Slatdicksteur

soort uit het geslacht Acipenser

De slatdicksteur, ook wel baardsteur genoemd (Acipenser nudiventris) is een straalvinnige vissensoort uit de familie van steuren (Acipenseridae).[2] De soort komt van oorsprong voor in de Zwarte Zee, Kaspische Zee, de Zee van Azov en het Aralmeer en de op deze zeeën uitkomende rivieren: de Donau tot Bratislava, Wolga tot Kazan, Oeral tot Chkalov.

Slatdicksteur
IUCN-status: Kritiek[1] (2009)
Acipenser nudiventris
Acipenser nudiventris
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Actinopterygii (Straalvinnigen)
Orde:Acipenseriformes (Steurachtigen)
Familie:Acipenseridae (Steuren)
Geslacht:Acipenser
Soort
Acipenser nudiventris
Lovetsky, 1828
Synoniemen
  • Acipenser glaber Fitzinger, 1836
  • Acipenser nudivenris Lovetsky, 1828
  • Acipenser nudiventris derjavini Borzenko, 1950
  • Acipenser schypa Bonnaterre, 1788
  • Acipenser schypa Güldenstädt, 1772
  • Acipenser turritus Fitzinger & Heckel, 1836
Afbeeldingen Slatdicksteur op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Slatdicksteur op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vissen
Boven en onderzijde van de kop

BeschrijvingBewerken

De soort kan een maximale lengte bereiken van 211 cm, maar de meer algemene lengte is 132 cm. Het maximale gepubliceerde gewicht is 80,0 kg. De snuit is matig lang en spits aan het uiteinde. De baarddraden staan halverwege tussen de punt van de snuit en de mond. Het lichaam is bedekt met vijf rijen beenplaten. Aan de rugzijde 11-17, aan de flanken 49-70, en aan de buikzijde 10-16. En bevinden zich geen kleinere platen tussen de rijen aan de rugzijde en de buikzijde. De kleur van de rug is grijs, de flanken zijn lichter en de buik is wit[2]

EcologieBewerken

Volwassenen exemplaren komen voor in de zee dichtbij kusten en estuaria en in de diepe delen van de grote rivieren, met name op een modderige bodem. Ze leven meestal solitair. Jonge exemplaren leven in de ondiepe rivieroevers. Het voedt zich met o.a. met weekdieren, vlokreeften en de larven van dansmuggen. Om te paaien trekt de slatdicksteur van eind april tot juni (eind mei in Rioni-rivier aan de Zwarte Zee) verder de rivier op. De paai vindt plaats op een stenige of grindige bodem die aangetroffen wordt in snelstromende delen van de rivier.[2]

Door overbevissing en het afdammen van het leefgebied staat de soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als Kritiek (beoordelingsjaar 2009). De omvang van de populatie is volgens de IUCN dalend [1] en staat op het punt van uitsterven in zijn natuurlijke bereik. Het is reeds uitgestorven in het Aral-bekken en is bijna uitgestorven in het Zwarte Zeebekken. Er blijft slechts een zeer kleine populatie over in Oeral en de Rioni. In het Balkasjmeer in het oosten van Kazachstan, ver buiten het natuurlijke verspreidingsgebied is de slatdicksteur in de jaren zestig voor commerciële doeleinden uitgezet. Hier vormt het een grote populatie.[3]

AfbeeldingenBewerken