Henri Dewandre

advocaat uit België (1790-1862)

Henri-François-Joseph-Barthélemi Dewandre, ook de Wandre (Luik 26 februari 1790 - 30 september 1862) was lid van het Belgisch Nationaal Congres.

Henri Dewandre

LevensloopBewerken

Henri Dewandre was een telg uit de familie Dewandre. Hij volbracht zijn middelbare studies aan het lyceum van Luik. Samen met zijn broer Barthélemy-François Dewandre trok hij naar Parijs en keerde in 1813 terug met het diploma van licentiaat in de rechten. Hij vestigde zich als advocaat in zijn geboortestad. Hij was een van de promotoren in 1816 van de jongerenconferentie 'La Basoche', waar hij tot in 1826 voorzitter van was. Hij werd bij herhaling tot stafhouder verkozen en werd ook de deken van de advocaten. Hij was vele jaren plaatsvervangend rechter en wees na 1830 een uitnodiging af om raadsheer bij het hof van beroep in Luik te worden.

In het sociale leven van Luik was Dewandre onder meer bij de volgende activiteiten betrokken:

  • Werkend lid (1815), secretaris-generaal (1817), vicevoorzitter (1845), voorzitter (1847) van de 'Société d'Emulation de Liège'
  • Bestuurder van de adviescommissie nopens de gevangenis in Luik (1823) en vicevoorzitter (1834). Hij had heel wat architecturale kennis, die hij aanwendde als raadgever bij de bouw van de gevangenis in Luik
  • Promotor van de vereniging voor de oprichting van een gemeentelijke middelbare school en van een normaalschool (1818)
  • Voorzitter van de Commissie voor het Stedenschoon (1825)
  • Voorzitter van de 'société d’encouragement pour l’instruction élémentaire dans la province de Liège' (1829-1838)
  • Lid van de bestuurscommissie van het Koninklijk Muziekconservatorium (1848)
  • Lid van de controlecommissie voor de psychiatrische instellingen (1852)
  • Voorzitter van de 'Association liégeoise pour l’encouragement des beaux-arts' (1857)
  • Corresponderend lid van de Koninklijke Commissie voor monumenten (1861)

Hij werd ook erelid van de Académie d’archéologie d’Espagne (1850) en correspondent van de Académie de Grenoble, het Institut archéologique liégeois (1853) en de Vereniging voor Wetenschappen, Kunsten en Letteren in Antwerpen (1841).

In oktober 1830 werd hij gemeenteraadslid en bleef dit tot in 1836.

Op 5 november 1830 werd hij tot plaatsvervangend lid van het Nationaal Congres verkozen als vertegenwoordiger van het arrondissement Luik. Hij trad toe tot het Congres op 14 april 1831, in vervanging van de ontslagnemende Joseph-Louis de Waha, maar bleef slechts lid tot 13 juni. Hij nam in die korte tijd geen enkele keer het woord, maar stemde voor de kandidatuur van Leopold van Saksen Coburg. Waarom hij zijn termijn als congreslid voortijdig beëindigde, is niet geweten.

Sinds 1840 was hij lid van de kerkfabriek van de Sint-Kruiskerk en had een belangrijk aandeel in de restauratie van deze romaanse kerk. Voor het hof van beroep verdedigde hij de eigendomsrechten van de stad op het prins-bisschoppelijk paleis en, zodra hij gelijk had gekregen, had hij een aandeel in de versnelling van de restauratiewerken aan dit monument.

LiteratuurBewerken

  • M. A. LE ROY, Notice sur H. F. J. B. de Wandre, président de la Société d’Emulation, Luik, 1863
  • U. CAPITAINE, Nécrologe liégeois pour l’année 1862,, in: Annuaire de la Société d'Emulation de Liège, Luik, 1868, pp. 80-87