Hoofdmenu openen

Richtingaanwijzer

auto-onderdeel
Richtingaanwijzer op een VW Golf
Uitgeklapte richtingaanwijzer bij een auto uit de jaren 30

Een richtingaanwijzer, clignoteur of knipperlicht (in België vaak pinker genoemd) is een signalisatielicht op een voertuig dat wordt gebruikt om andere verkeersdeelnemers duidelijk te maken dat een voertuig van richting gaat veranderen of een zijdelingse beweging gaat maken.

De specificaties waaraan een richtingaanwijzer moet voldoen zijn wettelijk vastgelegd. Zo moet de kleur van de richtingaanwijzer vooraan wit of oranjegeel zijn, en achteraan rood of oranjegeel. In de zijflanken moet de richtingaanwijzer oranjegeel knipperen. De knipperfrequentie moet 90 per minuut zijn met een tolerantie van 30. Op het dashboard van de auto knippert een verklikkerlampje synchroon met de richtingaanwijzers buiten. Ook is meestal een akoestische terugkoppeling aanwezig. Wanneer de knipperlichten of de terugkoppeling opeens veel sneller gaan dan ze normaal gesproken doen, kan dat een indicatie zijn dat een of meer lampen defect zijn.

Wanneer de knipperlichten tegelijkertijd links en rechts knipperen, is dat een alarmsignaal. Wanneer plotseling alle knipperlichten van een rijdend voertuig ontstoken worden, kan dit duiden op een gevaar op de weg, zoals een plotselinge file, ongeval of defect. Ook een voertuig dat op een ongebruikelijke plaats stilstaat, gebruikt alarmknipperlichten.

GeschiedenisBewerken

De eerste auto's hadden geen richtingaanwijzers; de bestuurder, die meestal in de open lucht zat, gaf richting aan door een arm naar links of rechts uit te steken. Bij oldtimers komt dat nog steeds wel voor en het is de normale werkwijze bij fietsers en bromfietsers.

Latere auto's hadden als richtingaanwijzer een uitklapbare arm, soms verlicht. Deze werd bediend door aan een touwtje te trekken, later elektrisch. Tot in de jaren 60 waren dergelijke richtingaanwijzers een normaal verschijnsel.

In Nederland werd een richtingaanwijzer bij trams pas op 1 juli 1957 verplicht.[1]

TriviaBewerken

 
Naar rechts

Geeft men richting aan met de arm, dan steekt men de linker- of rechterarm horizontaal uit. In sommige landen (onder andere Spanje en VS) wordt echter steeds de linkerarm gebruikt. Om naar rechts aan te geven, wijst de bestuurder omhoog (of over zijn hoofd naar rechts), met de bovenarm horizontaal.