Hoofdmenu openen

Stikstoftrichloride

chemische verbinding

Stikstoftrichloride is een anorganische verbinding van stikstof en chloor, met als brutoformule NCl3. De stof komt voor als een gele olieachtige vloeistof met een prikkelende geur, die ontleedt bij contact met water. Stikstoftrichloride is een explosieve verbinding.

Stikstoftrichloride
Structuurformule en molecuulmodel
Structuurformule van stikstoftrichloride
Structuurformule van stikstoftrichloride
Algemeen
Molecuulformule
     (uitleg)
NCl3
IUPAC-naam stikstoftrichloride
Andere namen trichlooramine, trichloornitride
Molmassa 120,3657 g/mol
SMILES
N(Cl)(Cl)Cl
InChI
InChI=1/Cl3N/c1-4(2)3
CAS-nummer 10025-85-1
EG-nummer 233-045-1
PubChem 61437
Beschrijving Gele olieachtige vloeistof met een prikkelende geur
Fysische eigenschappen
Aggregatietoestand vloeibaar
Kleur geel
Dichtheid 1,653[1] g/cm³
Smeltpunt −40[1] °C
Kookpunt 71[1] °C
Goed oplosbaar in koolstofdisulfide, benzeen, chloroform[2]
Thermodynamische eigenschappen
ΔfHol 229 kJ/mol
Waar mogelijk zijn SI-eenheden gebruikt. Tenzij anders vermeld zijn standaardomstandigheden gebruikt (298,15 K of 25 °C, 1 bar).
Portaal  Portaalicoon   Scheikunde

Inhoud

OntdekkingBewerken

Pierre Louis Dulong ontdekte stikstoftrichloride in 1811 toen hij experimenteerde met chloorgas en ammoniumchloride.[3] Bij een explosie van de stof verloor hij een oog en drie vingers.[4]

VoorkomenBewerken

Stikstoftrichloride wordt vastgesteld in zwembaden, waar het ontstaat door reactie van dichloor met ureum, afkomstig van de menselijke stofwisseling (urine).[5]

SyntheseBewerken

Stikstoftrichloride kan bereid worden uit ammoniumzouten en chloorgas of waterstofhypochloriet.[3][6] Bereiding is ook mogelijk uit watervrij ammoniak en een overmaat chloorgas:[7]

 

Als er een overmaat ammoniak gebruikt wordt in plaats van chloor, dan ontstaat er ammoniumchloride:

 

ReactiviteitBewerken

Stikstoftrichloride ontleedt bij de geringste beroering explosief in stikstofgas en chloorgas:

 

Ook verhitting tot boven 60 °C leidt tot explosieve ontleding.[1]

In water ontleedt de stof langzaam tot stikstofgas, hypochlorigzuur en zoutzuur.[8]

ToepassingenBewerken

Vroeger werd stikstoftrichloride toegepast bij het bleken van meel. Dat meel bleek echter neurotoxische effecten te veroorzaken bij dieren ten gevolge van de vorming van het giftige methioninesulfoximine.[9]