Het urntje of perigynium is een ongeveer flesvormig laagteblad of catafyl, een soort schutblaadje dat gewoonlijk alleen een vrouwelijke bloem bevat. Een urntje staat in de oksel van een kafje. De vrouwelijke bloem bestaat uit alleen een stamper en vormt na de bevruchting een vruchtje. Het urntje omsluit grotendeels bij rijpheid de vrucht. Een urntje komt voor bij soorten van het geslacht zegge (Carex).

Variatie in bouwBewerken

Aan de top van het urntje (perigynium) is een opening, waardoorheen de stijl en de stempels naar buiten steken. Binnen het urntje is een veelal volledig gereduceerde asje, de rachilla aanwezig.

Bij een aantal zeggesoorten is de rachilla echter niet gereduceerd.[1] De rachilla steekt dan gewoonlijk uit het urntje naar buiten. Soms heeft de rachilla aan het uiteinde een haak die in de vacht van een dier kan blijven haken, waardoor het urntje makkelijk verspreid kan worden.

Bij enkele Carex-soorten kan de rachilla aan zijn top nog een kleine bloeiwijze dragen. Deze bloeiwijzen bestaan uit een (mannelijke) meeldraadbloemen in de oksel van kafjes, of zelfs nog uit enkele urntjes met stamperbloemen.

Het urntje is homoloog met een cladoprofyllum, dus vergelijkbaar met catafyl of laagteblad. Het cladoprofyllum omgeeft de basis van een zijtakje in een vertakte bloeiwijze; het urntje omgeeft de basis van een meestal sterk tot volledig gereduceerde rachilla.