Hoofdmenu openen
Een Rotterdamse Citadis op de keerlus bij de eindhalte Limbrichthoek (Beverwaard)
Keerlus voor de Arnhemse trolleybuslijn 7 in Rijkerswoerd

Een keerlus is een eindpunt van trams of (trolley)bussen met één bestuurscabine (eenrichtingsvoertuigen) in de vorm van een lus. Het grote voordeel van een keerlus is dat het keren snel kan gebeuren.

Een nadeel is dat deze methode ruimte vraagt. Bij onvoldoende ruimte kan er een draaischijf aangelegd worden.

Bij het eindpunt Burg, Brücke van de Solingse trolleybuslijn 683 was een draaischijf in gebruik. Ook de Kabeltram van San Francisco kent een draaischijf.

Ook de Wuppertaler Schwebebahn heeft aan beide eindpunten een keerlus. Er bestaan ondergrondse keerlussen, zoals in Brussel in het metrostation Montgomery en in Charleroi in het premetrostation Beaux-Arts.

Sommige goederenspoorlijnen, met name die speciaal zijn aangelegd voor het vervoer van bulkgoed (erts, steenkool en andere delfstoffen) tussen mijn en haven (ertsspoorlijn) zijn voorzien van keerlussen aan de eindpunten. De benodigde ruimte voor de keerlus is hier geen bezwaar.

Voor tweerichtingsvoertuigen (treinen, metro's, sneltrams en sommige trams) wordt vaak aan een eindpunt een overloopwissel gebruikt. Dit vraagt minder ruimte dan een keerlus, vooral bij grotere voertuigen waar de boogstraal erg groot zou worden.

Nog een andere mogelijkheid is een keerdriehoek, waarbij men even achteruit moet rijden. Een bus kan natuurlijk achteruitrijden, maar men doet het niet graag omdat de bestuurder slecht uitzicht heeft. Een tram heeft dat probleem niet: een eenrichtingstram heeft meestal een bedieningspaneel onder de achterbank, waarmee probleemloos een kort stukje achteruit kan worden gereden.

Zie ookBewerken