Explosieven Opruimingsdienst Defensie

De Explosieven Opruimingsdienst Defensie (sic) (EOD), tot 2012 Explosieven Opruimingscommando Koninklijke Landmacht (sic) en Duik- en Demonteergroep van de Koninklijke Marine geheten, is de dienst van de Nederlandse krijgsmacht die tot taak heeft onontplofte vuurwerk, bommen, mijnen en andere explosieven en munitie, zowel te land als te water, onschadelijk te maken.

Explosieven Opruimingsdienst Defensie
Oprichting sinds 2012 onderdeel van Defensie
Land Vlag van Nederland Nederland
Krijgsmacht-
onderdeel
Koninklijke Landmacht
Onderdeel van OOCL
Specialisatie onschadelijk maken van onontplofte explosieven
De Wheelbarrow, een op afstand bestuurbaar wagentje om explosieven op te ruimen

AchtergrondBewerken

De EOD maakt deel uit van het Operationeel Ondersteuningscommando Land. De EOD is sinds 2012 onderdeel van Defensie en EOD'ers kunnen sindsdien ook worden ingezet als gewone militairen.

De EOD wordt standaard door de politie ingeschakeld als verdachte pakketjes, die mogelijk een explosief bevatten, zijn aangetroffen.

De Explosieven Opruimingsdienst Defensie is de enige organisatie die in Nederland geïmproviseerde explosieven, die ook wel met het Engelse acroniem IED (improvised explosive device) worden aangeduid, mag opruimen. Dit betreft in elkaar gezette explosieven door veelal terroristische groeperingen. Nederland kreeg hier in de jaren zeventig voor het eerst mee te maken, maar sinds 2007 zorgen deze geïmproviseerde explosieven in Nederland vaker voor een dreiging dan oude bommen uit de Tweede Wereldoorlog. Voor de explosievenopruimingsdienst zijn geïmproviseerde explosieven het lastigst op te ruimen. Het is immers vooraf onbekend hoe ze in elkaar zitten.

De EOD maakt gebruik van diverse typen explosievenrobot, in volgorde van klein naar groot de Dragon runner, de Telemax en de tEODor.

V1Bewerken

In 2020 werd een bij Wilp aangetroffen V1 onschadelijk gemaakt. Er werd niet gekozen hem ter plaatse tot ontploffing te brengen, omdat de nabijgelegen snelweg daarbij zou kunnen beschadigen. Ook werd er niet voor gekozen hem met ontstekers en al te vervoeren, wegens het risico dat hij daarbij zou exploderen. Twee ontstekers werden ter plekke verwijderd. Dit kon niet met een robot en moest daardoor door twee specialisten zelf gedaan worden. Er is een watersnijder gebruikt omdat ze niet losgeschroefd konden worden. Een derde ontsteker kon blijven zitten. Dit was een elektrische ontsteker die werkte op een batterij, die door het lange tijdsverloop leeg was. De V1 werd vervolgens in stukken gesneden, die elders tot ontploffing werden gebracht.[1][2][3]

Zie ookBewerken

Externe linksBewerken