Hoofdmenu openen

Lucretia Redan

diplomaat uit Suriname

Lucretia Redan (Paramaribo, 21 juni 1962) is een Surinaams diplomaat en bestuurder. Sinds 2014 was ze rond drie jaar zaakgelastigde van Suriname in Nederland, bij afwezigheid van een ambassadeur. Daarvoor was ze onderdirecteur voor consulaire zaken op het ministerie van Buitenlandse Zaken en hoofd Humanresourcesmanagement van de Surinaamse Politie.

Lucretia Redan
Lucretia Patricia Elisabeth Redan-Tolud
Geboren 21 juni 1962
Paramaribo
Beroep zaakgelastigde
Huidige functie
Aangetreden 2014
President Desi Bouterse
Portaal  Portaalicoon   Politiek

BiografieBewerken

Redan werd in Paramaribo geboren[1] en studeerde van 1981 tot 1985 voor Hoger Officier aan de hbo-opleiding van het Korps Politie Suriname. Daarna werkte ze ongeveer dertig jaar voor de politie, onder meer als docent politie en mensenrechten, bestuurskunde en personeelsbeleid. De laatste zes jaar was ze afdelingshoofd voor Humanresourcesmanagement en lid van het managementteam.[2]

Ze deed er van 2004 tot 2005 een studie humanresourcesmanagement naast aan de Universiteit van Suriname en de Avans Hogeschool. Vervolgens studeerde ze aan het F.H.R. Lim A Po-instituut in governance en rondde dit in 2007 af met een Master of Public Administration (MPA). Van 2008 tot 2009 studeerde ze internationale relaties aan de University of the West Indies in Trinidad en Tobago, dat ze eveneens afrondde met een mastergraad.[2]

Rond 2011 werd ze onderdirecteur voor consulaire zaken op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Toen in september 2014 de post van zaakgelastigde vrijkwam in Nederland, volgde ze Chantal Doekhi op.[3] Deze functie is tijdelijk de hoogste vertegenwoordiging van Suriname in Nederland, omdat het land sinds het aantreden van het eerste Kabinet-Bouterse geen ambassadeur meer heeft afgevaardigd.[4] Hier bleef ze aan tot de zomer van 2017. Ze werd ad interim opgevolgd door Ebu Jones.[5]

Sinds 20 juli 2017 maakt Redan deel uit van het Ondersteuningsteam Korps Politie Suriname. Dit team is ingesteld om het vertrek van korpschef Agnes Daniël op te vangen.[6]

Zie ookBewerken