Hoofdmenu openen

De ConjunctivusBewerken

In het Latijn zijn er vijf modi (wijzen):

De modus conjunctivus is de typische wijs voor onder andere: aarzelingen, vervulbare wensen, onvervulbare wensen, mogelijkheden, aansporingen en vriendelijke bevelen. De conjunctivus komt voor in de hoofdzin en de bijzin.

VormingBewerken

De vorming van de conjunctivus is als volgt:

Conjunctivus praesentisBewerken

Bij de stammen op een -a presensstam zonder -a + e + uitgang
Bij de stammen op een -e: presensstam + a + uitgang
Bij de stammen op een -i: presensstam + a + uitgang
Bij de stammen op een medeklinker, consonant: presensstam + a + uitgang
Bij de gemengde stammen: presensstam + a + uitgang

Conjunctivus imperfectiBewerken

Presensstam + re + uitgang (eigenlijk presensinfinitivus + uitgang). De soorten uitgangen verschillen of het een actief vorm is, of een passief vorm. Bij actieve vormen zijn de uitgangen: -m, -s, -t, -mus, -tis, -nt. Bij de passieve vormen zijn ze: -r, -ris, -tur, -mur, -mini, -ntur.

Conjunctivus perfectiBewerken

Actief: perfectumstam + -eri + uitgang
Passief: (supinumstam+geslachtsuitgang) + conjunctivus praesentis van esse (sim, sis...)

Conjunctivus plusquamperfectiBewerken

Actief: perfectuminfinitivus + uitgang
Passief: (supinumstam+geslachtsuitgang) + conjunctivus imperfecti van esse (essem, esses...)

Conjunctivus futuriBewerken

De conjunctivus futuri simplicis en de conjunctivus futuri exacti bestaan niet. Er zijn in brieven van de Romeinse advocaat Cicero wel dergelijke vormen gevonden, die in verband konden worden gebracht met een mogelijke futurumvorm van de conjunctivus. Deze zou men dan met "zou het zijnde" moeten vertalen, om een toekomstige mogelijkheid aan te duiden die reeds al gaande is. Dit werd echter uitgesloten door Rob Hardy, een expert op het gebied van het Latijn, die onder andere er voor zorgt dat het Latijns-Engels woordenboek zo accuraat mogelijk blijft. Het zou volgens hem te ver gezocht zijn en nooit in de buurt komen van wat Cicero ooit heeft willen zeggen met deze aftakking van de conjunctivus.

De conjunctivus in de hoofdzinBewerken

In de hoofdzin kan een conjunctivus doorgaans de volgende zaken weergeven.

Vervulbare wens (optativus)Bewerken

Een vervulbare wens, wordt weergegeven door een conjunctivus praesentis. Vertaling (bij 'zijn'): moge ik zijn sim. Wordt soms gekenmerkt door het woord utinam.

Onvervulbare wens (irrealis)Bewerken

Een onvervulbare wens, wordt weergegeven door een conjunctivus imperfecti voor het heden of een conjunctivus plusquamperfecti voor het verleden. Vertaling (bij esse, 'zijn'): Was ik maar (impf.) / was ik maar geweest (plqpf.) Utinam essem (impf.), utinam fuissem (plqpf.).

Aansporing (adhortativus)Bewerken

Een aansporing, komt voor in de eerste persoon enkelvoud of meervoud conjunctivus praesentis, wordt vertaald met 'laat/laten ik/wij ...': Filium horter ut libros Ciceronis legat: Laat ik mijn zoon aansporen om de boeken van Cicero te lezen.

Beleefdheidsgebod (iussivus)Bewerken

Een beleefdheidsgebod, wordt weergegeven door een conjunctivus praesentis, vertaling is vrij. audias! : Luister toch!

NB: Soms komt voor een jussivus de imperativusvorm fac/facite te staan: fac audiat = zorg dat (fac) hij luistert (audiat).

Twijfel (dubitativus)Bewerken

Een twijfel, betekenis is hetzelfde als een indicativus, kan weergegeven worden door elke soort conjunctivus, vaak vertalen met het werkwoord 'zullen':

audiat? : Zou hij luisteren? / Luistert hij?

Mogelijkheid (potentialis)Bewerken

Een mogelijkheid, weergegeven door een conjunctivus praesentis of conjunctivus perfecti, vertalen met 'zou ...': Velisne mecum ambulare ad circum, domine?: Zou u met mij naar de renbaan willen wandelen, heer?

Na voegwoordenBewerken

Bijvoorbeeld het voegwoord quamquam: 'hoewel, ofschoon' wordt in de dichtkunst meestal gevolgd door een conjunctivus: Quamvis sint sub aqua, sub aqua maledicere temptant - Ovidius

Beleefdheidsverbod (prohibitivus)Bewerken

Beleefdheidsverbod, vorming: ne + conjunctivus praesentis/perfecti. Vertaling is vrij, maar iets beleefder dan een imperativus'. De prohibitivus wordt vaak met "moet/moeten + niet" vertaald:

Ne lacrimaveris: Huil (maar) niet\ Jij moet niet huilen.

Conjunctivus in de bijzinBewerken

Een conjunctivus in de bijzin heeft meestal dezelfde betekenis als de indicativus, het gebruik verschilt alleen.

In de bijzin, ingeleid door een van deze woorden: ut, ne, dum of cum.

  • Ut: om te, opdat (niet verwarren met omdat! opdat geeft hier een doel aan), zodat (geeft hier een gevolg aan), met de bedoeling dat, met als gevolg dat
  • Ne: om niet te, opdat niet, om te voorkomen dat (als dit woord voor 'vrezen' of 'verhinderen' komt, is de betekenis hetzelfde als die van ut).
  • Cum: toen, nadat, omdat, hoewel
  • Dum: totdat, terwijl. Voorbeeld: servum mitto in forum ut vinum comparet. Ik zend een slaaf naar het marktplein om wijn te kopen/opdat hij wijn koopt

In de bijzin, in een indirecte vraag

  • Ik weet niet 'waarom mijn vrouw mij verlaten heeft': Nescio quare uxor me reliquerit.
  • Ik vraag haar 'waarom zij mij verlaten heeft': Eam rogo quare me reliquerit.
  • Ik weet niet 'wat ik gedaan heb': Nescio quid fecerim.

Onregelmatige werkwoorden: conjunctivus praesentisBewerken

Er bestaan in het Latijn enkele onregelmatige werkwoorden, waarvan de conjunctivus praesentis onregelmatig is. Hieronder staan ze. De meeste werkwoorden vervoegen via het regelmatige m, s, t, mus, tis, nt.

  • Esse (zijn): sim, sis, sit, simus, sitis, sint.
  • Posse (kunnen): Hier wordt een soort 'stam' gebruikt, pos-, waarachter als uitgang de esse vormen komen: possim, possis, possit... etc.
  • Velle (willen): velim, velis.. etc.
  • Nolle (niet willen): nolim, nolis... etc.
  • Malle (liever willen): malim, malis... etc.
  • Ire (gaan): eam, eas... etc.