Hoofdmenu openen
Hongaarse minderheden

Artikel 6.3 van de Hongaarse grondwet[1]

De Hongaarse Republiek heeft een verantwoordelijksheidsgevoel voor het lot van de Hongaren van buiten haar grenzen, en zal hun relaties met Hongarije aanmoedigen en koesteren.

Hongaarse minderheden bestaan uit etnische groepen met Hongaars als moedertaal maar die buiten Hongarije wonen. In de praktijk bedoelt men meestal enkel de minderheden in de buurlanden van Hongarije en niet de Hongaren die naar West-Europa, Israël of Amerika zijn geëmigreerd.

GeschiedenisBewerken

Tot de Eerste Wereldoorlog vormden de Hongaren ongeveer de helft van de bevolking van het Koninkrijk Hongarije, maar waren vooral in het kerngebied daarvan geconcentreerd. In 1920 werden bij het Verdrag van Trianon de gebieden rondom die kern verdeeld onder oude en nieuwe buurlanden. Omdat Hongarije de oorlog had verloren, kreeg het echter geen inspraak bij het bepalen van de nieuwe grenzen. Grote Hongaarse bevolkingsgroepen werden zo inwoner van één van de buurlanden. De Csángó's, een Hongaarstalige etnische groep uit Oost-Roemenië, hebben evenwel nooit binnen het Hongaarse Rijk gewoond maar hebben wel hun oorspronkelijke cultuur en de archaïsche Hongaarse taal behouden.

PolitiekBewerken

De Hongaren hebben de bepalingen van Trianon altijd als een groot onrecht ervaren en voelen zich tot op de dag van vandaag betrokken bij hun taalgenoten over de grens, wat expliciet staat in artikel 6 van de Hongaarse grondwet.[1] Dit uitgangspunt werd in 2001 vertaald naar de statuswet, waardoor spanningen ontstonden met Slowakije en Roemenië.

Op 5 december 2004 werd in Hongarije een dubbel referendum georganiseerd over enerzijds het toekennen van de Hongaarse nationaliteit aan etnische Hongaren uit het buitenland, en anderzijds over de privatisering van de ziekenhuizen. Een zeer nipte meerderheid stemde voor het eerste en een ruime meerderheid tegen het tweede, maar het referendum werd door de regering van Ferenc Gyurcsány ongeldig verklaard door een te lage opkomst.[2] De liberaal-socialistische regering voerde campagne tegen de goedkeuring van beide voorstellen, en stelde dat de verlening van een dubbele nationaliteit een massale arbeidsmigratie vanuit de armere buurlanden in gang zou zetten en het Hongaarse overheidsbudget nog verder zou belasten.[3] De oppositiepartij Fidesz van voormalig premier Viktor Orbán voerde campagne voor de goedkeuring van de beide voorstellen en vroeg de regering alsnog de dubbele nationaliteit goed te keuren.[2]


In 2010 toen Fidesz opnieuw aan de macht kwam was de wet op het staatsburgerschap als een van de eerste acties van de nieuwe regering tot stand. Dit betekent dat de Hongaren buiten de grenzen recht hebben op het Hongaars Staatsburgerschap. In december 2013 legde de bekende Roemeense Hongaar Csaba Böjte als 500.000ste de eed af en kreeg het Hongaars Staatsburgerschap.

Overzicht van de Hongaarse minderhedenBewerken

  Roemenië
   1.268.444 (2011)
De Hongaarse minderheid in Roemenië is de grootste minderheid in Roemenië en maakt er 6,7% van de totale bevolking uit. De meeste Hongaren wonen er in Zevenburgen of Transsylvanië, waar ze ongeveer 20% van de bevolking uitmaken. Hierin zijn ook de historische regio's Banaat, Crișana en Maramureș inbegrepen. De Hongaren vormen de meerderheid in de districten Harghita (84,61%) en Covasna (73,81%) en een grote minderheid in Mureș (39,3%), Satu Mare (35,22%), Bihor (25,91%) en Sălaj (23,07%). Volksgroepen die tot deze minderheid behoren zijn de Szeklers en de Csángó's.

  Slowakije
   458.467 (2011)
De Hongaarse minderheid in Slowakije is de grootste minderheid in Slowakije en maakt 8.5% van de totale bevolking van het land uit. Het is na de Hongaarse minderheid in Roemenië de grootste Hongaarse gemeenschap buiten Hongarije en woont in het hele zuiden van het land, aan de grens met Hongarije.

  Servië
   253.899 (2011)
De Hongaarse minderheid in Servië is met 3,53% van de hele bevolking na de Albanezen (of Kosovaren) de grootste minderheid in Servië. Ze wonen voor het overgrote deel in de noordelijke provincie Vojvodina, waar ze 12,48% van de bevolking uitmaken. In die provincie is het Hongaars een van de zes officiële talen.

  Oekraïne
   156.600 (2001)
De Hongaarse minderheid in Oekraïne maakt 0,3% van de Oekraïense bevolking uit. Ze woont geconcentreerd langs de Hongaarse grens in het oblast Transkarpatië. De Hongaren vormen in die provincie 12,1% van de bevolking.

  Oostenrijk
   40.583 (2001)
De Hongaarse minderheid in Oostenrijk bedraagt, na aftrek van de Hongaarse staatsburgers, 25.884. Burgenland, in het extreme oosten van Oostenrijk, aan de Hongaarse grens, heeft een Hongaarse minderheid van 2,4%. Veel Hongaarstaligen zijn ook uitgeweken naar steden elders in het land.

  Kroatië
   14.048 (2011)
De Hongaarse minderheid in Kroatië maakt 0,33% van de totale Kroatische bevolking uit en is daarmee de vierde minderheid van het land. In het uiterste oosten vormen de Hongaren een minderheid van 2,7% in de provincie Osijek-Baranja. Circa 8000 Hongaren wonen in de streek Baranja.

  Slovenië
   6.243 (2002)
De Hongaarse minderheid in Slovenië bedraagt 0,32% en is de kleinste autochtone Hongaarse minderheid buiten Hongarije. In Prekmurje, in het uiterste oosten aan de Hongaarse grens, is het Hongaars in de gemeenten Hodoš, Dobrovnik en Lendava een officiële taal.