Hoofdmenu openen

De KP-Aalten was een Nederlandse verzetsorganisatie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Knokploegen werden opgericht om distributiekantoren, gewestelijke arbeidsbureaus en bevolkingsregisters te "kraken" (overvallen) om aan distributiebonnen, persoonsbewijzen en dergelijke te komen.

Inhoud

OntstaanBewerken

De Knokploeg, die ontstond in de zomer van 1943, sloot zich aan bij LO en LKP. Organisaties, aan wier wieg Helena Kuipers-Rietberg uit de buurgemeente Winterswijk stond. Blijkens naoorlogse cijfers is het aantal onderduikers in de gemeente Aalten enorm geweest: circa 2500 op een inwonertal van 13.000[1].

Leider van de KP-Aalten wordt Kees Ruizendaal, die zich als marechaussee te Aalten wegens zijn steun aan de illegaliteit spoedig genoodzaakt ziet ook zelf onder te duiken. Leden van de knokploeg zijn verder Jan Ket (Zwarte Jan), Gerrit Kleisen (Gijs) en Feitze de Vries (Gerrit). Sleutel- en vertrouwensfiguur op de achtergrond is ‘Ome Jan Wikkerink.

ActiesBewerken

De knokploeg onderneemt geslaagde overvallen op de distributiekantoren van Borculo en het Betuwse Zetten-Andelst. In Neede mislukt de overval.

ArrestatiesBewerken

Om wapens voor de groep te bemachtigen is commandant Ruizendaal in contact gekomen met ene Willy van Erp, een ‘geheim agent van de Nederlandse regering’. Deze wacht op 20 april 1944 vier groepsleden op in Beltrum. Hij beschikt over een vrachtauto met chauffeur. Gezamenlijk zullen ze in Noord-Brabant de wapens ophalen. Het gezelschap vertrekt richting Arnhem. Wekt het accent van de onbekende chauffeur al argwaan bij de KP-ers, de sporen van geronnen bloed in de wagen versterken dat nog. Zeer tegen de zin van Van Erp besluiten de KP-ers de rit in Doesburg voor onderling beraad te onderbreken. Met het voorstel vast door te rijden en hen bij een café in Rheden weer op te pikken, stemt deze niettemin in. De groepsleden verdelen zich in twee koppels van twee. Afgesproken wordt elkaar na een uur weer te treffen op het vertrouwde adres van de familie Gastelaars in Doesburg, ‘mits de kust veilig is’.

Even later wordt pijnlijk duidelijk dat men in een val is gelopen die de SS op aangeven van collaborateur Willy Markus, alias ‘Willy van Erp’, heeft opgezet. Ket en De Vries, die hun weg op geleende fietsen voortzetten, worden bij de ‘Ellecomse draai’ door Duitse militairen aangehouden, ontwapend en afgevoerd. Ruizendaal en Kleisen proberen in Doesburg -bij het uitblijven van contact met hun kameraden- ten huize van de familie Gastelaars tevergeefs fietsen te bemachtigen om weg te komen. Ze bemerken dat het huis door Duitsers is omsingeld. Kleisen duikt een kast in en Ruizendaal vlucht -via de bovenverdieping en het dak- naar de binnenplaats. Met hulp van de familie Berendonk , verstopt hij zich in een konijnenhok. Er worden zakken voor gehangen en door een kleine kier heeft hij nog enig zicht. Als een SS'er even later terloops een zak oplicht opent Ruizendaal het vuur, waarna een regen mitrailleurkogels hem in zijn benarde positie doorzeeft.

Philip Gastelaars wordt gearresteerd en nog dezelfde avond gefusilleerd in het kamp van de Nederlandsche SS 'Avegoor' in Ellecom. Kleisen wordt ook ontdekt en gearresteerd en naar Kamp Vught overgebracht. Hij zal op 6 juni 1944 worden gefusilleerd in de duinen bij Overveen. In de nasleep van deze mislukte poging om aan wapens te komen wordt het verzet ook elders in de Achterhoek een zware slag toegebracht. De Sicherheitsdienst voert arrestaties uit in Borculo, Eibergen, Lichtenvoorde, Neede en Varsseveld.

HergroeperingBewerken

Op transport naar Kamp Vught lukt het zowel Ket als De Vries de volgende ochtend in de binnenstad van 's-Hertogenbosch vanonder het dekzeil van de legerauto te springen en te ontkomen. Korte tijd later verenigen ze zich weer met hun kameraden van de KP-Aalten. De opengevallen leidinggevende plaatsen van Ruizendaal en Kleisen, worden ingevuld door de 'verse' onderduikers, te weten de marechaussees Gijs van Haaften en - Gerrit Kleisens jongere broer - Dick Kleisen, die enkele dagen eerder waren ontsnapt uit het buitencommando Arnhem van Kamp Vught.

BevrijdingBewerken

De KP-Aalten zet zich het laatste oorlogsjaar in het bijzonder in bij wapendroppings en het in de Achterhoek in veiligheid brengen van neergehaalde geallieerde piloten. Na de bevrijding door de Canadezen eind maart 1945 en de opname in de Binnenlandse Strijdkrachten melden veel voormalige ondergrondse strijders zich als vrijwilliger aan voor het op 15 april te Aalten geformeerde Dutch National Battalion. Ze zullen de geallieerde troepen ondersteunen bij de bevrijding van de Veluwe en omstreken.