Bisdom Groningen-Leeuwarden: verschil tussen versies

57 bytes verwijderd ,  12 jaar geleden
wat tendenswoordjes verwijderd; kleine veranderingen
(volgorde)
(wat tendenswoordjes verwijderd; kleine veranderingen)
Het eerste bisdom Groningen maakte deel uit van de nieuwe bisschoppelijke indeling van de Nederlanden zoals die door [[paus]] [[Paus Paulus IV|Paulus IV]] bekend werd gemaakt (in diens bul ''Super Universas'' van [[1559]]). De nieuwe indeling kwam tot stand op aandringen van koning [[Filips II van Spanje|Filips II]] om het oprukkende [[protestant|protestantisme]] terug te dringen. De eerste bisschop werd in 1561 benoemd, de [[Martinikerk (Groningen)|Martinikerk]] werd verheven tot [[kathedraal]]. Het bisdom omvatte alleen de tegenwoordige provincies [[Groningen (provincie)|Groningen]] en [[Drenthe]]. Friesland vormde een apart bisdom met zetel in [[Leeuwarden (stad)|Leeuwarden]]. Dit eerste bisdom Groningen heeft maar kort bestaan: de eerste bisschop, [[Johan Knijff]], was tevens feitelijk de laatste, en zelfs hij had al moeite zijn ambt uit te oefenen. Als hij geen hulp zou hebben gekregen van de [[hertog van Alva]] zou hij de stad niet eens hebben kunnen betreden. Na zijn dood in [[1576]] werd er nog wel tot twee maal toe iemand benoemd, maar deze laatste twee bisschoppen konden niet eens meer in de stad zelf worden gewijd. Groningen viel in het vervolg onder het gezag van de [[Staten-Generaal van de Nederlanden|Staten-Generaal]], in het gebied waar de [[rooms-katholiek]]e Kerk verboden was.
 
In 1561 werd [[Johan Knijf]] tot eerste bisschop benoemd. Bisschop Knijf was een [[Franciscanen|Franciscaan]]. Hij werd in 1563 door [[kardinaal]] [[Granvelle]] in [[Brussel]] tortot bisschop gewijd. De stad verzette zich tegen de komst van een bisschop en pas in 1568 nam mgr. Knijf, gesteund door troepen van de Hertog van [[Alva]], zijn [[cathedra]] in zijn kathedraal in. Hij stierf in 1576 aan de [[pest]]. De overleden bisschop werd vanwege de besmettingsangst snel en zonder veel plichtplegingen begraven in een vrij graf in het [[kooromgang|ambulatorium]] ten oosten van het [[altaar]]. Later werden zijn resten opgegraven en in een grafkelder onder het koor gelegd. Er is geen steen en ook geen grafmonument bewaard gebleven.
 
Dertien jaar lang bleef de in het koor opgestelde bisschoppelijke troon leeg. Pas in 1589 werd de Utrechtse [[kanunnik]] [[Johan van Bruheze]] tot tweede bisschop van Groningen benoemd. Hij kwam nooit naar Groningen en werd in 1593 Aartsbisschop van Utrecht. Zijn opvolger werd de [[dominicaan]] [[Arnoldus Nijlen]]. Deze derde bisschop van Groningen bracht in zijn gevolg tal van [[jezuieten]] mee om de [[contrareformatie]] te bevorderen. Op 22 juli 1594 veroverden prins [[Maurits van Oranje|Maurits]] en de Friese [[stadhouder]] [[Willem Lodewijk]] Groningen.
 
===Het nieuwe bisdom Groningen===
De heroprichter en eerste moderne bisschop was [[Petrus Antonius Nierman|mgr. P.A. Nierman]], tot dan toe pastoor en deken van Groningen. Hij was geen geleerde, maar een praktische zielzorger met een ruime ervaring als kapelaan en pastoor. Hij was een groot voorstander van [[oecumene]] en werkte samen met andere zielzorgers en andere christelijke kerken. In de jaren vijftig en zestig werden er veel moderne kerken in het bisdom gebouwd. Nierman reorganiseerde de kerkelijke structuren en stichtte een [[kleinseminarie]], het [[Liudgerconvict]] in [[Glimmen]]. Het Liudgerconvict was verbonden aan het [[Maartenscollege]], het enige katholieke [[lyceum]] in het Noorden, dat in deze jaren sterk werd uitgebreidgroeide. De Groninger [[Sint-Martinuskerk (Groningen)|Sint-Martinuskerk]], een [[neogotiek|neogotische]] schepping van de [[Roermond (stad)|Roermondse]] architect [[Pierre Cuypers]], werd de nieuwe [[kathedraal]].
 
===Monseigneur Möller, bisschop in een moeilijke tijd===
De opvolger van Nierman als bisschop van Groningen in 1969 was [[Bernhard Möller|mgr. Johann Bernard Wilhelm Maria Möller]]. Zijn episcopaat duurde maar liefst dertig jaar. In deze periode werd ook het nog zo jonge bisdom Groningen getroffen door de kerkelijke crisis (door behoudende katholieken wel [[Tweede Beeldenstorm]] genoemd) die ontstond tijdens het [[Tweede Vaticaans Concilie]]. Het kerkbezoek liep sterk terug, de [[liturgie]] werd indringend gewijzigd en onder de geestelijkheid en de meer kerkbetrokken gelovigen stak de [[polarisatie (katholieke Kerk)|polarisatie]] de kop op. In 1969 werd het Liudgerconvict opgeheven; een jaar later verloor de Sint-Martinuskathedraal zijn functie, om tenslotte in 1982 plaats te maken voor de nieuwbouw van de [[Universiteitsbibliotheek Groningen|universiteitsbibliotheek]]. Later werd de [[Sint-Jozefkathedraal|Sint Jozefkerk]], eveneens van architect Cuypers, en veel meer dan de Sint Martinus een hoogtepunt in diens oeuvre, tot kathedraal verheven.
 
BisschopDe Möller,aimabele eenbisschop wijs en aimabel persoon,Möller had niet de mogelijkheid om iets aan de moeilijkheden van de katholieke kerk te doen. ToenMaar toen de troebelen aan het eind van de jaren negentig van de twintigste eeuw een einde namen, bleek het bisdom Groningen er iets veerkrachtiger uit tevoorschijn gekomen dan de andere bisdommen in Nederland. Het kerkbezoek is op dit moment (2004) een paar procent hoger dan gemiddeld, en de overgebleven katholieken zijn op allerlei terreinen zeer actief en aanwezig. Dit kan misschien verklaard worden uit het feit dat de katholieken in het Noorden zich altijd hebben moeten handhaven te midden van een grote meerderheid van andersdenkenden (een zogenaamde [[diaspora|diasporasituatie]]).
 
===Bisschop Eijk, zuur begin maar zoet vervolg===
Na deze moeilijke start werd het episcopaat van mgr. Eijk tot nu toe vooral getekend door opbouw in alle geledingen van de kerk. Als meest sprekende voorbeeld mag de Groningse kathedraal genoemd worden, die veranderde van een kerk die vooral op slot zat naar een zeer levendige en open kerkgemeenschap. Het aantal [[priesterwijding]]en is de afgelopen jaren wat gestegen
 
Sommigen zijn van mening dat de benoeming van Willem Eijk als bisschop van Groningen-Leeuwarden het bisdom geen goed heeft gedaan: zo werd de rol van [[pastoraal werker|pastorale werkers]] werd teruggedrongen, geheel- volgensmaar de traditie. Analooganaloog daaraan is de [[liturgie|liturgische]] rol van [[Leek (rooms-katholieke Kerk)|leken]] in de Kerkgehele rooms-katholieke erk minder prominent geworden. Het beleid van het bisdom werd traditioneler ten koste van sommige gebruiken die in Nederland in de [[1960-1969|jaren zestig]] en [[1970-1979|zeventig]] ontstonden.
Het aantal katholieken en het aantal kerkbezoekers is in recente jaren verder afgenomen.
 
Op 11 december 2007 werd bekend dat mgr. Eijk met onmiddellijke ingang is benoemd tot [[aartsbisschop]] van [[aartsbisdom Utrecht|Utrecht]]. Voorlopig zal hij ook deDe leiding over het bisdom Groningen bleef hij nog waarnemen. Ook verscheidene andere hogere bisdomfunctionarissen uit de bisdomstaf zijn naar het aartsbisdom en andere bisdommen overgeplaatst, wat de toch al kleine staf nog verder heeft gereduceerd.
 
===Mgr. de Korte===
4.812

bewerkingen