Hoofdmenu openen

Het Beleg van Nijmegen vond plaats tussen 2 juli tot 9 juli 1672 tijdens de Hollandse Oorlog door het Franse leger van Lodewijk XIV.

Beleg van Nijmegen
Onderdeel van de Hollandse Oorlog
Plattegrond Nijmegen (1650-1660)
Plattegrond Nijmegen (1650-1660)
Datum 2 t/m 9 juli 1672
Locatie Nijmegen
Territoriale
veranderingen
Nijmegen wordt tot 1678 een Franse stad.
Strijdende partijen
Pavillon royal de France.svg Frankrijk Prinsenvlag.svg Nederlandse Republiek
Leiders en commandanten
* Lodewijk XIV
* Maarschalk, Henri de la tour de Turenne
* Johan van Welderen
* Diederik van Welderen
* Johan van Gendt †
* Coenraedt Singendonck
Troepensterkte
ca.18.000 * 2500-2600 garnizoens soldaten
* 2500 burgerschutterij
Verliezen
* ca.1000 doden
* 1100 gewonden
onbekend
Gevechten in de Hollandse Oorlog
Groenlo · Solebay · Schooneveld (1) · Tolhuis · Nijmegen · Doesburg · Bredevoort · Coevorden · Schooneveld (2) · Groningen · Kruipin · Charleroi · Maastricht (1) · Kijkduin · Trier · Naarden · Bonn · Sinsheim · Seneffe · Entzheim · Mulhouse · Truckheim · Fehrbellin · Sasbach · Konzer Brücke · Stromboli · Agosta · Bornholm · Öland · Palermo · Maastricht (2) · Halmstad · Lund · Valencijn · Tobago (1) · Kamerijk · Kassel · Møn · Køge Baai · Malmö · Landskrona · Tobago (2) · Kochersberg · Offenburg · Ieper · Rheinfelden · Gengenbach · Saint-Dennis

VerloopBewerken

Schenkenschans & KnodsenburgBewerken

De Fransen drongen de republiek binnen via Lobith, onderweg naar Nijmegen stuitte ze op het verdedigingspunt "Schenkenschanz", dat zich zonder enige tegen strijd overgaf. De hoofdofficier van de schans was de nog jonge zoon van de burgemeester van Nijmegen, genaamd Hendrik van Hove of Haef die met zijn compagnie van 120 man mocht uitwijken naar Coevorden[1].

Het Franse leger arriveerde vervolgens bij fort "Knodsenburg" nabij Lent op 15 juni 1672. De soldaten in het fort verweerde zich in tegenstelling tot hun voorgangers op Schenkenschans wel met militair geweld. Er waren er 330 soldaten gestationeerd met 8 kanonnen op de buitenposten. In de avond van 16 juni 1672 gaven ze zich echter over, wel met circa 1000 doden onder de Fransen.

Beleg van de stadBewerken

Nadat het fort Knodsenburg was veroverd, begonnen de Fransen vanuit het fort de stad te beschieten. Al werden diversen gebouwen geraakt, zoals het Sint Jan's gebouw en Broederkerk[2], raakte de bevolking er niet van onder de indruk. Daarna dreigde de Franse maarschalk "Turenne" de stad met boten te overvallen, ook deze aanvallen waren niet doeltreffend. Turenne besloot een brug met bootjes te bouwen nabij het dorp Gendt om over de rivier de Waal te komen en zo Nijmegen vanaf de linkerflank te benaderen.

De situatie van Nijmegen binnen de stad was redelijk georganiseerd, de enige minpunten waren dat de grachten rond de stad nagenoeg droog stonden en het bolwerk "Nassau" het slechts verdedigbaar was. Echter waren de kruitkamers goed gevuld, waren er palissades op de omwalling geïnstalleerd als afweer blokkade. De stad had circa 50 a 60 stuks aan artillerie geschut en een garnizoen van 2500 a 2600 soldaten. De stad kon ook nog beschikken over een burgerschutterij van 2500 manschappen ter verdediging van de vestiging.

Op 2 juli 1672 marcheerde het Franse leger uit circa 18.000 soldaten over de zelf gebouwde botenbrug over de Waal rustig naar de stad. De stad werd volledig omsingeld en werd er een poging gedaan om het bolwerk Nassau te nemen met een militair batterij. In de nacht van 4 juli probeerde de Fransen het pesthuisbolwerk binnen te dringen, de aanval werd afgeslagen door de Nijmegenaren met verlies van kolonel Johan van Gendt. Vanaf 7 juli maakte de Fransen een gat in de opgedroogde gracht om zo explosieve in vaten onder de stad te leggen. In de dagen erna ontstond er onrust binnen de bevolking en de stad gaf zich over op 9 juli 1672[3]. De Fransen zouden circa 1000 soldaten hebben verloren aan het beleg.

NasleepBewerken

De overgave van de stad werd getekend tussen Turenne en stadsgouverneur Johan van Welderen in vermoedelijk de Broederskerk, waar ook het Nijmeegs garnizoen werd ontwapend, later zou Turenne in zijn "memoirs" van Welderen nog geprezen hebben vanwege de goed opgezette verdediging van de stad. Turenne trok na de inname richting de stad Grave, waarna hij het fort de Crève-Coeur nabij Den Bosch belegerde[4].