Schola Cantorum (Sint-Janskathedraal)

Sint-Janskathedraal 's-Hertogenbosch

De Schola Cantorum 'Die Sangeren Onser Liever Vrouwen' is de schola cantorum van de Sint-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch, in 1930 heropgericht.

MiddeleeuwenBewerken

Het oudste getuigenis van jongenskoorzang in de Sint-Jan is een testament uit 1274: een rijke Bosschenaar vermaakte destijds drie schellingen per jaar voor het zingen van missen door de jongens van de Latijnse school. Dankzij de oprichting van de Illustre Lieve Vrouwe Broederschap werd het culturele leven in het middeleeuwse 's-Hertogenbosch tot grote hoogte gebracht. Vele zangers werden aangetrokken om in de prachtige kapel wekelijks de misvieringen op te luisteren met missen en motetten van Franco-Vlaamse componisten als Josquin des Prez, Jean Mouton, Pierre de la Rue, Nicolaas Craen, Matthaeus Pipelare, Gheerkin de Hondt, Pierre Moulu en Adriaan Willaert.

Verdere verloopBewerken

In 1629 gaat de Sint-Jan, na inname van de stad door Frederik Hendrik, over in protestantse handen. Pas in 1811 wordt de Sint-Janskathedraal aan de katholieken teruggegeven. Een nieuw mannenkoor wordt opgericht maar de traditie van de jongenskoorzang is volledig verloren gegaan. Deze herleeft pas weer als in 1930 een nieuwe jongensafdeling wordt opgericht door rector cantus Petrus de Bree. Na hem leiden Jan Heerkens en Alphons Knegtel achtereenvolgens de Schola. Onder leiding van directeur Frans van Amelsvoort – in harmonie met Knegtel maar in disharmonie met rector cantus Jan Hoes – groeit de Schola uit tot een van de belangrijkste Nederlandse kerkkoren. Helaas zou in 1954 blijken dat twee kapiteins op een schip niet werken: Hoes wordt overgeplaatst en Van Amelsvoort neemt ontslag waardoor een groot deel van de jongens en heren eveneens opstapt. Floris van der Putt weet echter de kathedrale zang opnieuw op te bouwen. In 1965 wordt Maurice Pirenne de laatste priesterlijke rector cantus. Hij zou dit ambt 26 jaar lang bekleden. Onder hem maakt de Schola een enorme muzikale bloei door. Hoogtepunten uit de periode 'Pirenne' zijn onder meer de opname van 3 LP's, de toekenning van de Jeroen Bosch penning van de stad 's-Hertogenbosch aan de Schola in 1974, het toekennen van de Albert Swane prijs aan de Schola in 1983 en het bezoek van Paus Johannes Paulus II aan de Sint-Jan in 1985. Daarnaast wordt onder Maurice Pirenne in 1972 een nieuwe afdeling opgericht: de Schola Puellarum, het meisjeskoor. Onder Pirenne worden de speerpunten van de Schola uitgebreid. Muziek uit de koorboeken van de Broederschap zoals de Missa Quam pulchra es van Noel Bauldeweyn maar ook moderne koorwerken van Matthieu Geelen, Huub ten Hacken en Pirenne zelf worden gezongen.

Jeroen FelixBewerken

In 1991 wordt Maurice Pirenne opgevolgd door Pieter van Moergastel. Na diens overlijden in 1996 wordt Jeroen Felix de achtste rector cantus van de moderne Schola. Onder zijn leiding worden tal van nieuwe composities op het repertoire gezet, onder meer van Sir David Willcocks en Howard Goodall.

Discografie en bibliografieBewerken

De Schola Cantorum heeft een drietal langspeelplaten gemaakt en enkele cd's. Tevens is in 2005 het boek 'Koorzang in de Sint-Janskathedraal' verschenen t.g.v. het 75-jarig bestaan van het jongenskoor. Het verhaalt onder meer over de uitgebreide geschiedenis die het koor sinds 1274 heeft beleefd.

Rectores cantus vanaf 1929Bewerken

Petrus de Bree 1929–1934
Jan Heerkens 1934–1939
Alphons Knegtel 1939–1946
Frans van Amelsvoort (directeur) 1941–1954
Jan Hoes 1946–1954
Floris van der Putt 1954–1965
Maurice Pirenne 1965–1991
Pieter van Moergastel 1991–1996
Jeroen Felix 1996–heden

Externe linkBewerken