Hoofdmenu openen

De Formatie van Lede of Lede Formatie (sic; afkorting: Ld; genoemd naar Lede in Oost-Vlaanderen) is een geologische formatie in de ondergrond van België. De formatie bestaat uit ondiep-mariene kalk en glauconiethoudend fijn zand, afgezet in de zee die het noorden en midden van België bedekte tijdens het Eoceen (Lutetien).[1]

De naam "Sables de Lede" komt voor het eerst voor in een publicatie van M.F. Mourlon (1873). De naam "Lédien" werd later eveneens ingevoerd door Mourlon (1887). In het Nederlands kreeg het de (oude) benaming: Lediaan, of "Zand van Lede" en als symbool op oude kaarten "Le".[1]

Zijn typische vorm is wit, fijn zand. De formatie dagzoomt in Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, Antwerpen en in delen van Henegouwen, Waals-Brabant en West-Vlaanderen. De formatie bestaat uit een lateraal goed vervolgbare laag kalk- en glauconiethoudende zanden, zandige kalksteen en kalkige zandsteen, met een dikte van 10 tot 15 meter. De formatie wordt gekenmerkt door het veelvuldig voorkomen van de fossiele nummuliet Nummulites variolarius, Ditrupa en vele nautilussen. Ze wordt niet onderverdeeld in leden. In Balegem is er een basisgrindlaag die rijk is aan herwerkte fossiele haaientanden.

De Formatie van Lede de heeft een ouderdom uit het Midden-Lutetiaan (ongeveer 44 miljoen jaar oud) en behoort tot de Zenne Groep. Boven op de formatie liggen meestal jongere afzettingen uit de Formatie van Maldegem (mariene zanden en kleien uit het Bartoniaan). Onder de formatie liggen meestal de formaties van Brussel of Aalter, die eveneens behoren tot de Zenne Groep.