Hoofdmenu openen

Wereldkampioenschappen kunstschaatsen 1976

kunstschaatswedstrijd

De Wereldkampioenschappen kunstschaatsen 1976 werden gevormd door vier toernooien die door de Internationale Schaatsunie werden georganiseerd.

Het WK evenement van 1976 vond van 2 tot en met 7 maart plaats in het Scandinavium in Göteborg, Zweden. Het was voor de twaalfde keer dat de wereldkampioenschappen kunstschaatsen in Zweden plaatsvonden. Voor Göteborg was de hoofdstad Stockholm elf keer gaststad, de laatste keer in 1947.

Voor de mannen was het de 66e editie, voor de vrouwen de 56e editie, voor de paren de 54e editie, en voor de ijsdansers de 24e editie.

DeelnameBewerken

Er namen deelnemers uit 22 landen deel aan deze kampioenschappen. Zij vulden 78 startplaatsen in. Voor het eerst nam er een vertegenwoordiger uit Nieuw-Zeeland deel, Gay Le Comte nam deel in het vrouwentoernooi. Nieuw-Zeeland was het 29e land dat aan de WK kunstschaatsen deelnam.

Voor Nederland nam titelverdedigster Dianne de Leeuw voor de vijfde keer deel aan het WK kunstschaatsen.

(Tussen haakjes het totaal aantal startplaatsen over de disciplines.)
  Sovjet-Unie (10)
  Verenigde Staten (10)
  Canada (8)
  DDR (6)
  Verenigd Koninkrijk (6)
  West-Duitsland (6)
  Polen (4)
  Tsjecho-Slowakije (4)
  Italië (3)
  Japan (3)
  Oostenrijk (3)
  Denemarken (2)
  Finland (2)
  Frankrijk (2)
  Zweden (2)
  Australië (1)
  Hongarije (1)

  Nederland (1)
  Nieuw-Zeeland (1)
  Noorwegen (1)
  Zuid-Korea (1)
  Zwitserland (1)

MedailleverdelingBewerken

Bij de mannen werd John Curry de 26e wereldkampioen en was hij de tweede Brit die de wereldtitel behaalde. Hij trad hiermee in de voetsporen van Graham Sharp die in 1939 de titel behaalde. Het was voor Curry zijn tweede medaille, in 1975 werd hij derde. Vladimir Kovalev uit de Sovjet-Unie op plaats twee veroverde zijn derde WK medaille, in 1972 werd hij derde en in 1975 ook tweede. De Oost-Duitser Jan Hoffmann op plaats drie veroverde zijn derde WK medaille, in 1974 werd hij wereldkampioenen en in 1973 ook derde.

Voor het eerst stonden bij de vrouwen dezelfde medaillewinnaars voor het derde opeenvolgende jaar op het erepodium, voor het derde jaar ook in een andere volgorde. Dorothy Hamill werd de 23e wereldkampioene en de vierde Amerikaanse. Ze trad hiermee in de voetsporen van Tenley Albright (1953, 1955), Carol Heiss (1956-1960) en Peggy Fleming (1966-1968). Het was voor Hamill haar derde medaille, in 1974 en 1975 werd ze tweede. Op plaats twee stond de Oost-Duitse Christine Errath voor het vierde opeenvolgende jaar op het podium, in 1974 werd ze wereldkampioen, in 1973 en 1975 derde. Dianne de Leeuw veroverde haar derde WK medaille oprij, vorig jaar werd ze wereldkampioene, en in 1974 ook derde.

Bij het paarrijden veroverde Irina Rodnina haar achtste opeenvolgende wereldtitel, van 1969-1972 deed ze dit met Aleksej Oelanov, van 1973-1976 met Aleksandr Zajtsev. Het Oost-Duitse paar Romy Kermer / Rolf Österreich op plaats twee veroverden hun derde WK medaille oprij, in 1974 werden zij derde en in 1975 ook tweede. Het Sovjetpaar Irina Vorobieva / Alexandr Vlasov op plaats drie veroverden hun eerste WK medaille.

Bij het ijsdansen veroverden het Sovjetpaar Ljoedmila Potsjomova / Alexandr Gorstsjkov hun zesde wereldtitel. De eerste vijf werden van 1970-1974 behaald. Het was hun zevende medaille, in 1969 werden ze tweede. Hun landgenoten en de wereldkampioenen van 1975, Irina Moiseeva / Andrej Minenkov, eindigden dit jaar op de tweede plaats, het was ook hun tweede WK medaille. Ook het Amerikaanse paar Colleen O'Connor / James Millns plaats drie veroverden hun tweede medaille, in 1975 werden zij tweede.

Discipline      
Mannen   John Curry   Vladimir Kovalev   Jan Hoffmann
Vrouwen   Dorothy Hamill   Christine Errath   Dianne de Leeuw
Paren   Irina Rodnina / Aleksandr Zajtsev   Romy Kermer / Rolf Österreich   Irina Vorobieva / Alexandr Vlasov
IJsdansen   Ljoedmila Potsjomova / Alexandr Gorstsjkov   Irina Moiseeva / Andrej Minenkov   Colleen O'Connor / James Millns

UitslagenBewerken

pk = verplichte kür, kk = korte kür, vk = vrije kür, pc/9 = plaatsingcijfer bij negen juryleden

MannenBewerken

Er deden 21 mannen uit dertien landen mee, waaronder acht debutanten

# naam (deelname) land pk kk vk pc/9
  John Curry (6)   2 3 1 13
  Vladimir Kovalev (4)   1 5 4 15
  Jan Hoffmann (6)   3 2 3 29
4 Toller Cranston (7)   5 1 2 34
5 David Santee   4 7 7 47
6 Terry Kubicka (3)   7 4 5 52
7 Minoru Sano (4)   6 6 6 62
8 Igor Bobrin   8 10 9 74
9 Robin Cousins (2)   14 14 8 79
10 Pekka Leskinen (3)   10 11 13 102
11 Konstantin Kokora   11 12 10 101
12 Mitsuro Matsumura (2)   13 9 11 101
13 Christophe Boyadjian   12 13 15 124
14 Zdenek Pazdirek (7)   9 15 16 125
15 Grzegorz Glowania   20 14 12 139.5
16 Ted Barton   17 17 14 139.5
17 Kenneth Polk   15 16 18 142
18 Glyn Jones (2)   19 20 17 163
19 Gert-Walter Gräbner   18 19 19 173
20 Thomas Öberg (2)   16 18 20 175
21 Flemming Söderquist (2)   21 21 21 189

VrouwenBewerken

Er deden 25 vrouwen uit 20 landen mee, waaronder tien debutanten.

# naam (deelname) land pk kk vk pc/9
  Dorothy Hamill (5)   2 1 1 10
  Christine Errath (6)   4 2 2 22
  Dianne de Leeuw (5)   3 3 4 22
4 Anett Pötzsch (4)   5 6 5 41
5 Linda Fratianne   6 5 3 43
6 Isabel de Navarre (2)   1 7 12 55
7 Lynn Nightingale (4)   7 4 8 66
8 Wendy Burge (2)   8 8 6 69
9 Dagmar Lurz (2)   9 10 7 80
10 Susanna Driano (2)   10 9 10 88
11 Elena Vodorezova   15 12 9 103
12 Kim Alletson (2)   13 11 11 105
13 Karena Richardson   14 13 14 117
14 Grażyna Dudek (3)   17 15 15 131
15 Denise Biellmann   21 18 13 138
16 Claudia Kristofics-Binder   16 19 16 149
17 Emi Watanabe (4)   11 16 18 146
18 Eva Durišinová   18 17 17 158
19 Hyo Jin-yun (2)   12 22 20 177
20 Niina Kyöttinen   22 14 21 178
21 Lislotte Öberg (2)   19 20 19 182
22 Sharon Burley (5)   20 21 22 197
23 Bente Larsen   25 23 23 208
24 Stella Bristing   24 24 24 215
25 Gay Le Comte   23 25 25 225

ParenBewerken

Er deden dertien paren uit zeven landen mee, waaronder vier debuterende.

# naam (deelname) land kk vk pc/9
  Irina Rodnina (8)
Aleksandr Zajtsev (4)
  1 1 9
  Romy Kermer (4)
Rolf Österreich (4)
  2 2 23
  Irina Vorobieva (3)
Alexandr Vlasov (3)
  3 3 28
4 Manuela Groß (7)
Uwe Kagelmann (7)
  4 4 30
5 Tai Babilonia (3)
Randy Gardner (3)
  5 6 48
6 Nadezjda Gorsjkova
Jevgeni Sjevalovski
  6 5 51
7 Kerstin Stolfig (2)
Veit Kempe (2)
  7 7 64
8 Corinna Halke (5)
Eberhard Rausch (8)
  8 8 71
9 Alice Cook
William Fauver
  9 9 86
10 Ingrid Spieglová
Alan Spiegl
  10 10 92.5
11 Ursula Nemec (4)
Michael Nemec (4)
  11 11 95
12 Candace Jones (2)
Don Fraser (2)
  12 12 110.5
13 Gabrielle Beck
Jochen Stahl
  13 13 111

IJsdansenBewerken

Er deden negentien paren uit twaalf landen mee, waaronder zeven debuterende.

# naam (deelname) land kk vk pc/9
  Ljoedmila Potsjomova (10)
Alexandr Gorstsjkov (9)
  1 1 9
  Irina Moiseeva (4)
Andrej Minenkov (4)
  2 2 19
  Colleen O'Connor (3)
Jim Millns (3)
  3 3 28
4 Krisztina Regöczy (4)
András Sallay (4)
  4 4 36
5 Natalja Linitsjoek (3)
Gennadi Karponossov (6)
  5 5 43
6 Janet Thompson (3)
Warren Maxwell (3)
  6 6 55
7 Barbara Berezowski (4)
David Porter (4)
  9 8 71
8 Eva Peštová (3)
Jiři Pokorný (3)
  8 9 78
9 Teresa Weyna (6)
Piotr Bojanczyk (6)
  7 7 75
10 Susan Carscallen (2)
Eric Gillies (2)
  10 10 91
11 Kay Barsdell (2)
Kenneth Foster (2)
  11 11 97
12 Susi Handschmann
Peter Handschmann
  12 12 105
13 Judi Genovesi (2)
Kent Weigle (2)
  13 13 119
14 Stefania Bertele
Walter Cecconi
  14 14 127
15 Isabella Rizzi
Luigi Freroni
  15 15 128
16 Marie-Joëlle Michel
Frédéric Garcin
  16 16 149
17 Elżbieta Wegrzyk
Andrzej Alberciak
  17 18 156
18 Susan Kelley
Andrew Stroukoff
  18 17 155
19 Gabriele Schafer
Robert Dietz
  19 19 169