Atrofie: verschil tussen versies

Verwijderde inhoud Toegevoegde inhoud
Geen bewerkingssamenvatting
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 5:
Een voorbeeld van (eenvoudige) atrofie is het afplatten van de [[darmvlokken]]. De darmvlokken die normaal zorgen voor een vergroot oppervlak van de dunne darm "verdwijnen" langzaam.
 
Door deze atrofie verslechtert de opname van bouwstoffen uit het [[voedsel]]. Niet opgenomen bouwstoffen verlaten met de ontlasting het lichaam weer. Als gevolg hiervan kunnen klachten ontstaan als diarree, verstopping, groeistoornissen, humeurigheid en vermoeidheid. Ook kunnen tekorten ontstaan aan onder meer [[vitamine]]s en ijzer (onderevenals andere [[mineralen]] en [[sporenelementen]]) dit is te wijten aan te weinig of geen voeding. Dit kan ook komen door slechte voeding maar dan spreekt men niet van atrofie dat is het pas bij een te lage inname van voedingsstoffen en geen vetreserve.
 
Er wordt ook van atrofie gesproken bij afname van spierweefsel door tekort aan voedingsstoffen. De spierkracht neemt dan af. Dit omdat het lichaam zonder voeding en vetreserve het eiwit gaat verbranden. Alle cellen bevatten eiwit, bijvoorbeeld spieren, organen, het zenuwstelsel, de botten en het bloed. Als je dan transpireert komt er een [[ammoniak]] geur vrij evenals uit de mondholte.