Hoofdmenu openen

Resolutie 897 Veiligheidsraad Verenigde Naties

resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties

Resolutie 897 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd unaniem aangenomen door de VN-Veiligheidsraad op 4 februari 1994.

Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 897
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 4 februari 1994
Nr. vergadering 3334
Code S/RES/897
Stemming
voor
15
onth.
0
tegen
0
Onderwerp Somalische burgeroorlog
Beslissing Aanpassing van het mandaat en uitbreiding van UNOSOM II.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1994
Permanente leden
Vlag van China China · Vlag van Frankrijk Frankrijk · Vlag van Rusland Rusland · Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk · Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Niet-permanente leden
Vlag van Argentinië Argentinië · Vlag van Brazilië Brazilië · Vlag van Tsjechië Tsjechië · Vlag van Djibouti Djibouti · Vlag van Spanje Spanje · Vlag van Nigeria Nigeria · Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland · Vlag van Oman Oman · Vlag van Pakistan Pakistan · Vlag van Rwanda (1962-2001) Rwanda
Somalische kinderen wachten op hulpgoederen (foto: 1992).
Somalische kinderen wachten op hulpgoederen (foto: 1992).

AchtergrondBewerken

In 1960 werden de voormalige kolonies Brits Somaliland en Italiaans Somaliland onafhankelijk en samengevoegd tot Somalië. In 1969 greep het leger de macht en werd Somalië een socialistisch-islamitisch land. In de jaren 1980 leidde het verzet tegen het totalitair geworden regime tot een burgeroorlog en in 1991 viel het centrale regime. Vanaf dan beheersten verschillende groeperingen elke een deel van het land en enkele delen scheurden zich ook af van Somalië.

InhoudBewerken

WaarnemingenBewerken

De Veiligheidsraad bevestigde zijn beslissing om de UNOSOM II-missie voort te zetten tot 31 mei 1994. Die missie zou tegen maart 1995 worden afgerond. Het was van belang dat alle partijen de verplichtingen en akkoorden die ze aangingen nakwamen. De (vredes)Akkoorden van Addis Ababa waren de basis voor de oplossing van het conflict.

Er was gerapporteerd dat de Somalische fracties zich herbewapenden en troepen opbouwden. De voortdurende incidenten met gevechten en misdaad en het geweld tegen hulpverleners en vredeshandhavers werden veroordeeld. Om tot vrede te komen moesten alle partijen ontwapenen. De Veiligheidsraad huldigde allen die waren omgekomen en benadrukte nogmaals het belang dat gehecht werd aan hun veiligheid.

Daarnaast was het belangrijk dat de Somaliërs districtsraden en regionale raden, een nationale raad, een politiemacht en een juridisch systeem oprichtten. De toezegging van de internationale gemeenschap om te helpen met de verzoening en heropbouw werd bevestigd. Intussen bleef de uitzonderlijke situatie in Somalië een bedreiging voor de vrede en veiligheid.

HandelingenBewerken

De Veiligheidsraad wijzigde het mandaat van UNOSOM II als volgt:

a. Helpen met de uitvoering van de vredesakkoorden; vooral bij de ontwapening en respect voor het staakt-het-vuren,
b. Havens, luchthavens, infrastructuur en communicatielijnen beschermen,
c. Hulpgoederen leveren,
d. Helpen met de reorganisatie van politie en justitie,
e. Helpen met de terugkeer en huisvesting van vluchtelingen en ontheemden,
f. Helpen met het politieke proces dat tot een democratisch verkozen regering moet leiden,
g. VN- en hulporganisaties beschermen.

De Veiligheidsraad autoriseerde ook een geleidelijke versterking van de troepenmacht tot 22.000.

Veilige regio's van Somalië kregen prioriteit bij de heropbouw. Ook ontmijning was van belang en de secretaris-generaal, Boutros Boutros-Ghali, werd gevraagd daar zo snel mogelijk mee te beginnen.

De Somalische partijen moesten samenwerken met UNOSOM II, het staakt-het-vuren respecteren en zich onthouden van geweld tegen VN- en humanitair personeel. Ook bleef het wapenembargo tegen Somalië gelden.

De secretaris-generaal moest in samenspraak met de Organisatie van Afrikaanse Eenheid en de Arabische Liga contacten leggen met de partijen om tot een akkoord te komen over een tijdsschema voor de uitvoering van de Akkoorden van Addis Ababa. Dat proces moest tegen maart 1995 worden voltooid. Ten slotte werd aan Boutros Boutros-Ghali gevraagd ruim voor 31 mei te rapporteren over de situatie.

Verwante resolutiesBewerken