Hoheria sexstylosa

soort uit het geslacht Hoheria

Hoheria sexstylosa (Engels: long-leaved lacebark) is een plantensoort uit de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae). Het is een groendblijvende boom met een grijze stam en leerachtige getande bladeren. Deze bladeren zijn 7 tot 14 centimeter lang en 4 tot 6 centimeter breed, en dan het breedst aan de basis. Deze bladeren zijn 5 tot 15 centimeter lang en 1 tot 5 centimeter breed, en dan het breedst in het midden. Juveniele planten hebben verwarde takken met ronde bladeren van slechts 1 tot 3 centimeter lang en met 3-5 stompe tanden. De boom heeft grote witte bloemen die zich later ontwikkelen tot een gevleugelde droge vrucht, die tussen april en augustus verschijnt.

Hoheria sexstylosa
Hoheria sexstylosa
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Malviden
Orde:Malvales
Familie:Malvaceae (Kaasjeskruidfamilie)
Onderfamilie:Malvoideae
Geslachtengroep:Malveae
Geslacht:Hoheria
Soort
Hoheria sexstylosa
Colenso (1885)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Hoheria sexstylosa op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De soort is endemisch in Nieuw-Zeeland.[1] Hij komt daar voor op het zuidelijke deel van het Noordereiland, in een gebied wat zich uitstrekt van het noorden van de regio Waikato en het Coromandel-schiereiland tot in Wellington en Wairarapa. Op het Zuidereiland bevinden zich enkele lokale en wilde populaties van deze soort. De boom groeit in zowel kust-, laagland- als bergbossen en daarnaast ook in ooibossen.[2]