroi op de route van lijn 90. Het laatste gedeelte van de route, Lobbes Thuin is nog in exploitatie door de trammuseum Asvi.
  • 90 (Bergen – *** – Binche) – RessaixLeval-Trahegnies – Anderlues (monument) – Fontaine-l'Evêque – Morgnies – (Marchienne-au-Pont – *** – Charleroi). Voor de route zie  route lijn 90 Tramlijn 90 nam in Anderlues de rechtstreekse route en stopte niet in Jonction. Deze lange lijn werd door twee exploitatie groepen geëxploiteerd, de Borinage groep en de Centre groep. De grens tussen deze twee groepen lag in Binche. Vanaf Marchienne-au-Pont reed die over Charleroi groep tramlijnen. Na het opheffen van de lijn naar Bergen nam de tramlijn 90 de route van tramlijn 36 over. Lijn 90 reed dan via Binche door naar La Louvière. Lijn 90 was de enige streeklijn in Henegouwen van de buurtspoorwegen die nog reed tijdens de opsplitsing van de buurtspoorwegen in 1992. Na het opheffen van het trambedrijf door de TEC Centre groep heeft de TEC Charleroi groep de exploitatie van de overblijvende tramlijn tot Anderlues en de stelplaats aldaar overgenomen. De TEC Centre groep had geen zin om nog trams te exploiteren en hief de overblijvende traject Anderlues – Binche – La Louvière op, op 29 augustus 1993, ondanks de recente vernieuwing van het baanvak. Van Charleroi tot Fontaine-l'Evêque is de oorspronkelijke route vervangen door de Métro léger de Charleroi met een nieuwe route. Alleen op het traject van Fontaine-l'Evêque tot Anderlues rijdt de tram nog op de oorspronkelijke buurtspoorwegroute.

Lijnen van La LouvièreBewerken

 
Splitsing van de lijn 30 en 80 in Mariemont. Lijn 80 blijft langs het spoor rijden, terwijl lijn 30 naar beneden gaat en met een tunnel de spoorweg kruist. Er is hier nog steeds een stuk spoor te zien.
  • 80 Maurage (place) – Station ThieuStrépyBracquegnies (St.Anne, station) – Houdeng-AimeriesHoudeng-GœgniesLa Louvière (stelplaats, station, Jolimont, Joliment bifurcation) – Morlanwelz (Mariemont, Station) – Chapelle-lez-HerlaimontTrazegniesCourcellesRoux – (Marchienne-au-Pont – *** – Charleroi). Voor de route zie  route tramlijn 80. Tramlijn 82 rijdt dezelfde route en gaat door tot Bergen. Voor de beschrijving van dat trajectdeel zie het hoofdstuk Borinage. De exploitatiegrens met de Charleroi groep was vanaf 1933 in Mariemont, wanneer de tramlijn 80 is ontstaan, met de opening van de verbinding Trazegnies - Courcelles - Marchiennes-au-Pont. Eerder was er alleen een verbinding vanaf Trazegnies naar Fontaine-l'Éveque langs Souvret, die dan deel uitmaakte van de Centre groep. Deze tramverbindingen zijn later overgenomen door de charleroi groep en worden daarom in het Charleroi hoofdstuk beschreven.
  • 34 Carnières – **lijn 30** – MorlanwelzHayettes – La Louvière – **lijn 80** – Houdeng-Gœgnies (rue Hautart, pont du Sart) – Le Rœulx. In Rœulx was er geen aansluiting op de lijn naar Castre.  route tramlijn 34
  • 32 Station ManageFayt-lez-Manage – La Louvière (Joliment bifurcation, **lijn 80**, Jolimont, Houssu, **lijn 30**, spoorstation, Le hocquet) – La Croyère – Bois-d'HaineFamilleureux. Lijn 39 reed dezelfde route van manage tot La Croyère, behalve tussen Jolimont en het spoorstation, waar die de kortere lijn 80 route nam.  route tramlijn 32
  • 33/35 Beide lijnen reden grotendeels dezelfde route als lijn 32, maar door het gebruik van een korte verbindingslijn tussen La Croyère en Fayt-lez-Manage was een ringlijn exploitatie mogelijk. Beide lijnen reden van Station Manage tot Fayt-lez-Manage, waarna lijn 35 de verbindingslijn nam en daarna de lijn 32 richting richting La Louvière nam om uiteindelijk in terug in Manage te komen. Lijn 33 reed hetzelfde traject in de omgekeerde richting.
  • 37 (La Louvière – **lijn 36** – St-Vaast - Bifurcation) – Bois-du-LucStation Bracquegnies.  route tramlijn 37

Ontwikkeling van de Centre lijnen voor de Eerste WereldoorlogBewerken

Het stadsnet in La Louvière is al zes jaar na de oprichting van buurtspoorwegen geopend en daarna stelselmatig uitgebreid. Dit tramnet was tweede plaats in België waar de buurtspoorwegen de tramlijnen elektrificeerde. De exploitatie van het stadsnet voor personenvervoer werd uitgevoerd door de pachter "SA des Chemins de Fer Vicinaux du Centre" (CFVC) tot in 1922, wanneer buurtspoorweg de lijnen zelf ging exploiteren. Deze maatschappij had een stelplaats in La Louvière. Op 20 oktober 1891 werden twee elkaar kruisende lijnen in La Louvière geopend met stoomtrams:

  • Morlanwelz (place, Mariemont) – La Louvière (Joliment bifurcation, Jolimont, spoorstation Centre) – Houdeng-Gœgnies – Houdeng-Aimeries (place)
  • Manage (overweg) – Fayt-lez-Manage – La Louvière (Joliment bifurcation, Jolimont, Houssu) (Houssu is dicht bij het station Haine-Saint-Pierre) (lijn 32)

Er werd op 11 juni 1895 een verlenging geopend van Houdeng-Aimeries naar het station van Bracquegnies. Dit stadstramnet werd in zijn geheel geëlektrificeerd op 7 december 1898. Verdere tramnet elektrische uitbreidingen waren:

  • 14-12-1898: Houdeng (rue Hautart - pont du Sart) (lijn 34)
  • 24-02-1906: Houdeng (pont du Sart) – Rœulx (Centre) (lijn 34)
  • 06-10-1911: Rœulx (Centre) – Rœulx (Gare) (lijn 34)
  • 26-05-1900: Morlanwelz (place) – Carnières (place) (lijn 30)
  • 28-06-1903: Mariemont (Gare) – Chapelle-lez-Herlaimont (lijn 80)
  • 30-03-1907: La Louvière (Houssu – Dr. Blanc) (lijn 32)(Blanc is de aansluiting op lijn 80)
  • 14-08-1907: La Louvière (Dr. Blanc) – La Croyère (overweg) (lijn 32)
  • 22-02-1908: La Croyère (overweg) – Pont Thiriau (lijn 32)
  • 25-04-1908: Pont Thiriau – Bois d'Haine (lijn 32)
  • 13-03-1910: Bois d'Haine – Familleureux (station) (lijn 32)
  • 01-12-1910: Pont Thiriau – Fayt (verbindingslijn 33/35)

Op 22 oktober 1907 werd het "Centre" tramnet aangesloten op het tramnet van de Borinage door de stoomtramlijn langs Casteau. Deze stoomtram was uitgebaat door de pachter "SA des CFV Montois", (CFVM). De elektrische stadstramlijn werd verlengd van Bracquegnies station naar Bracquegnies Ste Anne. Vandaar was tegelijk een stoomtramlijn geopend tot Le Rœulx. Deze plaats was bereikt vanuit Casteau door eerdere stoomtram verlengingen:

  • 23-02-1906: Casteau (Centrum) – Thieusies (Casteau had al een stoomtramverbinding naar Bergen vanaf 1889)
  • 28-11-1906: Thieusies – Le Rœulx

Ondertussen waren er meer landelijke lijnen geopend en uitgebaat door de pachter "SA pour l'Exploitation de la ligne Vicinale de Binche - Bracquegnies et Extentions" (BB) met een stelplaats in Trivières. Deze lijnen waren in de begintijd hoofdzakelijk gericht op het goederenvervoer. Eerst met stoomtractie en daarna elektrisch:

  • 21-05-1903: Binche (gare, Poste) – **lijn 36** – Saint-Vaast (splitsing) – **lijn 37** – Station Bracquegnies. (Lijndeel 36 op 22-05-1911 geëlektrificeerd en lijndeel 37 op 08-03-1913)
  • 16-05-1907: Saint-Vaast (splitsing) – La Louvière (rue de Bouvy, aansluiting op lijn 80) (lijn 36) (elektrisch op 22-05-1911)
  • 18-05-1912: Binche (rue de Merbes) – Merbes-le-Château (lijn 450)
  • 03-03-1914: Merbes-le-Château – Solre-sur-Sambre – Bersillies / Solre-sur-Sambre – Montignies (lijn 450)

Op 10 augustus 1909 kwam er een tweede verbinding met het tramnet van de Borinage langs Estinnes-au-Mont uitgebaat door de pachter BB. Vanaf Péronnes op de lijn 36 werd een stoomtramlijn in stappen geopend naar Estinnes:

  • 01-09-1908: Péronnes – Bray – Estinnes-au-Val (lijn 38)
  • 01-08-1909: Estinnes-au-Val – Estinnes-au-Mont (lijn 38)
  • 10-08-1909: De aansluitende Borinage lijn Havay – Givry – Estinnes werd geopend (zie lijn 395)

De volgende uitbreiding was een grote elektrische ringlijn in het Oosten van de streek. Deze verbond Chapelle-lez-Herlaimont met Carnières langs Trazegnies, Souvret, Fontaine-l'Evêque en Anderlues. Een groot deel van het oorspronkelijk traject is later overgenomen door de NMVB groep Charleroi lijnen die verderop beschreven zijn. De lijn werd geopend in de volgende stappen:

  • 08-08-1908: Chapelle-lez-Herlaimont – Trazegnies (écoles, Gare) (lijn 80)(lijn 42)
  • 01-10-1910: Carnières (place) – Anderleus (Gare) (lijn 30)
  • 01-11-1910: Anderlues (Jonction) – Fontaine-l'Evêque (rue de Leernes, Gare) (lijn 42)(lijn 63)
  • 06-12-1910: Trazegnies (Gare) – Souvret (Forrières) – Fontaine-l'Evêque (Gare) (lijn 42)(lijn 63)
  • 10-05-1911: Anderleus (Gare) – Anderlues (Jonction) (lijn 30)

In de exploitatie vertrok de streektram ringlijn vanaf Mariemont in aansluiting op de stadslijn uit La Louvière en eindigde bij Carnières op dezelfde stadslijn.

Aansluitend op deze ringlijn werd net voor de Eerste Wereldoorlog de lijn Anderlues – Lobbes aangelegd.

  • 11-04-1914: Anderlues (Jonction) – Lobbes (pont du Nord) (lijn 92)

Pas na de Eerste Wereldoorlog zijn er tramverbindingen gekomen met het tramnet van Charleroi en werden de Centre tramlijnen met de Charleroi en Borinage tramnetten geïntegreerd.

Groep CharleroiBewerken

 
Buurtspoorwegen rond Charleroi rond 1956.
 
Buurtspoorwegen rond Charleroi en La Louvière tussen 1976 en 2007.

WestBewerken

Lijnennet en lijnummers van 1956. (behalve lijn 83 die in 1955 is opgeheven). Deze lijnnummers zijn gebruikt tot het einde van de betrokken trajecten. Voor de eenvoud wordt elk spoortraject beschreven onder één lijnnummer.

Zowel tramlijn 63 en 42 gebruikten een deel van de oude Centre tramlijn La Louvière – Trazegnies – Souvret – Fontaine-l'Evêque – Anderlues die al op 6 december 1910 geopend werd. Door vanaf Souvret lijnen aan te leggen naar respectievelijk Courcelles / Gosselies en Roux / Charleroi ontstonden nieuwe verbindingen. Voor de routes zie  routes tramlijn 63 en 41. Bij het kruispunt van Souvret waren er aansluitbogen in alle richtingen behalve voor Trazegnies – Souvret – Courcelles.

  • 60 Charleroi (Sud, Prison, Viaduct) – Lodelinsart (Bon Air, St.Antoine) – Jumet (Chaussée de Gilly, Carosse) – Gosselies (Calvaire, stelplaats)Dit traject is heraangelegd tussen Charleroi en Gosselies Feauburg en zal als lijn 3 door de TEC geëxploiteerd worden – Mellet(aansluiting op de Brabantse lijn 324 naar Geldenaken  route Tilly Mellet[8]
  • 81 Charleroi - Marchienne-au-Pont - Monceau-sur-Sambre (rue du Calvaire) - Goutroux
  • 83 Gohissart - La Docherie - Marchienne-au-Pont
  • 85/86 Luslijn: Charleroi (Sud, viaduct, Route de Mons, Route Latéral) - La Docherie (rue du Port, rue Jules Jaumet, rue Léon Dubois, rue Pierre Bauwens) - Gohissart (place, rue Cesar de Paepe) - Heigne (rue de la Madeleine, Place) - Jumet (rue Maximilien Wattelar, rue Louis Biernaux, rue de la Station) - **lijn 60** - Charleroi (Sud). Tramlijn 86 reed in de andere richting (tegenwijzerzin).
  • 65/66 Luslijn: Charleroi - **lijn 42** - Gohissart - La Coupe (rue Joseph Wauters, rue d'Alliance) - Jumet (rue Maximilien Wattelar, rue Saint-Ghislain, rue Auguste Frison) - **lijn 60** - Charleroi (Sud). Tramlijn 66 reed in de andere richting (tegenwijzerzin).

Daarnaast reden er nog talrijke andere tramlijnen, die korttrajecten zijn of combinaties van deeltrajecten van de bovenstaande lijnen. Sommige van die lijnen reden maar zelden of werden gebruikt voor bijzondere ritten.

  • 41: Korttraject van lijn 42 tot Trazegnies
  • 62: Korttraject van lijn 60 tot Gosselies
  • 89: Korttraject van lijn 90 tot Anderlues, vroeger ook tot Binche
  • 84: Zelfde traject als lijn 80 tot Roux en dan lijn 42 tot Souvret
  • 47/87: Deze twee lijnen rijden een lus in tegengestelde richtingen. Lijn 47 nam lijn 42 tot Souvret, dan lijn 63 tot Fontaine-l'Evêque om dan via de route van lijn 90 terug te keren naar Charleroi Eden. Lijn 87 reed in de andere richting.
  • 61/64: Deze twee lijnen rijden een lus in tegengestelde richtingen. Route lijn 61: Charleroi Souvret via lijn 63 en dan terug via lijn 42 naar Charleroi. Lijn 64 is in de andere richting. Beide lijnen reden vroeger van/naar Marcinelle in plaats van Charleroi Sud.
  • 57/58: Korttraject lijn 63 die aan de zuidkant doorreed naar Marcinelle. 57 is in de richting Courcelles en 58 in de richting Marcinelle.
  • 59/63: De boven beschreven lijn 63 was vroeger opgesplitst in twee lijnen per richting. 63 in de richting van Fontaine en 59 in de richting van Marcinelle.
  • 77/78: 77 reed van Charleroi tot Fontaine via lijn 90, daarna lijn 63 tot Souvret en dan lijn 42 tot Pont-à-Celles. Lijn 78 reed dezelfde route vanaf Fontaine naar Pont-à-Celles.

Twee tramlijnen die doorreden tot in de Centre streek:

  • 31: Lijn 31 van Charleroi tot Jonction in Anderleus en dan lijn 30 tot Bracquegnies.
  • 92: Lijn 92 van Charleroi tot Jonction in Anderleus en dan lijn 91 tot Thuin.

ZuidBewerken

 
Buurtspoorwegen en TEPCE lijnen in het oosten van Charleroi.
  • 75 Charleroi (Eden, Viaduct, Damprémy) – Marchienne-au-Pont (Station, kanaal) – Montigny-le-Tilleul (Chapelle, Eden Parc) – Bois du PrinceBout-là-HautGozée (kerk) – Thuillies (brug, station). Vanaf de brug over het spoor was er in Thuillies een elektrische aansluiting langs de hoofdweg (600 meter) naar de Losseau suikerfabriek. Lijn 73 was een korttraject dienst tot Gozée (kerk). Tussen Gozée en Thuillies was er een goederenaansluiting van een kilometer naar "Ferme de Marbisoeul" in het zuidoosten.[9]
  • 74 Charleroi (Eden) – **route lijn 75** – Montigny-le-Tilleul (Chapelle, Foyer) – Bomerée (Petit Lac, route de Beaumont). Deze lijn werd tot geopend tot Montigny-le-Tilleul (Foyer) op 3 juni 1887 en was daarmee een van de eerste twee lijnen in de Charleroi streek. Lijn 75 is in 1895 geopend en de verbinding vanaf Marchienne-au-Pont naar Fontaine (lijn 90) is pas in 1929 geopend.
  • 71 Charleroi (Sud) – Marcinelle (Villette) – Mont-sur-Marchienne (Place, Gadin)
  • 53 Charleroi (Sud) – Marcinelle (Villette, rue Allart, centre, Vieille place, Ferme Bal) – Mont-sur-Marchienne (Point du Jour). Op deze lijn reden veel tramlijnen door naar het westelijk tramnet (zie hoofdstuk West).
  • 50 Charleroi (Sud) – Marcinelle (Villette, rue Allart, centre, Haies) – BruyèreNalinnes (Haies, centre). De tramlijn van Nalinnes Centre tot Nalines Bultia is nooit geëlektrificeerd en is op 20 april 1935 opgeheven. Er waren drie korttraject diensten: 51 tot Marcinelle (Haies); 52 tot La Bruyère; 49 tot Nalinne (Haies).

OostBewerken

  • 67 Charleroi (Eden) – **lijn 60** – Jumet (Chaussée de Gilly, Hamendes) – Ransart (Masses Diarbois, Place) – HeppigniesWangeniesFleurus (Rabots) – Velaine-sur-SambreOnoz – **Groep Namen lijn 9** – Namen. De Charleroi Namen verbinding is pas laat ontstaan. Er bestond al langer een rechtstreekse tramverbinding tussen Fleurus en Charleroi met de stadstramlijn 7 van de TEPCE en deze sloot aan op de niet elektrische buurtspoorlijn Fleurus Namen. Pas in 1951 werd de NMVB stadslijn vanaf Ransart place successievelijk verlengd naar Heppignies (1951) en Wangenies (1952). In 1953 werd de lijn verlengd naar Fleurus (Rabots) en de bestaande tramlijn van Fleurus naar Onoz geëlektrificeerd. Met deze aanpassing is in Fleurus het spoor van Rabot naar het spoorstation opgeheven. De lijn van Onoz naar Namen was al in 1937 geëlektrificeerd. De doorgaande tramdienst heeft echter maar kort gereden, daar Namen ondertussen zijn tramnet al grotendeels had opgeheven en geen trams meer in de stad wilde. Vanaf 7 februari 1955 was de lijn ingeperkt tot Saint-Servais, een voorstad van Namen, en kon het spoorstation van Namen al niet meer bereikt worden. De NMVB groep Henegouwen moest zelf een mobiele stroomverdeelstation inzetten om de lijn van stroom te voorzien, daar er geen elektrische trams meer in Namen reden en de Namen groep niet bereid was de stroomvoorziening te handhaven voor één tram per uur. Op 31 december 1958 werd de hele lijn van Namen naar Onoz opgeheven. De lokale dienst Charleroi (Eden) – Ransart (Place) reed onder het lijnnummer 68.
  • 56 Charleroi (Eden) – **lijn 60** – Lodelinsart (Bon Air) – Gilly (Haies, Quatre Bras) – ChâtelineauChâtelet (Gare, St. Roche). Van Quatre Bras tot Châtelet werden de sporen gezamenlijk gebruikt met de stadstrams van de TEPCE.
  • 436 Châtelet (place St. Roche) – PreslesSart-EustacheLe RouxVitrivalFosses (station). Deze niet-elektrische tramlijn sloot in Châtelet aan op de elektrische tramlijn 56.
  • 48 Charleroi (Sud) – **lijn 56** – Gilly (Haies) – Jumet (Hamendes) – **lijn 67** – Ransart (Masses Diarbois, station Bois-Noël). Deze lijn werd ook gebruikt door de lijnen 54 (naar Marcinelle) en 55 (naar Ransart) die doorreden aan de Zuidkant naar Marcinelle (Point du Jour). Vanaf 1961 werden deze lijnen ingekort tot Charleroi Sud en reed alleen lijn 48.

Geschiedenis tram binnenstadBewerken

Op 3 juni 1887 werden door de buurtspoorwegen in Charleroi drie tramlijnen met stoomtractie geopend. Dit zijn:

  • Charleroi (Prison, viaduct) en de route van tramlijn 74 tot Montigny-le-Tilleul (Chapelle-Foyer)
  • Charleroi (Prison, viaduct) en de route van tramlijn 60 tot Lodelinsart (St. Antoine)
  • Charleroi (Sud) en de route van tramlijn 71 tot Mont-sur-Marchienne (Gadin)

De terminus van "Prison" was gelegen ter hoogte van huidige "place des Tramways". Daar was ook de grote stelplaats van Charleroi. Dit was verbonden met het "viaduct" (over de spoorweg) door middel van de "Rue du Grand Central". Vanaf het viaduct splitsten de lijnen zich. Op 30 mei 1901 is gelijk met de eerste elektrificatie een nieuw terminus aangelegd in "Boulevard Janson" in de centrum van de stad. Het nieuwe terminus werd vanaf het viaduct bereikt via de "rue de Turenne" en "Boulevard Jacques Bertrand" (huidige straatnamen). In 1949 is de terminus Janson vervangen door een nieuwe terminus "Eden"[10] gelegen aan de "Boulevard Jacques Bertrand" tussen de "Avenue des Alliés" en de "rue de Turenne". De trams reden naar de terminus langs de "Avenue des Alliés" en keerden terug langs de "rue de Turenne".

Het eindpunt van Charleroi Sud bevond zich op het voorplein van het gelijknamige spoorstation. De twee terminussen, Prison en Sud, werden pas in december 1938 met elkaar verbonden. Tegelijk was er een keerlus aangelegd in Charleroi Sud. Vanaf dat moment waren er doorgaande diensten tussen het zuidelijke tramnet en de rest van het NMVB-tramnet en keerden veel Noordelijke tramdiensten in Charleroi-Sud. Technish waren de twee NMVB-tramnetten voordien met elkaar verbonden door het metersporige tramnet van de TEPCE die in Charleroi Sud eveneens een terminus had.

Met het opheffen van het zuidelijk NMVB tramnet in 1968 is een keerlus aangelegd bij het eindpunt Prison omdat de trams niet meer konden doorrijden naar Charleroi Sud, een terminus die tramloos was geworden. Dit keerlus liep om de gevangenis (nu gesloopt) heen en langs het kanaal.[11]

In 1976 werd de eerste "Métro léger" geopend tussen Charleroi Sud en het Viaduct. Hierdoor konden trams weer naar Charleroi Sud rijden en kon het eindpunt "Prison" gesloten worden voor reizigers. De sporen bleven echter in dienst tot de sluiting van stelplaats in 1986. Ten slotte werd bij de opening op 29 mei 1983 van de keerlus in het Métro Léger station Beaux-Arts, de terminus Eden overbodig en opgeheven. Sindsdien rijden er geen trams meer in de straten van Charleroi, maar alleen op Métro léger trajecten.

StelplaatsenBewerken

Doornik & omgevingBewerken

  • Doornik
  • Flobecq, Frasnes-lez-Buissenal
  • Mainvault
  • Pecq

Borinage en BergenBewerken

  • Bergen, Boussu
  • Casteau (busstelplaats waar ook oude NMVB bussen worden bewaard voor de vereniging patrimoine Bus & Car)[12]
  • Erquennes, Eugies (nu busstelplaats)
  • Graty
  • Quaregnon, Quévaucamps, Quévy
  • Roisin
  • Saint-Ghislain, Soignies
  • Wasmes

CentreBewerken

  • Anderlues (in bedrijf)
  • La Louvière (nu busstelplaats)
  • Solre-sur-Sambre (nu busstelplaats)
  • Trazegnies, Trivières (nu woning en bedrijfsterrein)

Charleroi & omgevingBewerken

  • Charleroi (Place des Tramways) (afgebroken nu hoofdkantoor TEC Charleroi en parkeerplaats), Chatelêt
  • Fosses-la-Ville (provincie Namen)
  • Gosselies (stationsgebouw gerestaureerd en wordt weer in gebruik genomen als TEC kantoor bij het eindpunt van de nieuwe M3 tramlijn. De oude loods is opgebroken, daar deze op traject van een nieuw tramtracé stond. Er was een spooraansluiting naar het treinstation Gosselies)
  • Jumet (in bedrijf)
  • Nalines
  • Thuillies[13]

NMVB in de andere provinciesBewerken

ReferentiesBewerken

  1. Belgische spoorboek zomer 1933
  2. militaire stafkaart van 1922
  3. The vicinal story, Uitgever: Light Rail Transit Association, Light Railways in Belgium 1885 - 1991, By W.J.K.Davies
  4. Michelin kaart nr 4 van 1940 File:Michelin nr 4, 1940 Mons Maubeuge.jpg
  5. De brug is te zien op de stafkaart van 1933 file:Borinage sud 1933 afgeleid.jpg (in de linkerbovenhoek)
  6. uitleg panoramio fotos op Google Earth
  7. panoramio foto
  8. Zie ook Google earth: typ in "Gosselies" en zoom in tot ongeveer 75 meter hoogte- het prachtig nieuwe traject in aanleg is goed zichtbaar. Zoom nu verder in tot Street view hoogte, en aanschouw het volledig vervallen traject in 2009(!)inclusief de aftakking van Gosselies naar Trazegnies van lijn 63/80 half onder het asfalt...Op de Chaussee de Bruxelles is het dubbelsporig tracé in al zijn vergane glorie te volgen, met opnamen afwisselend uit maart/april 2009 MET, en uit mei 2009 ZONDER bovenleiding.., een surrealistische ervaring, maar zeer de moeite waard!
  9. Carte Michelin nr 4 van 1940. Op Google Earth is de aansluitboog te zien. Vermoedelijk gebruikt voor het bietenvervoer naar de suikerfabriek.
  10. Genoemd naar feestzalencentrum en nu kultureel centrum "Eden", Beeld: File:Eden in Charleroi.jpg
  11. flicker foto
  12. website vereniging
  13. Was in 1988 in gebruik voor opslag van oud trammaterieel. zie