Hoofdmenu openen
Schilderij van Albrecht Dürer uit 1507

Eva (Hebreeuws: חַוָּה, ḥawwāh, "moeder van alle levenden") was volgens Genesis in de Hebreeuwse Bijbel de eerste vrouw, rechtstreeks door God gemaakt uit een rib van Adam, de eerste man.[1]

In de Bijbel is Eva de eerste mens die zondigde door een vrucht te eten van de boom van de kennis van goed en kwaad. Zij deed dat op aanraden van een sprekende slang.

Inhoud

Eva in de Hebreeuwse BijbelBewerken

 
God schept Eva uit een rib van Adam

Het scheppingsverhaal in het eerste hoofdstuk van Genesis stelt slechts in algemene termen dat God de mens schiep en dat hij de mensen zowel mannelijk als vrouwelijk schiep, wat soms geïnterpreteerd is als een gelijktijdige schepping van man en vrouw. Genesis 2 beschrijft echter één man, Adam, als eerste mens. Na een aantal andere gebeurtenissen wordt verteld dat God vond dat Adam een levensgezel nodig had. Aangezien er nog geen andere mensen waren, schiep Hij de vrouw uit een van Adams ribben.

Samen leefden Adam en Eva in de Hof van Eden. Een slang wist Eva echter te verleiden tot het eten van de vruchten van de verboden boom van de kennis van goed en kwaad. Hierop bracht zij Adam ertoe er ook van te eten, wat leidde tot de zondeval, waarna zij uit het Paradijs werden verdreven.

Adam en Eva kregen minstens drie zoons: Kaïn, Abel en Seth en een aantal dochters waarover verder niets gezegd wordt.

JodendomBewerken

Volgens een joodse traditie was Eva de tweede vrouw van Adam. De eerste was Lilith.

ChristendomBewerken

In het Nieuwe Testament wordt Eva tweemaal genoemd.[2]

In de Rooms-katholieke theologie wordt Maria gezien als de "nieuwe Eva". In de beeldende kunst wordt zij vaak voorgesteld als een vrouw die de slang vertrapt.

IslamBewerken

In de Koran wordt Eva niet genoemd bij naam doch slechts als "echtgenote van Adam". Vanuit de Hadith zijn er wel overleveringen over haar te vinden. Eva wordt bij de moslims Hawwā (Arabisch:حواء) genoemd. Volgens enkele islamitische overleveringen ligt ze begraven in de Tombe van Eva die zich in de Saoedische havenstad Djedda bevindt.

De verwijzingen naar Eva in de Koran zijn bijvoorbeeld te vinden in Soera De Koe 35 en Soera De Kantelen 189.

GnostiekBewerken

In de de gnostische literatuur worden Kaïn en Abel bij Eva verwekt als gevolg van een verkrachting van haar door de archonten, de dienaren van de demiurg. Seth is de zoon van Adam en Eva. In die literatuur wordt een dochter met de naam Norea genoemd. In het Wezen van de Wereldheersers is zij een dochter van Eva, maar Adam wordt niet als de vader genoemd. De tekst maakt duidelijk dat het hier om een maagdelijke geboorte handelt.

BegraafplaatsBewerken

Volgens sommige Joodse tradities liggen Adam en Eva in de Grot van Machpela begraven in de omgeving van Hebron. Volgens sommige islamitische bronnen bevindt Eva's graf zich in de Saoedische havenstad Djedda.

Zie ookBewerken