Hoofdmenu openen
De Zwabische Kreits binnen het Heilige Roomse Rijk rond 1555
Zwabische Kreits: overzicht banken in 1669
Zwabische Kreits: zitting in Ulm 1669

De Zwabische Kreits was een van de 10 kreitsen, waarin het Heilige Roomse Rijk was verdeeld.

Het voorzitterschap van de kreits werd bekleed door de bisschop van Konstanz en de hertog van Württemberg.

Het gebied van de Kreits werd in de loop der tijd kleiner. Zie de lijst van vervallen zetels in de Zwabische Kreits

Omstreeks 1795 behoorden de volgende staten tot de Kreits:

Geestelijke vorstenbankBewerken

  1. Het sticht Konstanz
  2. Het sticht Augsburg
  3. De vorstelijke abdij Kempten
  4. De vorstelijke proosdij Ellwangen

Wereldlijke vorstenbankBewerken

  1. Het hertogdom Württemberg met het graafschap Löwenstein
  2. Het opper-markgraafschap Baden (Baden-Baden) met Kehl en de heerlijkheid Mahlberg
  3. Het neder-markgraafschap Baden (Baden-Durlach)
  4. Het markgraafschap Hachberg (in bezit van Baden) met het landgraafschap Sausenberg, de heerlijkheid Rötteln en de heerlijkheid Badenweiler
  5. Het vorstelijk graafschap Hohenzollern-Hechingen
  6. Het graafschap Hohenzollern-Sigmaringen
  7. De heerlijkheid Haigerloch
  8. De vorstelijke vrouwenabdij Lindau
  9. De vorstelijke vrouwenabdij Buchau
  10. Het vorstelijk graafschap Tengen (in bezit van Auersperg)
  11. Het graafschap Heiligenberg (in bezit van Fürstenberg)
  12. Het graafschap Oettingen
  13. Het vorstelijk landgraafschap in de Klettgau (in bezit van Schwarzenberg)
  14. Het vorstendom Liechtenstein (sinds 1707)

PrelatenbankBewerken

Graven- en herenbankBewerken

  1. De commanderij Altshausen van de Duitse Orde
  2. De commanderij Rohr-Waldstetten van de Duitse Orde
  3. De commanderij Mainau van de Duitse Orde
  4. Het landgraafschap Stühlingen (in bezit van Fürstenberg)
  5. Het landgraafschap Baar (in bezit van Fürstenberg)
  6. De heerlijkheid Wiesensteig (in bezit van Beieren en tot 1752 gedeeltelijk van Fürstenberg)
  7. De heerlijkheid Hausen (in bezit van Fürstenberg)
  8. De heerlijkheid Meßkirch (in bezit van Fürstenberg)
  9. De heerlijkheid Tettnang en Argen (sinds 1783 in bezit van Oostenrijk)
  10. Het land van het vorstelijk huis Oettingen-Wallerstein en het grafelijk huis Oettingen-Baldern
  11. Het graafschap Friedberg en Scheer (sinds 1787 in bezit van Thurn und Taxis)
  12. Het graafschap Königsegg en de heerlijkheid Aulendorf
  13. Het graafschap Rothenfels en de heerlijkheid Staufen
  14. Het land van de erfelijk drossaards (Truchsessen) van Waldburg-Zeil-Zeil en Waldburg-Zeil-Wurzach
  15. Het land van de erfelijk drossaards (Truchsessen) van Waldburg-Wolfegg-Wolfegg en Waldburg-Wolfegg-Waldsee
  16. Het land van de erfelijk drossaards (Truchsessen) van Waldburg-Scheer-Scheer en Waldburg-Trauchburg
  17. De heerlijkheden Mindelheim en Schwabegg (sinds 1671 in bezit van Beieren)
  18. De heerlijkheid Gundelfingen (in bezit van Fürstenberg)
  19. Het graafschap Eberstein (sinds 1660 in bezit van Baden)
  20. Het land van de graven Fugger (sinds 1563)
  21. De heerlijkheid Glött (Fugger)
  22. De heerlijkheid Mickhausen (Fugger)
  23. De heerlijkheid Wellenburg en de plege Rettenbach (Fugger)
  24. Het graafschap Hohenems (sinds 1759 in bezit van Oostenrijk)
  25. De heerlijkheid Justingen (sinds 1751 in bezit van Württemberg)
  26. Het graafschap Bonndorf (sinds 1582 in bezit van abdij Sankt Blasien)
  27. De heerlijkheid Eglofs (sinds 1662)
  28. De heerlijkheid Thannhausen (sinds 1677; sinds 1708 in bezit van Stadion)
  29. Het graafschap Hohengeroldseck (sinds 1711 in bezit van Van der Leyen)
  30. De heerlijkheid Eglingen (sinds 1555; sinds 1726 in bezit van Thurn und Taxis)
  31. Het graafschap Sickingen (sinds 1792)

StedenbankBewerken

LiteratuurBewerken

  • G. Köbler, Historisches Lexicon der deutschen Länder (1989)
  • M. Spindler, Bayerischer Geschichtsatlas (1969)