Resolutie 362 Veiligheidsraad Verenigde Naties

resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties

Resolutie 362 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd aangenomen op 23 oktober 1974. China en Irak namen niet deel aan de stemming. De overige dertien leden van de Raad stemden voor de resolutie.

Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 362
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 23 oktober 1974
Nr. vergadering 1799
Code S/RES/362
Stemming
voor
13
onth.
0
tegen
0
Onderwerp Arabisch-Israëlisch conflict
Beslissing Verlenging vredesmissie met zes maanden.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1974
Permanente leden
Niet-permanente leden
Israël (Blauw) en Egypte (rood).

AchtergrondBewerken

  Zie Jom Kipoeroorlog voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Na de Jom Kipoeroorlog werd een VN-interventiemacht naar het Midden-Oosten gezonden met de bedoeling bij te dragen aan een duurzame vrede in die regio.

InhoudBewerken

De Veiligheidsraad:

  • Herinnert aan de resoluties 338, 340, 341 en 346.
  • Heeft het rapport van de Secretaris-Generaal over de activiteiten van de VN-interventiemacht bestudeerd.
  • Neemt akte van zijn mening dat ondanks de huidige rust in de Egyptisch-Israëlische sector de situatie ten gronde instabiel zal blijven zolang de onderliggende problemen onopgelost blijven.
  • Maakt ook op uit het rapport dat de operatie van de VN-interventiemacht nodig blijft.
  1. Besluit het mandaat van de interventiemacht met zes maanden te verlengen tot 24 april 1975 om verder te werken aan een duurzame vrede in het Midden-Oosten.
  2. Betuigt eer aan de interventiemacht en de deelnemende landen.
  3. Vertrouwt erop dat de interventiemacht wordt onderhouden met een maximale (kosten)efficiëntie.
  4. Herbevestigt dat de interventiemacht als integrale en efficiënte militaire eenheid moet functioneren in de gehele Egyptisch-Israëlische sector, ongeacht de status van de verschillende contingenten.

Verwante resolutiesBewerken

  Originele werken bij dit onderwerp zijn te vinden op de pagina United Nations Security Council Resolution 362 op de Engelstalige Wikisource.