Penninische Dekbladen

(Doorverwezen vanaf Penninische nappes)
Dit is een artikel over de geologie van de Alpen. Voor het hoofdartikel zie geologie van de Alpen.

De Penninische nappes of het Penninicum zijn een van de drie groepen nappes (nappe-opeenvolgingen) in de Alpen. De Penninische nappes hebben van de drie groepen de hoogste metamorfe graad gekend en vormen de centrale zone van het gebergte; ze bestaan uit hoog metamorfe gesteenten van verschillende paleogeografische oorsprong. In het westen van de Alpen (Frankrijk en Zwitserland) zijn deze nappes veel duidelijker aanwezig dan in het oosten (Oostenrijk), waar ze dagzomen als een smalle band.

Geologie van de Alpen
Weisshorn
Weisshorn
Tektonische indeling
Molassebekken
Helvetische Zone
Penninische Dekbladen
Austroalpiene Dekbladen
Zuidelijke Alpen
Geologische structuren
Aarmassief · Dent Blanche-nappe · Engadin-venster · Hohe Tauern-venster · Periadriatische lijn · Ivrea-zone · Lepontin dome · Rhône-Simplonlijn · Sesia-zone
Paleogeografische gebieden
Valais-oceaan
Briançonnais microcontinent
Piëmont-Liguriëbekken
Apulische of Adriatische plaat
Portaal  Portaalicoon  Geologie

Het Penninicum vormt de middelste nappe opeenvolging van de drie, de gesteentes hieruit worden meestal verondersteld noch van de Europese continentale marge noch van de Adriatische plaat afkomstig te zijn, maar van de paleogeografische gebieden die ertussen lagen. Het Penninicum bevat karakteristiek veel ofiolieten en diep mariene fyllieten en heeft een hoge metamorfe graad.

Indeling in de Westelijke Alpen

bewerken

Indeling in de Oostelijke Alpen

bewerken

De eerste twee groepen hieronder worden of gekorreleerd met de Briançonnais gneisen uit de Westelijke Alpen (zoals hier), of tot de Helvetische nappes gerekend. In het Hohe Tauern Window komen alle onderstaande eenheden voor:

  • Oude Precambrische en Cambrische gneisen van continentaal basement.
  • Jongere Hercynische (laat-Carbonische) graniet intrusies die door de Hercynische en Alpiene gebergtevormingen tot gneiss gemetamorfoseerd zijn.
  • vroeg Paleozoïsche ofiolieten, die geïntrudeerd zijn door Hercynische graniet voorkomens.
  • Triassische en Jurassische afzettingsgesteentes, die nu tot kalkhoudende fyllieten zijn gemetamorfoseerd. In de Oostelijke Alpen volgen daarop nog afzettingen uit het Krijt en zelfs vroeg Tertiair, voornamelijk flysch. Deze zijn vergelijkbaar met de Valais gesteentes uit de Westelijke Alpen. Ze zijn afgezet in een oceanische trog die ontstond toen de oceanische korst van de Alpiene Tethys Oceaan (de Valais en Piëmont-Liguria oceanen samen) onder de Adriatische plaat begon te subduceren. Deze gesteentes worden de Bündner leistenen genoemd.

Er komen in het Hohe Tauern venster geen gesteentes meer voor die aan het Briançonnais terrein worden toegeschreven. De conclusie is dat dit terrein in het oosten ophield en daarom niet meer voorkomt. Er is onenigheid over welke gesteentes in het Tauern venster met de Piëmont-Liguria en Valais Oceanen in het westen kunnen worden gecorreleerd.