Samenstelling Eerste Kamer 1935-1937

Wikimedia-lijst

De samenstelling van de Eerste Kamer der Staten-Generaal 1935-1937 biedt een overzicht van de Eerste Kamerleden in de periode na de Eerste Kamerverkiezingen van 26 juli 1935. De zittingsperiode ging in op 17 september 1935 en liep af op 7 juni 1937.

Er waren toen 50 Eerste Kamerleden, verkozen door vier kiesgroepen, samengesteld uit de leden van de Provinciale Staten van alle Nederlandse provincies. Eerste Kamerleden werden verkozen voor een termijn van zes jaar, om de drie jaar werd de helft van de Eerste Kamer hernieuwd.

Wijzigingen in de samenstelling gedurende de zittingsperiode staan onderaan vermeld.

Samenstelling na de Eerste Kamerverkiezingen van 26 juli 1935Bewerken

RKSP (16 zetels)Bewerken

SDAP (11 zetels)Bewerken

CHU (7 zetels)Bewerken

ARP (6 zetels)Bewerken

Vrijheidsbond (5 zetels)Bewerken

VDB (3 zetels)Bewerken

NSB (2 zetels)Bewerken

BijzonderhedenBewerken

  • Bij de Eerste Kamerverkiezingen van 26 juli 1935 werden 25 Eerste Kamerleden verkozen in de kiesgroepen I en III.
  • Willem Hendrik Martinus Werker (VDB) kwam op 17 september dat jaar in de Eerste Kamer als opvolger van Marcus Slingenberg, die op 31 juli 1935 tot minister van Sociale Zaken was benoemd.