Cornelis den Tex (1739-1826)

Belgisch politicus (?-1826)

Cornelis den Tex (Buren, 9/17 juni 1739 - Beeckestijn bij Velsen, 29 augustus 1826)[1] was een Nederlands schepen van Tilburg.

FamilieBewerken

De voorouders van Den Tex woonden in het Gelderse Culemborg, waar ook zijn vader Cornelis Aertsz. den Tex werd geboren. Zijn vader vestigde zich als gortmolenaar in Buren, de plaats waar Den Tex werd geboren.

Den Tex was zoon van Cornelis Aertsz. den Tex en diens tweede vrouw Jacoba Margaretha van Erichem (1708-1805). Hij was de vader van prof. dr. mr. Cornelis Anne den Tex (1795-1854) en grootvader van jhr. mr. Cornelis Jacob Arnold den Tex (1824-1882), burgemeester van Amsterdam, stamvader van de adellijke tak Den Tex.[2]

Den Tex trouwde op 23 juli 1786 te Tricht met Anna Albertine van Nieuwenhoven uit Dirksland. Zij overleed in 1789. Hij hertrouwde op 27 oktober 1793 in Tilburg met Jacoba AmoldaTusselman uit Loon op Zand.[3]

LoopbaanBewerken

Den Tex was tot 1787 in het Gelderse Tricht in het voormalige graafschap Buren woonachtig. In 1787 verhuisde hij vanwege politieke redenen naar het Brabantse Tilburg. Hij werd in deze plaats pachter van de gemene middelen.[4] In 1793 werd hij benoemd tot schepen in zijn woonplaats Tilburg. In 1795 werd hij gekozen tot provisioneel representant van het volk van Brabant en lid van het comité van algemeen welzijn. Hij vervulde van dit comité wisselende voorzitter van hoofd en van secretaris samen met zijn vriend Pieter Vreede. In 1797 werd hij na enige strubbelingen toch benoemd tot lid van de Provinciale Vergadering van Brabant en maakte enige tijd uit van het departementaal bestuur van Bataafs-Brabant, waarvoor hij naar 's-Hertogenbosch moest verhuizen. Omdat zijn gematigde standpunten hem voor deze functie minder geschikt maakten duurde deze periode maar kort en kon hij weer terugkeren naar zijn oude domicilie Tilburg.

Hij overleed in 1826 op 87-jarige leeftijd op het buitenverblijf van zijn zoon en schoondochter "Beeckestijn" bij de Noord-Hollandse plaats Velsen.