Pieter 't Hoen: verschil tussen versies

15 bytes verwijderd ,  3 jaar geleden
de staatsgreep werd gepleegd op 18 september 1801; 'eerder dan hij (stierf)'
k (→‎Loopbaan: tikfout)
(de staatsgreep werd gepleegd op 18 september 1801; 'eerder dan hij (stierf)')
Label: bewerking met nieuwe wikitekstmodus
Tussen 1778 en 1780 schreef hij een aantal moraliserende en politieke essays onder het pseudoniem ''J. A. Schasz, M. D.''<ref group="Noot">Volgens Theeuwen werd dit pseudoniem later toegeëigend door de patriotse journalist [//en.wikipedia.org/wiki/Gerrit_Paape Gerrit Paape]. Echter, Ros beweert dat dit pseudoniem altijd al van Paape was en dat de vroege stukken met dit pseudoniem ook door Paape geschreven waren. Cf. Ros, p. 2</ref> Hij schreef ook vier politieke komedies, geïnspireerd door de Amerikaanse Revolutie en de [[Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog|Amerikaanse Revolutionaire Oorlog]], met een anti-Britse tenor, onder dit pseudoniem. Deze stukken waren populair onder de pro-Amerikaanse burgerij van de [[Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden|Nederlandse Republiek]] op dit moment. De gevoelens werden niet gedeeld door het regime van [[stadhouder]] [[Willem V van Oranje-Nassau|Willem V, Prins van Oranje,]] die verwant was aan de Britse koning [[George III van het Verenigd Koninkrijk]]<ref group="Noot">Hij was een kleinzoon van koning [[George II van Groot-Brittannië]], net als George III zelf, door zijn moeder [[Anna van Hannover]].</ref> en daarom de voorkeur aan een pro-Brits en anti-Amerikaans/Frans beleid gaf. Ondanks dit officiële beleid van de Republiek was Groot-Brittannië zo ontevreden met een aantal aspecten van het Nederlandse pro-Amerikaanse beleid dat het [[Vierde Engels-Nederlandse Oorlog|de oorlog aan de Republiek]] verklaarde in December 1780. Deze oorlog liep niet goed voor de Nederlanders, en de bevolking gaf de schuld aan de stadhouder. 't Hoen deelde deze mening en begon op 20 januari 1781 met een publicatie, getiteld [[De Post van den Neder-Rhijn]], die in de volgende zes jaar een doorn in de zijde van het regime van de stadhouder zou zijn.<ref group="Noot">Een van de scoops van ''De Post'' was de publicatie van de geheime ''[[Akte van Consulentschap]]'' in 1784.</ref>
 
''De Post'' werd gepubliceerd door de drukkersfirma ''G. T. van Paddenburg En Zoon'' in Utrecht (die zijn eigen naam gebruikte). De meeste van de medewerkers van het tijdschrift (dat wekelijks gepubliceerd werd in een formaat van 8 [[Octavo (papierformaat)|octavo's]] en 1 1/2 [[stuiver]] kostte) gebruikten echter pseudoniemen, vanwege het risico van vervolging wegens "opruiing". Het weekblad genoot al snel een grote oplage (2400 exemplaren per nummer) in heel Nederland, waarschijnlijk vanwege de gematigde en met redenen omkleedde presentatie van radicale standpunten.<ref group="Noot">Het was niet zo'n schandaalblad als sommige andere bladen, zoals de ''Politieke Kruyer'' uit Amsterdam.</ref> Het werd één van de toonaangevende Patriottentijdschriften in Utrecht, met een grote politieke invloed.
 
In november 1782 werd 't Hoen lid van de [[Patriotten]]club ''Getrouw voor het Vaderland'', een toonaangevende Utrechtse politieke vereniging, daarnaast van ''Pro Patria et Libertate'' waarvan de andere Utrechtse patriottenleider in Utrecht [[Quint Ondaatje]] lid was. Hij nam ook in november 1785 een commissie als luitenant in de Utrechtse ''[[Schutterij (historisch)|schutterij]]'' aan in het bedrijf ''Turkije''. Als zodanig raakte hij betrokken in het ''[[exercitiegenootschap]]''-beweging die belangrijk was in de patriotse politiek. ''De Post'' publiceerde een groot aantal artikelen over deze beweging in deze periode. Het werd ééneen van de belangrijkste organen van de patriotse propaganda op deze manier.
 
Zowel als journalist en politiek activist werd 't Hoen betrokken in het democratiseringsproces van de gemeente Utrecht en de provinciale overheid in 1784-1785, wat leidde tot het eerste democratisch gekozen stadsbestuur in de Nederlandse Republiek in augustus 1786. De aanhangers van de stadhouder, de [[Orangisme (Republiek)|Orangisten,]] vormden een rivaliserende Staten van Utrecht in december 1785, die onder de bescherming van een garnizoen van het [[Staatse leger]] die herhaaldelijk Utrecht bedreigde naar Amersfoort verhuisde. Op 9 mei 1787 nam 't Hoen met zijn bedrijf van de ''schutters'' deel in de [[Slag bij Jutphaas]] om een van die dreigende bewegingen af te slaan. Dit succes werd echter al snel gevolgd door de [[Pruisische inval|Pruisische invasie van Holland]], waarin Utrecht zonder een gevecht aan de Pruisen werd gegeven. 't Hoen volgde de patriotse troepen op hun terugtocht naar Amsterdam in september 1787. Na de val van Amsterdam op 10 oktober vluchtte 't Hoen zoals in veel andere patriotten eerst [[Brussels Hoofdstedelijk Gewest|naar Brussel]] en later naar het noorden van [[Koninkrijk Frankrijk|Frankrijk]] met zijn familie. In 1789 werd hij [[Verstek (procesrecht)|bij verstek]] tot 25 jaar verbanning veroordeeld.<ref>Ros, p. 1</ref>
In de zomer van 1799 kreeg 't Hoen het als secretaris van de departementale overheid druk met defensieve maatregelen in verband met een dreigende invasie door de Orangist-emigranten uit Duitsland, ter ondersteuning van het [[Brits-Russische expeditie naar Noord-Holland]]. Om die reden werd hij gedwongen zijn werk voor ''De Nieuwe Post'' te verwaarlozen en dit veroorzaakte de beëindiging van de publicatie in december 1799.
 
De staatsgreep van oktoberseptember 1801 bracht een conservatiever regime in de Bataafse Republiek aan de macht, die in het bijzonder oud-Orangisten aantrok. 't Hoen verloor zijn post als secretaris en werd gedegradeerd tot ''Commies'' (griffier), met een grote vermindering van zijn salaris in 1802. 't Hoen verloor zijn politieke invloed en werd weer een gewoon burger. Hij begon weer met het schrijven van toneelstukken, maar stopte met zijn literaire werk in 1806.
 
In 1811 (na de annexatie van Nederland door het [[Eerste Franse Keizerrijk]]) slaagde 't Hoen erin een post als griffier van het gerecht in Amersfoort te krijgen. Hij en zijn vrouw woonden in een comfortabel huis in deze stad tot hun dood (zijn vrouw overleed in 1826). Zijn laatste jaren waren moeilijk vanwege financiële problemen en omdat zes van zijn kinderen eerder dan hemhij stierven. Hijzelf overleed op 9 januari 1828 op een leeftijd van 83 jaar.
 
== Werken ==
 
* ''Het Boeren Gezelschap van de Gehekelde Hekelaars'' (spelen, 1775)
* ''Nieuwe proeve van klijne gedichten voor kinderen'' (kinderen gedichtenkindergedichten, 1778-1779)
* ''Jurjen Lankbein. Van de Mof-commis'' (farce, 1778)
* ''Het Engelsche en Amerikaansche kaart-spel'' (politieke comedy, 1778)
* ''De misrekening '' (politieke comedy, 1778)
* ''De Geplaagde Hollander'' (politieke comedy, 1778)
* ''Het Verdrag'' ( politieke comedy, 1778)
* (Als "Taco Brans"), ''Catechismus der natuur, ten gebruike van kinderen'' (children ' s bookkinderboek, 1779)
* ''Holdwich. Van de Mof, commis deur bedrog'' (farce, 1779)
* ''Ter glorierijke nagedachtenis van van Bentinck'' (essay, 1781)
* ''Het verjaaringsfeest, van de te Amiens vreede geslooten'' (spelen, 1803)
* ''Mars in de boeyen van het herstel van den vreede'' (spelen, 1803)
* ''Fabelen en kleine gedichten voor kinderen'' (kinderen gedichtenkindergedichten, 1803))
 
== Noten en referenties ==