Maison des esclaves

bouwwerk in Senegal
Vraagteken
Er wordt getwijfeld aan de juistheid van een of meer onderdelen van dit artikel.
Raadpleeg de bijbehorende overlegpagina voor meer informatie en pas na controle desgewenst het artikel aan.
Opgegeven reden: Verschillende bronnen geven aan dat er twijfel is over de rol die geportretteerd wordt over de woning. Dat zou in het artikel tot uiting moeten komen.
Dit sjabloon is geplaatst op 17 april 2015.
Vraagteken

Het Maison des Esclaves op het Senegalese Gorée is het meest bekende slavenhuis van het eiland.

Maison des esclaves in 1839

Het werd gerestaureerd in 1990 en is een toeristische trekpleister; het staat symbool voor de trans-Atlantische slavenhandel, maar is omstreden.[1] Over dit huis worden verwarrende berichten in de wereld gestuurd. Het zou bijvoorbeeld een Hollands huis zijn, terwijl toen het eiland onder Hollands bewind stond, er maar slechts een drietal huizen en twee forten verrezen, allemaal niet op de plaats van het Maison des Eslaves. Miljoenen Afrikanen zouden in het huis hebben verbleven en langs de Door of No Return in schepen zijn geladen. De Franse krant Le Monde schreef in december 1996 dienaangaande reeds over een mythe.[2] Hierop protesteerde enkele dagen later de Senegalese pers hevig.[3]

Dit huis met zijn hoefijzervormige trap werd in opdracht van Nicolas Pépin in 1784 in de rue Saint-Germain gebouwd, aan het einde van de legale trans-Atlantische slavenhandel. In 1789 namelijk werd in Frankrijk en zijn overzeese gebieden de slavenhandel afgeschaft om weer te worden ingevoerd in 1802 en in 1818 definitief te verdwijnen. Op de benedenverdieping verbleven inderdaad de slaven, met mogelijk enkele bestemd voor export via het strand van het eiland. De ruimten beneden dienden hoofdzakelijk als opslagplaats. Het huis verrijst langs het water waarop de beruchte Door of No Return uitkomt. Het is zéér onwaarschijnlijk dat langs deze deur slaven op schepen werden geladen gezien rotspartijen er het aanmeren verhinderen.[4]

Over Gorée werd nog maar weinig historisch onderzoek gevoerd.[5] Niemand stelt echter de vroegere slavernij op het eiland ter discussie; ze duurde zelfs tot 1848.[6] Onder gedegen historici heerst er wel nagenoeg consensus dat zowel vanuit Gorée als het Maison des Esclaves weinig slaven naar de Nieuwe Wereld werden gestuurd.[7] Vanuit dit Maison des Esclaves vertrokken hooguit een paar dozijn exportslaven. Niettemin heeft het een symboolwaarde verworven, ook bij staatsbezoeken.

Zo bracht In 1992 paus Johannes Paulus II er een bezoek. In de Door of no return gaf hij een speech waarin hij om vergeving vroeg omdat vele katholieke missionarissen een rol in de slavenhandel hadden gespeeld. Ook Nelson Mandela bezocht het huis. Hij stond erop om in een van de er aangeduide strafcellen te gaan en kwam met betraande ogen weer buiten. In 1998 werd het eiland bezocht door Bill Clinton, later ook door George Bush.

ReferentiesBewerken

  1. (nl) De Wilde, Chris (mei 1998). De schreeuwende leugen van het 'Maison des Esclaves', tot business verworden geschiedenis van de slavenhandel. Kultuurleven 65 jaargang nr. 3
  2. Le Monde, "Le Mythe de la Maison des Esclaves qui résiste à la réalité", 27 décembre 1996.
  3. Sud Quotidien, "Historiens et Conservateurs Sénégalais reagissent. Joseph Ndiaye scandalisé", mecredi 15 janvier 1997.
  4. (en) IFAN Cheikh Anta Diop, Goree. The island and the historical museum. Ifan (1993), p. 15.
  5. (fr) Camara Abdoulaye; de Benoist Joseph Roger, Histoire de Gorée. Paris Maisonneuve Larose (2003).
  6. (fr) M'Baye Guèye (1965). La Fin de l'Esclavage à Saint-Louis et à Gorée en 1848. Bulletin de l'IFAN 13 : 637-655.
  7. (fr) de Benoist, Joseph Roger, "Note sur la traîte négrière à Gorée à la fin du 18e siècle. Mythes et réalités", avril 1989.
  Zie de categorie Maison des Esclaves van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.