Hoofdmenu openen

Raakstorens

waterpoort in Haarlem

De Raakstorens waren een waterpoort over de Haarlemse Beek. De torens waren met elkaar verbonden middels een stenen brug en zijn in 1420 of 1425 gebouwd om de toegang tot de stad Haarlem via de beek te kunnen controleren. Via deze poort werd water in schuiten naar de brouwerijen vervoerd. Het water werd in de Brouwerskolk ingeladen en via de Brouwersvaart en de Raakspoort kwamen de schuiten de stad in.

Raakstorens
Prent van de Raakstorens in Haarlem in 1860
Prent van de Raakstorens in Haarlem in 1860
Locatie
Locatie Haarlem
Status en tijdlijn
Status Gesloopt in 1866
Oorspr. functie Vestingwerk
Opening 1420 of 1425
Sluiting 1866
Verbouwing tussen 1589 en 1593
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Door de stadsuitbreidingen in de 15e eeuw was deze beek deels binnen de stadsmuren komen te liggen. 's Nachts kon de doorvaartopening in de poort worden afgesloten door een ketting - een zogenaamde raaks - over het water te spannen. Gonnet spreekt zelfs van meer kettingen 'raaksen' die onder de waterspiegel werden gehangen.

Tijdens het Beleg van Haarlem (1572-1573) werden de torens zwaar beschadigd. In 1589 werd gestart met het herstel van diverse beschadigde verdedigingswerken, waaronder de Raakstorens. De torens die wij kennen en zoals afgebeeld op het prentje van 1860, zijn de herbouwde versies van eind 16e eeuw. Na het beleg van Haarlem kreeg de stad genoeg middelen om de vestingwerken weer te herbouwen.

Op 6 december 1866 werd de Raakspoort voor sloop voor de somma van ƒ 585,- aan Jan Kuyper te Spaarndam verkocht.

De sloop paste in het beleid van het Haarlemse bestuur, om van Haarlem een meer open stad te maken. Bovendien drukte het onderhoud van de stadspoorten zwaar op de stadsbegroting. In de 19e eeuw zijn alle Haarlemse vestingwerken op de Amsterdamse Poort na, verdwenen.