Verdrag van Verdun

843 verdrag dat het Frankische rijk verdeelt tussen de kleinzonen van Karel de Grote

Het Verdrag van Verdun (Verdun, augustus 843) regelde de verdeling van het Karolingische Rijk na de dood van Lodewijk (778-840) onder zijn drie zonen die nog leefden, Lotharius (de oudste, 795-855), Lodewijk (de derde 804-876) en Karel (als nakomer de jongste 823-877). Het verdrag beëindigde weliswaar een drie jaar lange Karolingische Burgeroorlog, maar het Verdrag van Verdun en latere delingen van het Frankische Rijk lagen aan de basis van de eeuwenlange rivaliteit in Europa tussen Frankrijk en Duitsland.

AanleidingBewerken

 
Verdeling van het Frankische Rijk bij het Verdrag van Verdun (843):
 Lotharius I, Midden-Francië of Middenrijk
 afhankelijke gebieden

Toen Karel de Grote na de dood van zijn broer Karloman in 771 het Frankische Rijk herenigde, ontstond in West-Europa een supranationaal rijk. Bij de dood van Karel ging het koningschap over op zijn zoon Lodewijk. Deze kreeg in totaal vier zonen: Lotharius, Pepijn, Lodewijk en als nakomer Karel. Om zijn erfopvolging te regelen vaardigde Lodewijk de Ordinatio Imperii uit. Die was erop gericht de eenheid in het rijk te bewaren, omdat volgens Frankische gewoontes het rijk anders onder de erfgenamen zou worden verdeeld. Karel werd als nakomer pas geboren na de uitvaardiging hiervan en zijn vader wenste een aanpassing te doen aan zijn eerdere regeling om ook Karel een stuk van de erfenis te geven, maar dat leverde alleen maar conflicten op. Hun tijd wordt de Karolingische renaissance genoemd. Er werd onder Karel de Grote, Lodewijk en in mindere mate Karel de Kale een grote vooruitgang in het niveau van de christelijke scholen geboekt.

Na de dood van Pepijn (803-838) lagen de kaarten helemaal anders en toen Lodewijk in 840 stierf, trachtte Lotharius het hele rijk in zijn bezit te krijgen. Dit stuitte op het verenigde verzet van zijn twee broers. Bij de Slag bij Fontenoy (841) werd Lotharius verslagen door zijn broer Lodewijk en halfbroer Karel. Hun alliantie werd definitief door de Eed van Straatsburg in 842.

Lotharius zag zich verplicht tot onderhandelen. Wegens zijn militaire nederlaag, kreeg hij naar het Salische gewoonterecht alleen het rechtmatige part uit het vaderlijke gebied. Als eerstgeborene gunden zijn broers hem echter wel wegens het bezit van Rome de keizerskroon.

Territoriale verdelingBewerken

Het Frankische Rijk werd als gevolg van het Verdrag van Verdun in drie delen verdeeld:

De rijksgrens liep gedeeltelijk langs grote rivieren. Daarbij behoorde in veel gevallen een strook gebied aan de overkant van de rivier bij het rijk dat de rivier in bezit had. Zo vormden delen van de Schelde, de Maas, de Saône en de Rhône de grens tussen Lotharingen en het Franse koninkrijk. De Rijn vormde de grens tussen Lotharingen en het Duitse rijk.

NadienBewerken

Het Middenrijk of Midden-Francië werd na de dood van Lotharius in 855 verdeeld tussen zijn zonen: Lodewijk, Lotharius en Karel.

Deze driedeling en het zwakke Middenrijk is oorzaak van de eeuwenlange twist tussen het Franse en Duitse rijk. De oorlogen tussen beide landen zijn steeds hierop terug te voeren.

ConclusieBewerken

Het Verdrag van Verdun leidde tot de verdeling van West-Europa in vijf grote delen, waarvan het Middenrijk weldra werd opgeslokt door het Duitse Keizerrijk. Uit het Middenrijk ontstonden later Nederland, België, Luxemburg, Elzas-Lotharingen, Zwitserland en Noord-Italië.

Veeleer dan de Frankische rijksverdeling van de Merovingers bij de dood van Clovis (511) in Neustrië en Austrasië, heeft het Verdrag van Verdun de fundamenten gelegd voor het moderne Europa.