Surinaamse parlementsverkiezingen 1934: verschil tussen versies

geen bewerkingssamenvatting
|}
Bij deze verkiezingen mochten alleen mannen die aan bepaalde voorwaarden voldeden ([[Censuskiesrecht|census]] en capaciteit) stemmen. Bij de eerste ronde in februari waren er 418 geldig uitgebrachte stembiljetten waarbij een kiezer voor meer dan een kandidaat kon stemmen. Er waren 5 zetels te verdelen en om in de eerste ronde gekozen te kunnen worden had een kandidaat de stem nodig van meer dan de helft van de geldig uitgebrachte stembiljetten (minstens 210 stemmen). Vier kandidaten voldeden aan die voorwaarde. In mei was de 'herstemming' met twee kandidaten (Kampens en Wolff) waarbij Kampens met een nipte voorsprong gekozen werd.
 
Na deze verkiezingen had de [[Staten van Suriname|Koloniale Staten]] de volgende dertien leden:
 
{| class="wikitable sortable"
! Kandidaat
! Gepland jaar<br> van aftreding
! Bijzonderheden
|-
| data-sort-value="E"|[[Johannes Cornelis Brons|J.C. Brons]] || 1936 || voorzitter
|-
| data-sort-value="S"|[[Philip Samson|Ph.A. Samson]] || 1938 || vicevoorzitter
|-
| data-sort-value="B"|[[Clemens Ramkisoen Biswamitre|C.R. Biswamitre]] || 1936 ||
|-
| data-sort-value="N"|dr. [[Cornelis William Naar|C.W. Naar]] || 1936 ||
|-
| data-sort-value="M"|[[Pieter Alexander May|P.A. May]] || 1936 ||
|-
| data-sort-value="M2"|mr. [[Julius Caesar de Miranda|J.C. de Miranda]] || 1938 ||
|-
| data-sort-value="P"|dr. [[Julius del Prado|J.W. del Prado]] || 1938 ||
|-
| data-sort-value="Si"|[[David Jacques Bert Simons|D.J.B. Simons]] || 1938 ||
|-
| data-sort-value="Kr"|[[William Kraan|W. Kraan]] || 1940 ||
|-
| data-sort-value="M1"|[[Henry George Willem de Miranda|H.G.W. de Miranda]] || 1940 ||
|-
| data-sort-value="Pu"|[[Albert Gustaaf Putscher|A.G. Putscher]] || 1940 ||
|-
| data-sort-value="Z"|[[Gerson Philip Zaal|G.Ph. Zaal]] || 1940 ||
|-
| data-sort-value="K"|[[Albert Frederik Willem Kampens|A.F.W. Kampens]] || 1940 ||
|}
 
In januari 1935 kondigde [[Johannes Cornelis Brons|J.C. Brons]] zijn vertrek aan als Statenlid waarna Van Erpecum in februari 1935 bij enkele kandidaatstelling gekozen werd en hem ook opvolgde als voorzitter.